Mensenrechtenencyclopedie
© Flickr.com / CC / valerieroybal

Abortus en mensenrechten

Abortus (meer precies: abortus provocatus) is de term voor het afdrijven of weghalen van een embryo uit de baarmoeder, zodat er geen baby geboren zal worden.

Hoewel de christelijke kerk abortus altijd had afgekeurd, begon de strenge juridische vervolging van de praktijk pas in de 19e eeuw. De praktijk en wetgeving per land verschilt nu sterk. Er is geen eenduidige norm in het internationaal recht die voorschrijft dat abortus wel of juist niet is toegestaan.

In landen waar abortus niet mogelijk is of verboden is, vinder er veel moorden op baby’s plaats. Daarvan worden vooral meisjesbaby’s het slachtoffer. In India en China is die praktijk wijdverbreid. In China is volgens berichten van Unicef de verhouding tussen geregistreerde geboortes van jongens en meisjes 116:100. De foetus van een meisje wordt daar veel vaker geaborteerd dan die van een jongen. De Chinese overheid is daartegen gekant: het is artsen wettelijk verboden het geslacht van de foetus aan de ouders bekend te maken. Maar het gebeurt op grote schaal.

Verenigde Staten: controverse

Wereldwijd ondergaat ongeveer een op de zes vrouwen in de reproductieve leeftijd (15-50 jaar) een ongewenste zwangerschap. Van de geschatte 190 miljoen zwangerschappen per jaar eindigen er 51 miljoen in een abortus, waarvan 21 miljoen in landen waar wettelijke beperkingen zijn op abortus. In de VS oordeelde het hooggerechtshof in 1973 dat ongepast strenge beperking van het recht op abortus in tegenspraak met de grondwet was, maar de uitspraak was dermate vaag dat voorstanders en tegenstanders elkaar met nog grotere inzet gingen bestrijden.

West-Europa: katholieke landen zijn strenger

In de meeste West-Europese landen is abortus onder voorwaarden legaal en in de praktijk verkrijgbaar. In Nederland is het aantal abortussen relatief laag: 8,5 op elke duizend vrouwen tussen 15 en 44 jaar.. Het merendeel van deze vrouwen – zo’n 80 procent – is op het moment van de abortus minder dan acht weken zwanger; doorgaans wordt geen abortus uitgevoerd als de vrouw langer dan 20 weken zwanger is. Katholieke Europese landen hebben een strengere abortuswetgeving. In 2013 was Ierland het laatste EU-land dat abortus legaliseerde, maar onder strenge voorwaarden. In 2015 maakte de regering van Polen abortus een stuk moeilijker.

Recht op abortus?

De toelaatbaarheid van abortus, als een van de reproductieve rechten, is wereldwijd een moreel en juridisch twistpunt. Tegenstanders beroepen zich op het recht op leven. Voorstanders benadrukken dat vooral de kwaliteit van bestaan van moeder en kind recht moet worden gedaan. De Europese Commissie stelde dat het recht op leven beperkingen heeft, zoals het recht op leven van de zwangere vrouw. Dat kan inhouden dat abortus ook op sociaal-medische indicatie gerechtvaardigd is.

Amnesty zegt niet dat abortus een ‘mensenrecht’ is. Het is een recht dat vrouwen moeten kunnen uitoefenen, onder bepaalde voorwaarden. Amnesty bepleit:

  • Abortus mag niet strafbaar zijn.
  • Na complicaties door een abortus moet er altijd toegang zijn tot medische zorg.
  • In gevallen van incest en bij gevaar voor de gezondheid of het leven van de vrouw moet er toegang zijn tot een legale en veilige abortus.
  • Na verkrachting moet abortus vrijelijk beschikbaar zijn – in veel gewapende conflicten zijn vrouwen door vijandelijke strijders verkracht.