Reddingsactie door de Migrant Offshore Aid Station (MOAS) op de Middellandse
© Chris McGrath/Getty Images

Europese leiders, repareer het asielsysteem dat vluchtelingen en migranten op zee in gevaar brengt

Deze week verbood Spanje de ngo-reddingsboot Proactiva die vele vluchtelingen en migranten redde op de Middellandse Zee uit te varen. Vorige week konden 49 mensen, waaronder kinderen en een baby, eindelijk aan land gaan na 19 dagen aan boord van twee ronddrijvende ngo-reddingsboten te hebben gezeten. Steeds vaker maken Europese leiders het levensreddende werk van ngo’s op de Middellandse Zee onmogelijk. Amnesty vindt het hoog tijd dat Europese leiders verantwoordelijkheid nemen en het kapotte asielsysteem fundamenteel veranderen. Alleen zo kunnen zij meer verdrinkingen en andere verschrikkelijke situaties voor vluchtelingen en migranten op de Middellandse Zee voorkomen.

In de vandaag gepubliceerde analyse Cut adrift in the Mediterranean onderscheidt Amnesty de drie belangrijkste problemen van het huidige Europese asielbeleid.

Falend Dublin-systeem

Ten eerste: het falende ‘Dublin-systeem’, dat het land waarin de asielzoeker de Europese Unie (EU) aankomt verantwoordelijk stelt voor de asielprocedure. Dit legt een onevenredige druk op landen aan de randen van Europa, zoals Spanje, Italië en Griekenland. In sommige gevallen leidde dit ertoe dat deze landen asielzoekers weigerden, ook al stuurden ze hen daarmee terug het gevaar in – een schending van internationaal vluchtelingenrecht. Tot nu toe zijn Europese landen weinig bereid om het Dublin-systeem te hervormen en daarmee de asielopvang eerlijker over Europa te verdelen.

Libië-deal

Ten tweede: de Libië-deal, waarbij de EU de grenscontrole op de Middellandse zee uitbesteedde aan de Libische autoriteiten. De Libische kustwacht krijgt materiële en financiële steun van de EU om vluchtelingen en migranten op zee te onderscheppen en terug te brengen naar Libië. Daar worden ze in detentiecentra geplaatst, waar ze een groot risico lopen uitgebuit, verkracht of zelfs gedood te worden. Volgens internationaal recht mogen Europese leiders schepen niet opdragen drenkelingen naar Libië te brengen. Tegelijkertijd verbieden deze leiders reddingsboten steeds vaker aan te meren in hun land. Daardoor drijven deze schepen soms weken op zee rond, met alle gevaren van dien voor de uitgeputte en vaak getraumatiseerde drenkelingen aan boord.

Vertekend beeld

Ten derde: het vertekende beeld dat verschillende politici schetsen. Het aantal mensen dat illegaal de Europese grens overstak is het kleinste sinds vijf jaar. Slechts 114.000 mensen kwamen in 2018 via deze weg in Europa aan. Dat is zo’n 0,02% van de totale Europese bevolking van rond de 500 miljoen mensen. Met politieke wil valt dat goed te organiseren. Toch blijven Europese politici benadrukken dat er sprake is van een voortdurende migratiegolf/tsunami/crisis in Europa. Door de zaken zo te brengen belemmeren zij het vinden van echte oplossingen om de komst van migranten beter en menswaardiger te organiseren.

Aanbevelingen voor menswaardiger asielbeleid

Amnesty draagt ook oplossingen aan: Als EU-leiders willen dat minder mensen illegaal naar Europa reizen, dan moeten ze legale en veilige alternatieven bieden, zoals gezinshereniging en werk- en studievisa. Dit houdt niet in dat grenscontroles niet meer mogen bestaan. Voor de mensen die toch nog de gevaarlijke oversteek maken, moet er een gezamenlijke aanpak zijn. Deze moet in overeenstemming zijn met internationaal recht en de EU-lidstaten moeten daarin de verantwoordelijkheid voor de asielopvang eerlijk delen. Ook moeten Europese overheden in hun afspraken met Libië de nadruk leggen op het respecteren van mensenrechten. Europese landen zouden moeten aandringen op de vrijlating van de mensen die willekeurig in detentiecentra zijn vastgezet en ervoor zorgen dat zij hervestigd worden in een veilig land.