Oud-president Assad van Syrië bij verstek ter dood veroordeeld
Op 11 augustus is Bashar al-Assad, de voormalige president van Syrië, door een Syrische rechtbank ter dood veroordeeld voor oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid.
Ook zijn broer Maher al-Assad en hun neef en voormalig veiligheidsfunctionaris Atef Najib zijn bij verstek ter dood veroordeeld. Dit is het eerste vonnis van deze aard sinds het aantreden van de overgangsautoriteiten van Syrië.
Om echt een punt te zetten achter de gruwelen uit het verleden, moet de Syrische regering processen bij verstek en de doodstraf afschaffen, ernstige internationale misdrijven strafbaar stellen onder het nationale recht en uitgebreide justitiële hervormingen doorvoeren. Zo kan ze zorgen voor eerlijke processen en volledige eerbiediging van het internationaal recht en de internationale normen.
Op weg naar gerechtigheid
Vervolgingen voor de gruwelijke misdaden die tijdens het Assad-tijdperk zijn begaan, moeten een belangrijke stap zijn op weg naar gerechtigheid, waarheid en schadeloosstelling voor de tienduizenden slachtoffers. Deze processen moeten plaatsvinden voor gewone civiele rechtbanken. Deze moeten slachtoffers erbij betrekken en mogen de doodstraf niet opleggen. Deze vervolgingen moeten deel uitmaken van een brede, op slachtoffers gerichte, landelijke strategie, die waarheid, gerechtigheid en schadeloosstelling brengt.
Amnesty International doet al jaren onderzoek naar mensenrechtenschendingen in Syrië.