Elitetroepen van het Saudi-Arabische ministerie van Binnenlandse Zaken
© FAYEZ NURELDINE / AFP / Getty Images

Saudi-Arabië

Er is een hoop mis met de mensenrechten in Saudi-Arabië. Enkele voorbeelden: de vrijheid van meningsuiting wordt ernstig beknot, er worden regelmatig executies en lijfstraffen uitgevoerd, er vinden oneerlijke rechtszaken plaats, de sjiitische minderheid wordt stelselmatig gediscrimineerd en vrouwen hebben veel minder rechten dan mannen. En in Jemen leidt Saudi-Arabië luchtaanvallen die, willens en wetens, veel burgerslachtoffers maken.

Wie zich hierover kritisch uitlaat, wordt zwaar gestraft. Sinds begin 2011 in de Arabische regio protesten uitbraken, voeren de Saudische autoriteiten een klopjacht op iedereen die kritiek uit. Daardoor blijven er in het land steeds minder mensen over die het durven opnemen voor de mensenrechten.

Het probleem

Vrijheid van meningsuiting ernstig beknot

In Saudi-Arabië zijn sinds 2011 alle publieke bijeenkomsten van activisten, waaronder demonstraties, verboden. Wie dit verbod schendt, wordt opgepakt, vervolgd en tot lange gevangenisstraffen veroordeeld voor aanklachten als ‘mensen ophitsen tegen de autoriteiten’. De Saudische wetgeving maakt het mogelijk om mensen voor dit soort vage ‘vergrijpen’ voor tien jaar of meer op te sluiten of lijfstraffen op te leggen. Ook voor het oprichten van een mensenrechtenorganisatie of het sturen van een tweet kun je op grond van de wet een forse celstraf krijgen.

Sinds 2011 legde het Saudische Speciale Strafhof tientallen mensenrechtenverdedigers en activisten lange gevangenisstraffen op. Dit omstreden strafhof houdt zich bezig met ‘terrorisme’ en heeft meer bevoegdheden dan andere rechtbanken. In de praktijk houdt het zich echter ook bezig met het vervolgen van mensenrechtenverdedigers. En sinds februari 2014 hebben de autoriteiten nóg een wapen in handen om mensen die de autoriteiten bekritiseren achter tralies te zetten: de antiterrorismewet.

In 2018 nam de repressie van de vrijheid van meningsuiting ongekend sterk toe. Kroonprins Mohammed bin Salman presenteert zich graag als hervormer, en op het eerste gezicht leek er ook daadwerkelijk iets te veranderen. Zo mogen vrouwen sinds juni autorijden. Dergelijke kleine hervormingen lijken echter vooral bedoeld om het imago op te poetsen voor buitenlandse investeerders. Want tegelijkertijd nam de repressie juist toe en verdwenen activiten achter de tralies.

De Saudische autoriteiten gebruiken een antiterrorisme-rechtbank, de Specialized Criminal Court (SCC), als wapen om andersdenkenden tot zwijgen te brengen. Dat blijkt uit het in februai 2020 gepubliceerde Amnesty-rapport ‘Muzzling critical voices: Politicized trials before Saudi Arabia’s Specialized Criminal Court’. Het hele gerechtelijke proces van de SCC kenmerkt zich door mensenrechtenschendingen, van het weigeren van toegang tot een advocaat en incommunicado-detentie tot veroordelingen die uitsluitend zijn gebaseerd op zogenaamde ‘bekentenissen’ die door marteling zijn verkregen. Vrijwel alle critici in Saudi-Arabië, onder wie mensenrechtenactivisten, schrijvers en geestelijken, zitten na veroordeling door de SCC en andere rechtbanken lange gevangenisstraffen uit.

Twitter populair

Twitter is ongekend populair in Saudi-Arabië. Het land heeft per hoofd van de bevolking verreweg de meeste twitteraars ter wereld. Via dit platform onderhouden de Saudi’s contact met de wereld. De autoriteiten hebben de toegang tot Twitter niet geblokkeerd, mogelijk omdat het een middel is om mensen in de gaten te houden. Bovendien gebruiken de autoriteiten sociale media zelf volop om het leiderschap van de koning en van kroonprins Mohammed bin Salman, de feitelijke machthebber, op te hemelen. Via Twitter vallen door de overheid gestuurde trollen ook mensen aan die zich op sociale media kritisch over de regering uitlaten.

Maar bij aanvallen op sociale media blijft het niet. Prominente twitteraars die zich tegen de regering keren, worden gevangengezet. Of erger. Journalist Jamal Khashoggi was criticus van het Saudische koningshuis en stak zijn mening voor zijn 1,6 miljoen volgers niet onder stoelen of banken. Mogelijk was dat een reden waarom hij in 2018 werd vermoord.

Totaal gebrek aan persvrijheid

In 2019 stond Saudi-Arabië op plek 170 van de World Press Freedom Index van Reporters Without Borders. Daarop staan in totaal 180 landen. Ter vergelijking: Nederland neemt de vijfde plaats in. Er bestaan in Saudi-Arabië geen onafhankelijke media. Alle kranten en televisiezenders verkondigen wat de regering (lees: het koninklijk huis) hun voorschrijft. De enige plek waar je kritische stemmen kunt tegenkomen is het internet. Maar die stemmen lopen grote risico’s. Zo werd de kritische blogger Raif Badawi in 2015 veroordeeld tot 10 jaar cel, ongeveer 200 duizend euro boete en 1000 stokslagen.

Alaa Brinji
© ©Private
Journalist Alaa Brinji kreeg vijf jaar gevangenisstraf vanwege berichten op Twitter

In 2016 werd journalist Alaa Brinji door het Speciale Strafhof veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf, een boete en een reisverbod van acht jaar. Hij kreeg deze straf vanwege Twitterberichten. Brinji had opgeroepen tot godsdienstvrijheid en zijn steun betuigd aan de beweging die opkwam voor het recht van vrouwen om auto te rijden. Aanvankelijk was hij aangeklaagd vanwege afvalligheid, waar je in Saudi-Arabië de doodstraf voor kunt krijgen. Later is die aanklacht ingetrokken en werd Brinji veroordeeld vanwege onder meer ‘belediging van de leiders’ en het ‘opruien van de publieke opinie’.

De enorme onderdrukking van de vrije media leidt bij journalisten en bloggers tot grote zelfcensuur. Zo smoort Mohammad bin Salman vrijwel elk kritisch (media)geluid.

Vrouwenrechten

Vrouwen hebben in Saudi-Arabië niet dezelfde rechten als mannen. Zeker niet als het om familiezaken als trouwen, scheiden, voogdij en erfenissen gaat. Saudi-Arabië hanteert het systeem van een mannelijke voogd. Dit kan de vader, broer, echtgenoot of zoon zijn. Vrouwen die zich verzetten tegen deze achterstelling krijgen te maken met intimidatie en arrestatie.

De in juni 2017 aangetreden kroonprins Mohammad bin Salman voerde enkele hervormingen voor vrouwen door. Zo mogen vrouwen sinds 2018 in drie stadions een voetbalwedstrijd bijwonen, mogen zij sinds 24 juni 2018 autorijden en werd een wet aangenomen tegen seksuele intimidatie. Vrouwen mogen sinds 2019 ook zonder toestemming van hun mannelijke voogd een paspoort aanvragen, werken en hun pasgeboren kinderen aangeven bij de burgerlijke stand. Desondanks krijgen vrouwen nog steeds te maken met diepgewortelde discriminatie.

Dertien activisten die zich inzetten voor meer rechten voor vrouwen worden vervolgd. Vijf van hen zitten gevangen: Loujain al-Hathloul, Nassima al-Sada, Samar Badawi, Nouf Abdulaziz en Maya’a al-Zahrani. Zij werden in 2018 gearresteerd voor hun inzet voor de mensenrechten. De zus van Loujain maakte bekend dat zijis gemarteld en seksueel werd misbruikt. De Saudische autoriteiten hebben aangeboden haar vrij te laten als ze in een videoboodschap zou zeggen dat ze in gevangenschap niet is gemarteld. Loujain al-Hathloul weigerde. Ze zit vast op verdenking van samenzwering met ‘vijandige entiteiten’. Ze had onder andere contact met een Nederlandse diplomaat en een Amnesty-medewerker.

Nassima al-Sada en Samar Badawi werden gearresteerd in augustus 2018. Badawi is een activist die zich luidkeels verzette tegen het autorijdverbod. Ook zette zij zich in voor de vrijlating van haar ex-man, de mensenrechtenadvocaat Waleed Abu al-Khair, en haar broer, de blogger Raif Badawi. Nassima al-Sada voerde vele jaren actie voor burger- en politieke rechten, vrouwenrechten en de rechten van de sjiitische minderheid.

Nouf Abdulaziz is een blogger en journalist die schreef over verschillende mensenrechtenonderwerpen voordat zij in juni 2018 werd gearresteerd. Kort na haar arrestatie publiceerde haar mede-activist Mayaa al-Zahrani een blog waarin zij opriep tot haar vrijlating. Een paar dagen later werd ook Al-Zahrani gearresteerd.

Lees meer over de onderdrukking van de rechten van vrouwen in Ook deze vrouwen ontvluchtten hun land van de NOS.

Recht om te mogen autorijden

Al sinds 1990 streden Saudische vrouwen voor opheffing van het autorijverbod voor vrouwen. Toen reed een groep van zo’n veertig vrouwen door de hoofdstraat van hoofdstad Riyad. In 2007 stuurden activisten een petitie naar de voormalige koning Abdullah, en het jaar erop filmde actievoerder Wajeha al-Huwaider zichzelf achter het stuur en plaatste de video op YouTube. Dit videokanaal werd vaker gebruikt voor acties tegen het rijverbod, zoals in 2011. Toen werden vrouwen gearresteerd en zeker een vrouw kreeg tien zweepslagen. Nadat activisten in 2013 een nieuwe campagne aankondigden, ontvingen sommigen bedreigingen van de autoriteiten. Een dag later werd hun website gehackt.

Ondanks alle bedreigingen en intimidaties bleven vrouwen zich al rijdend filmen en die filmpjes online zetten. In 2017 kondigde de nieuwe kroonprins Mohammad bin Salman aan dat het rijverbod eind juni 2018 wordt opgeheven. Direct daarna kregen de activisten telefoontjes waarin hen werd opgedragen geen commentaar op het besluit te leveren. Vlak voor het opheffen van het rijverbod nam de onderdrukking van mensenrechtenactivisten toe. Zeker zeven activisten werden vastgezet.

© Fayex Nureldine /AFP / Getty Images
Een briefje met de tekst ‘Niet rijden alstublieft’ in een auto waarvan het raam is ingeslagen. De auto behoort toe aan de familie van een vrouw die in juni 2011 de auto bestuurde. Vrouwen mochten in Saudi-Arabië niet autorijden. Eind 2017 werd aangekondigd dat vrouwen vanaf juni 2018 wel achter het stuur mogen.

Klopjacht op mensenrechtenverdedigers

De mensenrechtenbeweging in Saudi-Arabië is klein. En door de klopjacht die de autoriteiten de laatste jaren op mensenrechtenverdedigers voerden, is er weinig meer van over. Alle belangrijke Saudische mensenrechtenverdedigers zitten lange gevangenisstraffen uit, stopten gedwongen met hun werkzaamheden of ontvluchtten het land.

Mensenrechtenverdedigers, activisten, journalisten, academici en religieuze hervormers werden opgepakt voor het delen van kritische tweets en aangeklaagd voor het niet uitspreken van loyaliteit aan de overheid. Critici die naar het buitenland zijn gevlucht lijken ook daar niet meer veilig, zoals de zaak van de in oktober in het Saudische consulaat in Istanbul vermoorde journalist Jamal Khashoggi aantoont.

Steeds minder mensen in Saudi-Arabië durven het op te nemen voor de mensenrechten. Daardoor kunnen vrijwel alleen gevluchte mensenrechtenverdedigers nog iets doen om de situatie in hun land te verbeteren. Zij proberen hun werk voor de mensenrechten in Saudi-Arabië vanuit het buitenland voort te zetten. Dat is echter niet eenvoudig.

> Lees meer over Saudische mensenrechtenverdedigers

Doodstraf en andere wrede straffen

Saudi-Arabië staat in de top 3 van landen die de meeste doodvonnissen voltrokken. In 2019 waren er 184 executies, het hoogste aantal ooit. Onder de geëxecuteerden zitten veel leden van de achtergestelde sjiitische minderheid. In april 2020 werd de doodstraf afgeschaft voor mensen die een misdrijf begingen toen ze jonger waren dan 18 jaar. Ze kunnen nu maximaal 10 jaar gevangenisstraf krijgen. Volgens informatie die Amnesty kreeg, zijn misdrijven die onder de antiterreurwet vallen uitgesloten. Het is onduidelijk welke straffen jeugdige delinquenten die volgens deze wet worden berecht zullen krijgen. Eerder al constateerde Amnesty dat de Saudische autoriteiten de antiterreurwet misbruiken om critici te straffen. De wet is vaag geformuleerd en wordt ook toegepast om vreedzame meningsuiting strafbaar te stellen.

De Saudische rechtbanken bestraffen veel misdrijven met geseling, na vaak oneerlijke processen. Sommige misdaden worden bestraft met amputaties. Raif Badawi werd veroordeeld tot duizend stokslagen en 10 jaar gevangenisstraf voor het schrijven van een blog. Na de eerste serie van vijftig stokslagen, die wereldwijd grote verontwaardiging opriep, heeft hij geen nieuwe slagen meer gekregen. In april 2020 besloten de autoriteiten dat stol- en zweepslagen niet langer als straf opgelegd mogen worden.

Oorlogsmisdrijven in Jemen

In Jemen woedt sinds 2015 een burgeroorlog. De Jemenitische overheid, gesteund door een door Saudi-Arabië geleide coalitie, strijdt tegen sjiitische Houthi-rebellen en diverse extremistische partijen. De Houthi’s zijn bondgenoten van de sjiitische beweging Hezbollah en Iran en streven naar meer autonomie in het noorden van Jemen waar ze lang de macht hadden.

Op 25 maart 2015 voerde de door Saudi-Arabië geleide coalitie boven Jemen luchtaanvallen uit tegen de Houthi-rebellen. Dit leidde tot een burgeroorlog die een van de grootste humanitaire rampen is van dit moment. Alle partijen schenden schaamteloos het internationale recht. Meer dan 200 duizend burgers, onder wie kinderen, zijn daarbij om het leven gekomen als gevolg van het moedwillig bombarderen van ziekenhuizen, scholen en huizen. Mensen worden willekeurig gedetineerd en er zijn gedwongen verdwijningen. Het is een humanitaire crisis die meer dan 22 miljoen mensen afhankelijk heeft gemaakt van voedselhulp en medicijnen om te overleven. De coalitie beperkt de import van hulpgoederen, waarmee zij de humanitaire crisis alleen maar verergert. Landen als de VS, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk blijven desondanks lucratieve wapenovereenkomsten sluiten met de Saudi’s.

© Amnesty International
Verwoeste gebouwen langs de hoofdstraat van de Jemenitische stad Sa’dah als gevolg van honderden luchtaanvallen van een door Saudi-Arabië geleide coalitie. Amnesty heeft geen bewijs gevonden dat de gebouwen militaire doeleinden waren.

Saudi-Arabië komt ermee weg

Saudi-Arabiës bondgenoten, waaronder Nederland, laten economische belangen en veiligheid prevaleren boven mensenrechten. Ze weigeren de autoriteiten publiekelijk te bekritiseren, waarmee ze hun een vrijbrief geven om te doen wat ze willen. Ze steunen Saudi-Arabië ook schaamteloos in naam van de zogenaamde ‘oorlog tegen terrorisme’. De regeringen van het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten leveren de door Saudi-Arabië geleide coalitie die vecht in Jemen wapens, logistieke steun en inlichtingen.

Wat doet Amnesty?

Actie richting Saudische autoriteiten. Amnesty vraagt de Saudische autoriteiten via brievenacties en petities om de vrijlating van mensenrechtenverdedigers. Ook demonstreren we soms bij de Saudische ambassade in Den Haag. Zo stonden we daar sinds september 2014 anderhalf jaar lang elke vrijdag met twee actievoerders voor de deur. We vroegen om de vrijlating van blogger Raif Badawi – die elke vrijdag vijftig stokslagen kan krijgen – en andere Saudische mensenrechtenverdedigers. Op 26 februari 2016 lieten we op de stoep een boodschap achter. In oktober 2016 en maart 2018 projecteerden we een video op de gevel van de ambassade om de autoriteiten op te roepen te stoppen met het bombarderen van burgers in Jemen en om hulpgoederen door te laten. En in mei 2018 voerden we actie bij de ambassade voor de vrijlating van net opgepakte vrouwenactivisten.

Op 4 oktober 2018 organiseerde de Saudische ambassade in het Kurhaus de jaarlijkse receptie ter gelegenheid van de Saudische Nationale Dag. Amnesty stond net als vorig jaar pal voor de ingang om te demonstreren voor de vrijlating van Saudische mensenrechtenverdedigers. Dit jaar richtte de actie zich op vrouwenrechtenactivisten die voor de zomer werden opgepakt. Deze activisten voerden jarenlang campagne voor het recht van vrouwen om auto te rijden. Vandaar dat we een groot ‘toeterbord’ hadden meegenomen, met tien grote toeters die een ongelooflijk lawaai maakten.

© Amnesty International (foto: Jorn van Eck)
Demonstratie voor de Ambassade van Saudi-Arabië in Den Haag voor de vrijlating van Raif Badawi.

Mensenrechtenverdedigers ondersteunen. Amnesty heeft contact met Saudische mensenrechtenverdedigers in het buitenland die daar hun werk willen voortzetten. We helpen hen met het versterken van hun netwerk. Ook bieden we trainingen over hoe ze in Europa voor de mensenrechten kunnen opkomen. En we faciliteren contact tussen Saudische mensenrechtenverdedigers en de EU en overheden van EU-lidstaten.

Onderzoek naar Nederlandse inzet. In 2013, 2014 en 2015 bracht Amnesty rapporten uit over de Nederlandse inzet voor Saudische mensenrechtenverdedigers. Die blijkt ernstig tekort te schieten. Nederland voert daarmee haar eigen beleid niet uit.

Lobby bij Nederlandse en EU-autoriteiten. Hervormingen in Saudi-Arabië zullen niet tot stand komen zonder druk. Aangezien de interne druk in de kiem wordt gesmoord, is internationale druk hard nodig. Maar de handels- en veiligheidsbelangen zijn groot, en de wereld kijkt weg. Amnesty probeert Europese autoriteiten al jaren tot openlijke kritiek op Saudi-Arabië te bewegen en tot betere ondersteuning van Saudische mensenrechtenverdedigers.

Ontwikkelingen

Begin 2015 kwam in Saudi-Arabië koning Salman aan de macht. Sindsdien gaat het er alleen maar slechter met de mensenrechten. Vrouwen mochten zich weliswaar voor het eerst kandidaat stellen en stemmen bij de gemeenteraadsverkiezingen, maar de onderdrukking bleef. Critici worden na oneerlijke rechtszaken voor lange tijd opgesloten, de doodstraf wordt nog veel vaker ingezet en de koning begon met luchtaanvallen op Jemen waarbij inmiddels duizenden burgers zijn omgekomen.

In 2013, 2014 en 2015 bracht Amnesty rapporten uit over de Nederlandse inzet voor Saudische mensenrechtenverdedigers. In 2013 luidde de treurige conclusie dat er in het openbaar niets gebeurde; in 2014 konden we enkele kleine stappen vooruit melden. In het rapport uit 2015 riep Amnesty op tot publieke uitspraken over de onderdrukking van mensenrechtenverdedigers in Saudi-Arabië. In het rapport Spreken is zilver, zwijgen blijft fout dat oktober 2018 verscheen, concludeert Amnesty dat het huidige Nederlandse beleid van stille diplomatie geen enkel positief effect heeft gehad op de situatie van mensenrechtenverdedigers in Saudi-Arabië. De Nederlandse regering blijft zich, ondanks de groeiende repressie, beroepen op het feit dat stille diplomatie effectiever zou zijn. De Nederlandse regering staaft deze claim niet met feiten.

Na een intensieve Amnesty-lobby begon de EU in december 2013 met het sturen van waarnemers naar rechtszaken tegen mensenrechtenverdedigers. De VS-ambassade volgde. Dat geeft zowel de mensenrechtenverdedigers als de Saudische autoriteiten het gevoel dat de wereld meekijkt. Maar de volgende stap is dat de waarnemers ook iets met hun observaties doen. Amnesty dring erop aan dat de EU de waarnemingen bespreekt met de Saudische autoriteiten en ijvert voor hervormingen.

Na jarenlange lobby van Amnesty en andere mensenrechtenorganisaties namen de Verenigde Naties in september 2017 een belangrijke resolutie aan over Jemen. Hierdoor komt er onderzoek naar misdrijven door alle partijen in het conflict. Tijdens onderhandelingen over de resolutie dreigden de Saudische autoriteiten met economische en diplomatieke strafmaatregelen tegen landen die voor een internationaal onderzoek zouden stemmen. Desondanks dienden de Nederlandse en Canadese delegaties de resolutie in en werd deze aangenomen.

In augustus 2018 riepen de Canadese minister van Buitenlandse Zaken en de ambassadeur Saudi-Arabië, naar aanleiding van de arrestatie van de vrouwelijke activisten Samar Badawi en Nassima al-Sada, op tot vrijlating van onschuldige Saudische mensenrechtenverdedigers. Dit leidde tot een diplomatieke rel. Saudi-Arabië dwong de ambassadeur het land te verlaten en trok zijn eigen ambassadeur terug uit Canada. Ook schrapte het vluchten van en naar Toronto, bevroor alle nieuwe handelsbetrekkingen en beëindigde een defensiecontract. Hierop volgde nauwelijks kritiek van andere landen. De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken drong aan op een eerlijke rechtsgang voor de mensenrechtenverdedigers. De Europese Unie bracht er geen officiële verklaring over uit.

Nieuwe kroonprins is ‘hervormer’

In juni 2017 benoemde koning Salman de nieuwe kroonprins en potentiële opvolger. Kroonprins Mohammad bin Salman presenteert zich graag als hervormer. Er verandert daadwerkelijk ook iets in het aartsconservatieve koninkrijk. Zo mogen vrouwen vanaf 24 juni 2018 autorijden en werd er eind mei een wet aangenomen tegen seksuele intimidatie van vrouwen. In augustus 2019 kondigde Saudi-Arabië aan dat het hervormingen gaat doorvoeren in de wettelijke positie van vrouwen. Zo kunnen vrouwen voortaan een paspoort aanvragen, wat het mogelijk maakt om te reizen zonder mannelijke voogd. Vrouwen krijgen onder meer ook het recht om aangifte te doen van huwelijken, scheidingen, geboortes en overlijden. Amnesty zegt in een reactie dat de voorgenomen wetswijzigingen een belangrijke, zij het veel te late stap zijn.

Tegelijkertijd leggen de autoriteiten iedereen het zwijgen op die vraagtekens durft te zetten bij het beleid van de kroonprins. Zo werden op 25 januari twee mensenrechtenverdedigers tot lange celstraffen veroordeeld. Mohammad al-Otabi en Adullah al-Attawi moesten voor 14 respectievelijk 7 jaar de gevangenis in. En in mei 2018 werden minstens tien mensenrechtenverdedigers vastgezet, onder wie de prominente activist Mohammed al-Bajadi en enkele vrouwenrechtenactivisten. De wrange ironie wil dat de laatsten onder meer betrokken zijn bij de campagne voor het recht voor vrouwen om te mogen autorijden. Volgens de Saudische staatsmedia zouden ze de nationale stabiliteit willen ondermijnen. Ze kunnen tot twintig jaar gevangenisstraf krijgen.

Eind april 2016 maakte Bin Salman zijn toekomstplannen voor Saudi-Arabië bekend. Hij wil de economie hervormen zodat het land minder afhankelijk is van de olie-inkomsten en aantrekkelijker wordt voor buitenlandse investeerders. Zijn Vision 2030 heeft ook een sociaal-culturele kant. De regering wil de kwaliteit van het leven en de kansen voor jonge mannen en vrouwen verhogen.

Mensenrechten ontbreken in Bin Salmans visie. Daarom publiceerde een groep Saudische activisten voorafgaand aan de G20-top, die in november 2020 in Saudi-Arabië plaatsvond, hun People’s Vision for Reform. Daarin noemen zij dertien mensenrechtenonderwerpen waarop de autoriteiten volgens hen actie moeten ondernemen. Een van de initiatiefnemers, Abdullah Alaoudh, noemt het document ‘het hoofdstuk dat volgens ons in Vision 2030 ontbreekt.’

De People’s Vision roept onder meer op tot het vrijlaten van alle gewetensgevangenen, het respecteren van de rechten van vrouwen en van migranten, afschaffing van de doodstraf en beëindiging van schendingen van het internationaal recht in Jemen.

Sinds kroonprins Mohammed bin Salman in Saudi-Arabië de scepter zwaait, draait de pr-machine op volle toeren om het slechte imago van het land op mensenrechtengebied op te poetsen. Zo hopen de autoriteiten buitenlandse investeerders te trekken.

Om de aandacht te vestigen op de tegenstrijdigheden binnen het beleid van de kroonprins, startte Amnesty op 29 maart 2018 een satirische campagne. Daarin worden de Saudische autoriteiten erop gewezen dat deze PR niet moeten verwarren met mensenrechten. In plaats van daadwerkelijke hervormingen door te voeren op het gebied van de mensenrechten, zet Saudi-Arabië PR-bureaus in om het land een positief imago te bezorgen. Dit in de hoop om buitenlandse investeerders aan te trekken.

Wat wil Amnesty?

  • Hervorming van wetgeving die de rechten op vrije meningsuiting, vereniging en vergadering beknotten en die vrouwen minder rechten geeft dan mannen.
  • Vrijlating van mensenrechtenverdedigers en andere gewetensgevangenen, die alleen maar vastzitten omdat zij uitkwamen voor hun mening.
  • Afschaffing van de doodstraf en lijfstraffen.
  • Beëindiging van oorlogshandelingen die de mensenrechten schenden in Jemen en verantwoording afleggen voor schendingen van het internationaal recht.
  • Stopzetting van wapenleveranties aan Saudi-Arabië.
  • Dat Nederland en de EU publiekelijk schendingen van de mensenrechten in Saudi-Arabië veroordelen en aandringen op hervormingen.
  • Dat Nederland en de EU meer steun bieden aan Saudische mensenrechtenverdedigers.