Mensenrechtenencyclopedie
© Flickr.com / CC / valerieroybal

Menselijke waardigheid, respect en mensenrechten

Het idee van menselijke waardigheid is een pijler onder de mensenrechten en misschien wel het enige beginsel dat alle mensenrechten verbindt.

Het begrip waardigheid wordt op veel verschillende manieren gebruikt, soms in directe relatie met mensenrechten, soms ook als verwijzing naar wat in een samenleving als recht op respect wordt gezien.

Menselijke waardigheid door de eeuwen heen

Over waardigheid wordt al eeuwen gesproken. Het begrip neemt een centrale plaats in in de grote religies en de filosofie van de mensenrechten. In het oude Griekenland (timia) en Rome (dignitas) beschermde het idee van menselijke waardigheid vrije burgers tegen bijvoorbeeld marteling en ‘onwaardige’ vormen van executie. In de preambules van de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens en de VN-verdragen van 1966 wordt over de (inherente) waardigheid van de menselijke persoon gesproken. De Universele Verklaring stelt ook dat het bestaan moet voldoen aan de menselijke waardigheid en dat mensen gelijk zijn in waardigheid en rechten. Volgens deze verklaring is de menselijke waardigheid een van de beginselen van de universaliteit van mensenrechten.

De Romeinse filosoof Cicero zag waardigheid als iets wat de Romeinse burger onderscheidde van buitenlanders, en van slaven. In de Middeleeuwen stelde Thomas van Aquino dat waardigheid het onderscheid was tussen mens en dier. De 15e-eeuwse denker Giovanni Pico della Mirandola deed een aanzet voor de definiëring van menselijke waardigheid als grondbeginsel van universele waarden (niet plichten). In zijn Rede over de waardigheid van de mens bepleitte hij de verzoening van klassieke filosofie, christendom en oosterse tradities. De filosoof Immanuel Kant koesterde in de 18e eeuw de opvatting, in de geest van de Verlichting, dat waardigheid een andere naam was voor redelijkheid, fatsoen en gecontroleerde passie. Alle historische definities gingen in het algemeen over plichten die leiden tot respect voor mensen: een fatsoenlijk mens moest zich met waardigheid gedragen.

Kwesties van menselijke waardigheid

In verschillende betekenissen speelt de menselijke waardigheid een rol in wetgeving, politieke besluiten, maatschappelijke discussie en de filosofie. Het begrip ‘menselijke waardigheid’ wordt gebruikt in verband met begrippen zoals de onderstaande.

Mensenrechten

In verdragen van de Verenigde Naties en regionale organisaties wordt vaak verwezen naar menselijke waardigheid als bron. Menselijke waardigheid is het beginsel dat aan alle mensenrechten gemeenschappelijk ten grondslag ligt. Juist doordat het begrip niet scherp gedefinieerd is, is het acceptabel in een brede betekenis van het woord.

Menselijkheid

De term wordt gebruikt in de zin van de ‘misdrijven tegen de menselijkheid’, dat wil zeggen dat de algemene en gedeelde menselijke waardigheid geschonden wordt door martelen, genocide, slavernij en andere zeer ernstige misdrijven. Waardigheid is dan het recht op bescherming tegen vernedering en ontmenselijking. Waardigheid is speciaal ook het recht op bescherming van kwetsbare mensen: vrouwen, kinderen, etnische minderheden, vluchtelingen, daklozen en zo meer.

Menselijke ontwikkeling en menselijke veiligheid

De term ‘menselijke ontwikkeling’ (human development) wordt door onder meer de VN-ontwikkelingsorganisatie UNDP gebruikt voor het niveau van sociaaleconomische condities waarin mensen leven, en het effect op hun levensverwachting, alfabetiseringsgraad en per capita inkomen. Nauw daaraan verwant is ‘menselijke veiligheid(human security). Onder deze benaming brengen de VN en andere organisaties rapporten uit over de wereldwijde verspreiding van oorlogsgeweld, kindsoldaten, burgerslachtoffers en terrorisme, maar ook de  effecten van hiv/aids, armoede en onderontwikkeling.

Lichamelijke en geestelijke integriteit

De waardigheid van mensen kan worden geschonden door seksuele intimidatie, zoals in MeToo, of door belediging, bedreiging, vernedering, laster en zo meer. Ook kan de waardigheid worden geschaad door geweld, zoals door een politieagent of door geweld de huiselijke sfeer. Lang niet al die aantasting van de waardigheid kan een mensenrechtenschending worden genoemd, maar het effect op het slachtoffer kan groot en langdurig zijn. In Frankrijk is er een verbod gekomen op ‘dwergwerpen’, een kermisactiviteit waarin een klein goed ingepakt persoon zich laat gooien door mensen die daarvoor betalen. Het juridisch argument was dat het een schending van de waardigheid was, ook al voerde de ‘dwerg’ zelf aan dat hij vrijwillig had gekozen voor deze manier om een inkomen te verwerven. En onderwerp van discussie is of sommige beroepen, zoals dat van sekswerker of pornoacteur, in overeenstemming zijn met de waardigheid van de persoon. En of deelname aan ‘reality tv’ programma’s over de grenzen van waardigheid kan gaan.

Bescherming van de persoonlijke levenssfeer

De menselijke waardigheid wordt vaak genoemd als de basis van het recht op privacy. Het openbaar maken van persoonlijke gegevens, het hacken van een internetaccount, het afluisteren van gesprekken, het ongevraagd fotograferen, persoonlijke aanvallen op internet: al die handelingen kunnen de waardigheid aantasten ook als ze niet in strikte zin illegaal zijn.

Bescherming van de identiteit

Er is veel discussie over de mate van waardigheid die verbonden zou zijn aan een bepaalde identiteit en de discriminatie ervan. In Nederland vragen bijvoorbeeld lhbti-ers, transgenders, moslims, zwarten, migranten, daklozen, ongedocumenteerden enz. geregeld om erkenning van hun specifieke waardigheid. Individuen zouden niet gekwetst, beledigd of geïntimideerd moeten worden vanwege hun groepsidentiteit, of die nu is aangeboren dan wel gekozen. Het internationaal recht erkent dat ‘recht op respect’ in de veroordeling van onder meer racisme, religieuze onverdraagzaamheid, discriminatie en vernederende behandeling.

Respect voor de maatschappelijke positie

Elke maatschappij kent aan bepaalde personen (gezagsdragers) een specifiek recht op respect toe. Vaak is dat in wetten vastgelegd of in omgangsregels gebruikelijk geworden, zoals aangaande de positie van de koning, rechters, politieagenten, parlementariërs, hulpverleners, geestelijken enzovoort.

Ziekte en levenseinde

In discussies rondom onder meer euthanasie, gezondheidszorg (pleeghuizen) en hulpverlening bij psychische problemen duikt de term (menselijke) waardigheid vaak op. De term duidt dan op een minimum aan respect dat aan zorgbehoevenden, patiënten en andere mensen moet worden betoond. Het geldt ook voor een waardige psychiatrische behandeling, Dit zou bijvoorbeeld moeten worden gegarandeerd vanuit het beginsel van recht op leven. Dat recht houdt ook een recht op menswaardig sterven in.

Waardigheid als brede mensenrechten

Nederland heeft geen Mensenrechtenwet zoals de Human Rights Act in het Verenigd Koninkrijk. Die Act, in 1988 aangenomen in verband met het Europese Mensenrechtenverdrag, regelt heel veel. Het is een organieke wet, telkens aangevuld met zaken die zich in de praktijk hebben voorgedaan. Dus komen ook omstandigheden in gevangenis, bejaardentehuis, verpleegcentrum, school, werk aan bod. Het idee: veel kwesties zijn te vertalen in en op te lossen met mensenrechten. Het manifest van de Conservatieven van de algemene verkiezingen in 2017 beloofde de Human Rights Act te behouden ‘gedurende het proces van de Brexit’.

Wat betekende de Act zoal? Dat een echtpaar dat 65 jaar had samengeleefd het recht had ook in hetzelfde bejaardentehuis te worden opgenomen. Dat de overheid ook in ziekenhuizen en sociale voorzieningen de verplichting heeft iedereen met eerlijkheid, gelijkheid en waardigheid te behandelen.Dat een vrouw met kinderen recht had op een veilig thuis nadat ze telkens moest vluchten voor een mishandelende echtgenoot. Dat homoactivisten kunnen protesteren tegen discriminatie en dat het Britse leger niet het recht had militairen te ontslaan omdat ze homo waren. Dat het Verenigd Koninkrijk het recht op privacy van een persoon schond door jarenlang vingerafdrukken en dna-informatie te bewaren van mensen die niet waren aangeklaagd of veroordeeld voor een misdrijf. Dat mensenrechten niet werden teruggebracht tot ‘Britse waarden’, want hoe zou het Verenigd Koninkrijk dan nog kunnen reageren als Iran homoseksuele mannen laat ophangen omdat ze ‘Iraanse waarden’ schenden?

De antiwaardigheidsreflex

In elke situatie waarin mensen worden geconfronteerd met de menselijke waardigheid, doet zich de ‘antiwaardigheidsreflex’ voor.  ‘Humane behandeling van gevangenen is een teken van beschaving, maar voor onverbeterlijke en gewetenloze misdadigers …’ ‘Wij Nederlanders mogen ons toch beschermen tegen vreemdelingen …’ ‘Vrijheid om te zijn wie je wilt zijn is het hoogste goed, maar er zijn groepen die daar maar al te vaak misbruik van maken …’ ‘Wij zijn niet harteloos tegenover mensen die verschrikkingen doorstaan, maar al te goed is buurmans gek …’ ‘Als je ziet hoeveel mensen misbruik willen maken van onze gastvrijheid …’

Waarom de antiwaardigheidsreflex? De maatschappij vereist steeds meer aanpassing, compromis, inschikken. Het besef van de eigen waardigheid is misschien het minst bij mensen die zich gedwongen zagen tot de grootste aanpassing waarop ze naar hun gevoel nauwelijks zeggenschap hadden. Voor menselijke waardigheid is vertrouwen nodig, maar politici (en media) spinnen vaak juist garen bij het aanwakkeren van angst en wantrouwen. Als economisch beleid steeds meer het voordeel gunt aan wie het sterkst uit de strijd komt, voelen de verliezers zich onwaardig en brengen de winnaars steeds minder respect op voor de waardigheid van anderen.

Voor de staat, en voor ieder orgaan of individu, iedere instelling of organisatie die ingrijpt in het leven van anderen, geldt een ‘waardigheidstoets’. Zo’n toets vereist ‘verheffing’, als het tegenovergestelde van vernedering; ‘valorisering’, dat wil zeggen erkenning van gevoelens, kwetsbaarheden, zorgen en aspiraties; en ‘verbeeldingskracht’, het vermogen je in te leven in wat anderen beweegt.