De manier waarop de Nederlandse politie het stroomstootwapen Taser gebruikt, brengt onaanvaardbare gezondheidsrisico’s met zich mee.

Politiegeweld in Nederland

Geweldsincidenten bij demonstraties, excessief geweld met politiehonden, discussie over de taser: politiegeweld is voortdurend in het nieuws.

De politie mag geweld gebruiken in situaties waarin burgers dat niet mogen, dat is het ‘geweldmonopolie’. Bij die bijzondere taak horen bijzondere regels. Helaas zijn de regels voor politiegeweld in Nederland te ruim en daar maken wij ons zorgen over. Zo mag de politie mag schieten bij een aanhouding en gevaarlijke wapens als de taser en de hond gebruiken bij het aanhouden van mensen die op dat moment geen ernstig gevaar vormen.

De basisregels voor politiegeweld zijn overal ter wereld hetzelfde. Politiegeweld moet altijd een wettig doel dienen. Geweld om een bekentenis af te dwingen of om een arrestant ‘een lesje te leren’ is verboden. En geweld moet strikt noodzakelijk zijn. Als het zonder geweld kan, is politiegeweld verboden, oftewel: de mond is het belangrijkste wapen. Ook is de politie verplicht om te de-escaleren en mag de politie niet meer geweld gebruiken dan nodig. De politie mag bijvoorbeeld niet drie keer slaan als één keer genoeg is.

De politie moet bovendien eerst waarschuwen voordat ze overgaat tot geweld. En heel belangrijk: politiegeweld moet altijd proportioneel zijn – het moet in verhouding staan tot het doel. De politie mag een winkeldief die wegrent bijvoorbeeld niet taseren.

Omdat we veel vragen krijgen over wanneer politiegeweld te ver gaat hebben we – aan de hand van zes wapens van de Nederlandse politie – de belangrijkste regels op een rijtje gezet.

Het vuurwapen

Elk gebruik van een vuurwapen is potentieel dodelijk. Daarom mag dat alleen bij een onmiddellijke bedreiging van het leven of kans op ernstig lichamelijk letsel. In Nederland ‘mag’ een agent ook op benen schieten ter aanhouding van een verdachte van een geweldsmisdrijf: ‘aanhoudingsvuur’. Wij zijn daar fel op tegen. Dat is absoluut niet in lijn met internationale verdragen en is nóóit proportioneel.

De politiehond

Na het vuurwapen is de hond het meest risicovolle wapen. Hondenbeten kunnen leiden tot ernstige verwondingen. Een goed afgerichte politiehond stopt met bijten zodra zijn baasje ‘los’ roept. In de praktijk blijkt dit echter niet altijd het geval, zo blijkt uit onderzoek van Zembla. In de geweldsinstructie voor de politie ligt de drempel om een hond in te zetten nu veel te laag.

De wapenstok

De wapenstok is minder risicovol dan het vuurwapen of de hond, maar niet zonder gevaar. Daarom mag de politie in principe niet op kwetsbare lichaamsdelen slaan. Slaan moet op armen en benen. De politie moet eerst waarschuwen voordat ze geweld gebruikt. Op het hoofd slaan en doorslaan terwijl iemand geen bedreiging (meer) is, is nooit oké.

Fysiek geweld

Het gebruik van een nekklem om iemand te verwurgen is levensgevaarlijk. Iemand kan snel en ‘ongemerkt’ bewusteloos raken en stikken. Om iemand aan te houden is dit dus volstrekt niet proportioneel. De nekklem mag alleen als uiterst middel om een einde te maken aan een levensbedreigende situatie. Wij zijn tegen het gebruik van de nekklem. De nekklem is levensgevaarlijk dus hoort niet thuis in instructies en training.

De taser

Het stroomstootwapen (taser) mag alleen gebruikt worden om een levensbedreigende situatie af te wenden of bij risico op ernstig letsel. De taser is vooral risicovol voor mensen met fysieke en/of acute mentale problemen. Uit onze analyses blijkt dat de taser wordt gebruikt tegen mensen die ongewapend zijn en die geen direct gevaar vormen voor anderen. Op afstand (‘dart fire mode’/pijltjes modus) zorgt de taser voor tijdelijke verlamming. Maar soms wordt hij direct op het lichaam gezet om een verdachte heel veel pijn te doen (de ‘schok modus’). Dit moet onmiddellijk verboden worden.

Het waterkanon

Bij grootschalige ordeverstoring mag de politie het waterkanon (‘waterwerper’) inzetten om een menigte te verspreiden. Dat mag alléén als er geen lichter middel is dat werkt, als de politie van tevoren heeft gewaarschuwd en er voldoende ruimte is om weg te komen. De politie mag niet richten op individuen maar mag het waterkanon alleen gebruiken om een mensenmassa op te breken. De politie mag een persoon dus nooit tegen een muur aan spuiten: dat is excessief geweld.