Vluchtelingen onder een verwoeste brug in Irpin, een stad in de buurt van Kyiv.
© AFP via Getty Images

Het probleem

Vluchtelingen en asielzoekers zijn kwetsbaar omdat ze afhankelijk zijn van hulp. Hieronder leggen we uit aan welke risico’s zij blootgesteld worden.

Uitbuiting

Vluchtelingen en asielzoekers zijn vaak overgeleverd aan de hulp van anderen, waardoor zij kwetsbaar zijn voor misbruik. Tijdens hun vlucht vallen mensen vaak in handen van mensensmokkelaars en criminele bendes, die hen slecht behandelen en uitbuiten. Uit verschillende rapporten van Amnesty over Libië blijkt bijvoorbeeld dat vluchtelingen en asielzoekers vaak worden ontvoerd om losgeld te kunnen vragen, gedwongen worden tot werk dat gelijk staat aan slavernij, of worden verkracht. Er komen ook veel vluchtelingen om het leven, bijvoorbeeld wanneer de boot waarmee ze Europa proberen te bereiken omslaat, waardoor ze verdrinken. Europese landen steunen de Libische kustwacht met het opsporen en terugbrengen van boten met vluchtelingen en migranten naar Libië, zo blijkt uit het rapport Libya: ‘No one will look for you uit 2021. Daarna komen deze mensen in de beruchte detentiecentra terecht.

In het rapport Between life en death uit 2020 constateerde Amnesty dat in Libië tienduizenden vluchtelingen en migranten terechtkomen in een vicieuze cirkel van wreedheden. Om aan mensenrechtenschendingen te ontkomen proberen ze per boot Europa te bereiken, maar op zee worden ze onderschept en naar Libië teruggestuurd, waar ze opnieuw blootstaan aan de schendingen die ze juist probeerden te ontvluchten. EU-lidstaten moeten de samenwerking met de Libische autoriteiten opschorten zolang deze geen einde maken aan de misstanden.

Mishandeling

Ook grenswachten, agenten en andere overheidsvertegenwoordigers maken zich regelmatig schuldig aan mishandeling van vluchtelingen en migranten. Zij gebruiken vaak geweld om vluchtelingen tegen te houden of terug te sturen naar het land waar zij vandaan komen.

Uit een rapport van de Commissie ter voorkoming van foltering van de Raad van Europa, dat in december 2021 verscheen, blijkt dat de Kroatische autoriteiten vluchtelingen en asielzoekers consequent hebben aangevallen en de toegang tot asiel ontzegd. Dit is in strijd met de Europese en internationale wetgeving.

Door Libië op zee gevangengenomen vluchtelingen.
© Taha Jawashi
Door Libië op zee gevangengenomen vluchtelingen.

Gedwongen terugkeer

Uit onderzoek van Amnesty Nederland blijkt dat de Immigratie en Naturalisatiedienst (IND) te hoge eisen stelt aan asielzoekers om hun identiteit en herkomst te bewijzen. Door de IND wordt te snel geconcludeerd dat iemand terug kan keren naar het land van herkomst, terwijl ze nog steeds gevaar lopen.

Landen, inclusief Nederland, sturen vluchtelingen soms dus terug naar een plek waar ze niet veilig zijn, hoewel dat volgens het VN-Vluchtelingenverdrag en andere internationale verdragen niet mag. Dit is strijdt met het principe van non-refoulement: vluchtelingen mogen niet teruggestuurd worden naar hun land van herkomst als zij daar vervolging te vrezen hebben.

Ook houden landen vluchtelingen en asielzoekers bij de grens tegen, zodat zij een conflictgebied niet kunnen verlaten. Daardoor kunnen zij geen bescherming zoeken in een veilig gebied.

Dat gebeurde bijvoorbeeld in 2021 aan de grens tussen Belarus en Polen. Vluchtelingen en asielzoekers die via Belarus de EU binnenkwamen en vervolgens weer werden uitgezet naar Belarus, werden daar mishandeld of zelfs gemarteld door Belarussische veiligheidstroepen. Ook worden ze onder onmenselijke omstandigheden vastgehouden of afgeperst. Belarus, Polen en de Europese Unie hadden maatregelen moeten nemen om het politieke spel aan de Belarussische en Poolse grens te beëindigen.

Griekse grenswachten schenden systematisch Europees en internationaal recht door langs de grens met Turkije vluchtelingen en asielzoekers met geweld op te pakken en illegaal uit te zetten. De zogenaamde pushbacks zijn geen incidenten meer te noemen, maar maken de facto deel uit van het Griekse grensbeleid. Ook het Europese grens- en kustwachtagentschap Frontex is actief in Griekenland. Zij hebben de plicht om mensenrechtenschendingen te voorkomen. Amnesty documenteerde dat Syrische veiligheidstroepen Syrische vluchtelingen die naar huis terugkeerden onrechtmatig vastzetten, martelden, verkrachtten en gedwongen lieten verdwijnen. Ook op Curaçao worden vluchtelingen teruggestuurd zonder een asielprocedure te hebben doorlopen.

Een Venezolaanse man die illegaal op Curaçao woont houdt een stuk karton vast met daarop de tekst: Ik werd neergeschoten in het detentiecentrum Curaçao.
© Berber van Beek - Studiorootz
Een Venezolaanse man die illegaal op Curaçao woont houdt een stuk karton vast met daarop de tekst: Ik werd neergeschoten in het detentiecentrum Curaçao.

Ontzegging van rechten in opvangland

Vluchtelingen leven vaak jarenlang in onzekerheid in het land waar ze zijn terechtgekomen. Velen verkeren in slechte omstandigheden, bijvoorbeeld in vluchtelingenkampen, en weten niet of ze in het land mogen blijven. Zolang ze geen permanente verblijfsstatus hebben, mogen vluchtelingen vaak niet werken of een opleiding volgen. Daardoor is het voor hen moeilijk om hun leven weer op te pakken.

Ook als vluchtelingen weten dat ze in het opvangland mogen blijven, kunnen zij er niet makkelijk een toekomst opbouwen. Vluchtelingen worden vaak als zondebok aangewezen voor maatschappelijke problemen, en als profiteurs van de gastvrijheid van het land dat hen opvangt. Hierdoor wordt de indruk gewekt dat zij helemaal geen rechten hebben, wat racisme en discriminatie in de hand werkt. In veel landen hebben vluchtelingen en migranten minder kans op een baan of woning.

In het rapport Nog steeds niet veilig: Venezolanen krijgen geen bescherming op Curaçao constateerden we dat de Curaçaose autoriteiten nog steeds de rechten schenden van Venezolanen die internationale bescherming zoeken op Curaçao. Vluchtelingen krijgen er onder meer te maken met standaard detentie onder onmenselijke omstandigheden en het opzettelijk scheiden van gezinsleden. Op 7 januari 2022 werd bekend dat Nederland de financiële steun aan Curaçao voor verbetering van de vreemdelingendetentie bevriest. Nederland erkent daarmee eindelijk de slechte detentieomstandigheden en verbindt hier voor het eerst harde consequenties aan.

Richard Kramers, directeur Vreemdelingentoezicht op Aruba, laat Ella de Lange (Vluchtelingenwerk), Dagmar Oudshoorn (Amnesty Nederland) en Ieteke Witteveen (Human Rights Caribbean) het detentiecentrum voor migranten op Aruba zien.
© Amnesty International
Richard Kramers, directeur Vreemdelingentoezicht op Aruba, laat Ella de Lange (Vluchtelingenwerk), Dagmar Oudshoorn (Amnesty Nederland) en Ieteke Witteveen (Human Rights Caribbean) het detentiecentrum voor migranten op Aruba zien.

Internationale gemeenschap neemt geen verantwoordelijkheid

Vluchtelingen beschermen is een internationale verantwoordelijkheid. Dat staat in het VN-Vluchtelingenverdrag. De VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR coördineert de internationale hulp aan vluchtelingen namens alle landen van de Verenigde Naties. De internationale gemeenschap, waaronder Europa, doet weinig om arme landen die veel vluchtelingen opvangen te ontlasten. Zo vraagt de UNHCR landen hervestigingsplekken te bieden aan extra kwetsbare vluchtelingen die in het opvangland ook niet veilig zijn. Bijvoorbeeld omdat hun seksuele geaardheid, achtergrond of mening hen ook in het opvangland in gevaar brengt. Volgens de UNHCR hebben 1,4 miljoen vluchtelingen dringend hervestiging in een veilig land nodig. Maar veilige landen bieden daar ieder jaar maar een fractie van aan. Nederland biedt er elk jaar 500 aan; in het regeerakkoord van 2021 is dit verhoogd naar 900. Amnesty vindt dit te weinig.

EU-landen wentelen de verantwoordelijkheid voor vluchtelingen op elkaar af en politici buitelen over elkaar heen om hun land zo onaantrekkelijk mogelijk voor hen te maken. Daarbij stellen zij ook mensenrechtenverdragen ter discussie. In september 2021 presenteerde de Europese Commissie een nieuw migratieplan. Het pact is gebaseerd op een snelle terugkeer. Ook staat erin dat de procedure sneller moet en dat er meer solidariteit tussen de verschillende EU-lidstaten moet komen.

Een Koerdische familie uit Syrië is gestrand op het Griekse eiland Lesbos.
© Giorgos Moutafis
Een Koerdische familie uit Syrië is gestrand op het Griekse eiland Lesbos.

Bekijk dit Volkskrant-filmpje over het Vluchtelingenverdrag.

Armste landen dragen de zwaarste lasten

De armste landen vangen verreweg de meeste vluchtelingen op. In 2020 werd volgens cijfers van de VN-Vluchtelingenorganisatie UNHCR 73 procent van alle vluchtelingen opgevangen door buurlanden. Van alle vluchtelingen wordt 86 procent opgevangen in lage- en middeninkomenslanden.

De vijf landen die de meeste vluchtelingen opvangen, vangen allemaal meer dan een miljoen mensen op. Het gaat om Turkije (3,7 miljoen), Colombia (1,7 miljoen), Pakistan (1,4 miljoen), Oeganda (1,4 miljoen) en Duitsland (1,2 miljoen).

Opvangkampen zitten overvol en veel vluchtelingen worden aan hun lot overgelaten. Zij hebben geen uitzicht op een fatsoenlijke woning, onderwijs of werk. Door die uitzichtloze situatie reizen vluchtelingen door, bijvoorbeeld naar Europa.

Volgens de website van de Europese Unie woonde eind 2020 10 procent van alle vluchtelingen in de EU. Het aandeel vluchtelingen in de EU bedraagt 0,6 procent van de totale bevolking.