Mensenrechtenencyclopedie
© Flickr.com / CC / valerieroybal

Sport en mensenrechten

Dat sport en mensenrechten samenhangen, is vaak hardnekkig ontkend, maar onder meer door de Olympische Spelen in China in 2008 ontstond discussie of het organiseren van prestigieuze sportevenementen niet een versterking van onderdrukkende regimes inhoudt.

Het Internationaal Olympisch Comité voorspelde dat de Spelen in China zouden leiden tot verbetering van de mensenrechten in het land, onder meer door toegenomen internationale aandacht. Maar van zo’n verbetering was in de aanloop tot de Spelen geen sprake. Zo leidde de bouw van stadions en accommodatie tot gedwongen huisuitzetting zonder compensatie. Ook trad de Chinese overheid hard op tegen degenen die misstanden onder de internationale aandacht wilden brengen. De organisatie Olympic Watch greep de Spelen in China aan om aandacht te vragen voor de beperking van vrijheid van meningsuiting, grootschalige toepassing van de doodstraf en de onderdrukking in Tibet.

Sport en mensenrechtenschendingen

  • De uitingen van nationalisme tijdens internationale sportevenementen waren niet zelden een vorm van politieke steun aan regimes, zoals tijdens het wereldkampioenschap voetbal in Argentinië in 1978; in die tijd maakte het regime duizenden mensen tot slachtoffer van verdwijningen.
  • Eerder waren de Olympische Spelen aanleiding tot politieke controverse, zoals de Spelen in Berlijn in 1936, ten tijde van het Hitler-bewind, en de Spelen in Moskou in 1980 die door onder meer de Verenigde Staten werden geboycot vanwege de gevangenhouding van veel dissidenten.
  • Tijdens de Olympische Spelen van 1968 in Mexico doodde de politie circa driehonderd demonstrerende studenten. Nog in 2006 weigerde het Hooggerechtshof de toenmalige president daarvoor verantwoordelijk te stellen.
  • De Oost-Duitse geheime dienst Stasi eiste in de jaren zeventig en tachtig dat voetbalclub Dynamo Berlin kampioen van de DDR zou worden en ging over tot omkoping van scheidsrechters en bedreiging van tegenstanders. Meer dan de helft van de spelers en trainers was informeller Mitarbeiter, informant van de Stasi. Sportlieden in Oost-Europese landen zaten zwaar onder de dope, vaak zonder dat ze het wisten (ze dachten dat ze vitaminen kregen). Ongeveer 800 voormalige DDR-sporters lijden aan de gevolgen, waaronder borstkanker, testikelkanker en hartfalen. Eind 2005 spanden 190 van hen een proces aan tegen een farmaceutische multinational; ze eisten miljoenen euro’s compensatie. Eind 2006 betaalde de firma Jenapharm, die miljoenen pillen had versterkt, in een onderlinge regeling met 184 voormalige DDR-sporters ieder 9,250 euro.
  • Racisme is een groot probleem in de voetbalwereld en uit onder meer Italië zijn talloze incidenten gemeld; geregeld verschenen in Italiaanse stadions hakenkruisvlaggen.
  • Iran verbood vrouwen naar voetbal of volleybal te kijken. Het Iraanse regime was ook beducht voor politieke uitingen van voetbalfans in het buitenland en censureerde tv-uitzendingen van wedstrijden. Toen Iraanse vrouwen, onder wie parlementsleden, in 2017 met een ticket de voetbalwedstrijd Iran-Syrië wilden bijwonen werd hun de toegang geweigerd.
  • Bij het wereldkampioenschap voetbal in Duitsland in 2006 vroegen mensenrechtenorganisaties aandacht voor gedwongen prostitutie en mensenhandel, die naar verwacht tijdens het kampioenschap zouden toenemen. De wereldvoetbalbond FIFA verklaarde toen geen macht te hebben om gedwongen prostitutie tegen te gaan.

Sport: veel voorkomende mensenrechtenkwesties

De mensenrechtenkwesties die zich in de sport, vooral bij grote evenementen, vaak voordoen, zijn onder meer:

  • Fraude, corruptie en bedreigingen bij de toewijzing van evenementen.
  • Gewelddadige en onwettige ontruiming zonder schadeloosstelling op plaatsen waar accommodatie of vervoer moet komen.
  • Mensonwaardige of levensgevaarlijke praktijken, uitbuiting en dwangarbeid bij de aanleg van accommodaties.
  • Toediening van doping zonder medeweten van de sporters zelf.
  • Discriminatie van vrouwen, LHBTI’s en anderen bij de toegang tot evenementen.
  • Racistische uitingen van het publiek.
  • Bedreigingen en lastigvallen van journalisten en mensenrechtenverdedigers rond evenementen, onderdrukking van demonstraties.
  • Onbeschermde prostitutie en mensenhandel rond evenementen.

Sport en mensenrechten: Amnesty’s visie

Amnesty is verontrust dat de internationale gemeenschap en sportorganisaties telkens te laat reageren op mensenrechtenschendingen die verband houden met grote sportevenementen. Sporters en publiek zien mensenrechten en sport nog vaak als gescheiden zaken, ook bij mega-evenementen op plaatsen waar grootschalig mensenrechten worden geschonden en waar politiek en economisch gewin de aandacht voor schendingen overvleugelen. Amnesty kwam daarom in actie bij belangrijke evenementen zoals het WK voetbal in Brazilië (2014), Rusland (2018) en Qatar (2022), en de Olympische Spelen in Rusland (2014) en Brazilië (2016). Amnesty beoogt structurele verbeteringen in het beleid van het Internationaal Olympisch Comité en de internationale sportbonden te bewerkstelligen.

Het Internationaal Olympisch Comité, internationale sportbonden en ook de Europese Unie en regeringen hebben zich in recente jaren, vooral sinds de Winterspelen in Sotsji (Rusland) in 2014, toenemend bereid getoond om eisen te stellen aan de naleving van mensenrechten bij het organiseren van mega-evenementen. Zo verklaarde de Nederlandse regering in 2016 dat ze ‘zich inzet om vanuit de Europese Unie druk uit te oefenen om toewijzing en organisatie van sportevenementen zo transparant mogelijk te maken en te laten verlopen volgens principes van goed bestuur, waarbij ook aandacht is voor criteria ten aanzien van onder andere mensenrechten […] De EU-inzet is om tot conclusies te komen over de integere en transparante toewijzing, uitvoering en verantwoording van grote sportevenementen.’ Hiermee is deels gehoor gegeven aan Amnesty’s aanbevelingen.