Een beschadigd woongebouw in de stad Tsjernihiv. Zevenenveertig mensen stierven op 3 maart 2022 toen Russische troepen woonwijken, waaronder scholen, troffen.
© AFP via Getty Images

Oekraïense gevechtstactieken brengen burgers in gevaar

Oekraïense gevechtstactieken brengen burgers in gevaar

Oekraïense troepen brachten burgers in gevaar door bases te bouwen en wapensystemen te gebruiken in woonwijken, scholen en ziekenhuizen.

Dit is in strijd met het internationaal humanitair recht en brengt burgers in gevaar, omdat burgerobjecten hierdoor in militaire doelen veranderen. Bij daaropvolgende Russische aanvallen in bevolkte gebieden werden burgers gedood en burgerinfrastructuur vernietigd.

‘We hebben een patroon gedocumenteerd van Oekraïense strijdkrachten die burgers in gevaar brengen en de oorlogswetten overtreden wanneer ze opereren in bevolkte gebieden’, zegt Agnès Callamard, secretaris-generaal van Amnesty International. ‘Het feit dat het land zich moest verdedigen, ontslaat het Oekraïense leger niet van de verplichting het internationaal humanitair recht te respecteren.’

Intensief Amnesty-onderzoek

Tussen april en juli 2022 besteedden Amnesty-onderzoekers enkele weken aan het inspecteren van Russische aanvallen in de regio’s Charkov, de Donbas en Mykolajev. Er werden plekken onderzocht waar Russische munitie was ingeslagen, er werd gesproken met overlevenden, getuigen en familieleden van slachtoffers van aanslagen en er werden teledetecties en wapenanalyses uitgevoerd. Bij teledetectie worden satellietbeelden en andere sensoren zoals radar en LiDAR gebruikt – een technologie die met laserpulsen de afstand tot een object of oppervlak bepaalt – om te zoeken naar bewijzen van aanvallen zoals verwoeste gebouwen, kraters, puin en troepen- of wapenbewegingen.

Bewijzen

Tijdens deze onderzoeken werd bewijs gevonden van Oekraïense troepen die aanvielen vanuit bewoonde woonwijken en militaire bases inrichten in burgergebouwen in negentien steden en dorpen in de regio’s. Amnesty’s Crisis Evidence Lab heeft satellietbeelden geanalyseerd om enkele van deze incidenten verder te bevestigen.

De meeste woonwijken waar zich soldaten bevonden, waren kilometers verwijderd van frontlinies. Er waren alternatieven beschikbaar die de burgers niet in gevaar zouden brengen, zoals militaire bases of dichtbeboste gebieden in de buurt, of andere gebouwen verder weg van woonwijken. In de door Amnesty gedocumenteerde gevallen lijkt er geen sprake van te zijn dat Oekraïense soldaten die zich in woonwijken bevonden, burgers vroegen of hielpen te evacueren. Daarmee faalden ze om alle haalbare voorzorgsmaatregelen te nemen om burgers te beschermen.

Aanvallen vanuit bewoonde burgergebieden

Overlevenden en getuigen van Russische aanvallen in de regio’s de Donbas, Charkov en Mykolajev vertelden onderzoekers van Amnesty dat het Oekraïense leger rond de tijd van de aanvallen in de buurt van hun huizen opereerde, waardoor de gebieden werden blootgesteld aan Russisch vergeldingsvuur. Amnesty-onderzoekers constateerde dit op tal van plaatsen.

Internationaal humanitair recht

Internationaal humanitair recht vereist dat alle partijen bij een conflict zoveel mogelijk militaire doelen vermijden in of nabij dichtbevolkte gebieden. Andere verplichtingen om burgers te beschermen tegen de gevolgen van aanslagen zijn onder meer het weghalen van burgers uit de buurt van militaire doelen en het waarschuwen voor aanvallen die de burgerbevolking kunnen treffen.

Getuigen vertellen

De moeder van een 50-jarige man die op 10 juni 2022 omkwam bij een raketaanval in een dorp ten zuiden van Mykolajev, vertelde Amnesty International: ‘Het leger verbleef in een huis naast het onze en mijn zoon bracht vaak eten naar de soldaten. Ik heb hem verschillende keren gesmeekt om daar weg te blijven omdat ik vreesde voor zijn veiligheid. Die middag, toen de aanval plaatsvond, was mijn zoon op de binnenplaats van ons huis en ik binnen. Hij werd ter plaatse gedood. Zijn lichaam was aan flarden gescheurd. Ons huis is gedeeltelijk verwoest.’ Amnesty-onderzoekers vonden militair materieel en uniformen in het huis ernaast.

Mykola woont in een torenflat woont in een wijk van Lysytsjansk in de Donbas die herhaaldelijk werd getroffen door Russische aanvallen waarbij minstens één oudere man omkwam: ‘Ik begrijp niet waarom ons leger vanuit de steden vuurt en niet vanaf de velden.’ Een andere bewoner, een 50-jarige man, vertelde: ‘Er is zeker militaire activiteit in de buurt. Als er uitgaand vuur is, horen we daarna inkomend vuur.’ Onderzoekers van Amnesty zagen hoe soldaten een woongebouw gebruikten op ongeveer 20 meter van de ingang van de ondergrondse schuilplaats waar de oudere man werd gedood.

Verboden munitie

In een stad in de Donbas gebruikten Russische troepen op 6 mei 2022 verboden en willekeurige clustermunitie boven een buurt met voornamelijk huizen van één of twee verdiepingen van waaruit Oekraïense troepen artillerie gebruikten. Granaatscherven beschadigden de muren van het huis waar de 70-jarige Anna met haar zoon en 95-jarige moeder woont. Ze vertelde: ‘Granaatscherven vlogen door de deuren. Ik was binnen. De Oekraïense artillerie was in de buurt van het veld… De soldaten waren achter het veld, achter het huis… Ik zag ze in- en uitgaan… sinds de oorlog begon… Mijn moeder is… verlamd, dus ik kon niet vluchten.’

Begin juli raakte een landarbeider gewond toen Russische troepen een landbouwmagazijn in de buurt van Mykolajev aanvielen. Uren na de aanval waren onderzoekers van Amnesty getuige van de aanwezigheid van Oekraïense militairen en voertuigen in het gebied waar graan wordt opgeslagen. Getuigen bevestigden dat het leger de opslag aan de overkant van een boerderij waar burgers wonen en werken, had gebruikt.

Terwijl Amnesty-onderzoekers de schade onderzochten aan woningen en aangrenzende openbare gebouwen in Charkov en in dorpen in de Donbas en ten oosten van Mykolajev, hoorden ze uitgaand vuur van Oekraïense militaire posities in de buurt.

In Bakhmut vertelden verschillende bewoners aan Amnesty dat het Oekraïense leger een gebouw had gebruikt dat amper 20 meter aan de overkant van een woontoren stond. Op 18 mei 2022 trof een Russische raket de voorkant van het gebouw, waarbij vijf appartementen gedeeltelijk werden verwoest en nabijgelegen gebouwen werden beschadigd. Kateryna, een inwoner die de aanval overleefde: ‘Ik begreep niet wat er gebeurde. [Er waren] gebroken ramen en veel stof in mijn huis… Ik bleef hier omdat mijn moeder niet weg wilde. Ze heeft gezondheidsproblemen.’

‘Wij betalen de prijs’

Drie bewoners vertelden Amnesty dat Oekraïense troepen vóór de aanval een gebouw aan de overkant van de straat van het gebombardeerde gebouw hadden gebruikt. Er stonden twee militaire vrachtwagens geparkeerd voor een ander huis dat beschadigd was toen de raket insloeg. Amnesty-onderzoekers vonden sporen van militaire aanwezigheid in en buiten het gebouw, waaronder zandzakken en zwarte plastic zeilen die de ramen bedekten, evenals nieuwe in de VS gemaakte EHBO-sets. ‘We hebben geen zeggenschap over wat het leger doet, maar wij betalen de prijs’, vertelde een bewoner wiens huis ook beschadigd was door de aanval.

Militaire bases in ziekenhuizen

Amnesty-onderzoekers ontdekten dat Oekraïense troepen op vijf locaties ziekenhuizen gebruikten als militaire bases. In twee steden waren tientallen soldaten aan het uitrusten, ronddwalen en in ziekenhuizen aan het eten. In een andere stad schoten soldaten vanuit de buurt van het ziekenhuis. Een Russische luchtaanval op 28 april 2022 verwondde twee medewerkers van een medisch laboratorium in een buitenwijk van Charkov nadat Oekraïense troepen een basis op het complex hadden opgezet. Het gebruik van ziekenhuizen voor militaire doeleinden is een duidelijke schending van het internationaal humanitair recht.

Militaire bases op scholen

Het Oekraïense leger heeft routinematig bases opgezet in scholen in steden en dorpen in de Donbas en rond Mykolajev. Scholen waren sinds het begin van het conflict tijdelijk gesloten voor studenten, maar in de meeste gevallen bevonden de gebouwen zich in de buurt van bewoonde woonwijken. Op 22 van de 29 bezochte scholen troffen onderzoekers soldaten aan die het pand gebruikten of vonden ze bewijs van huidige of eerdere militaire activiteiten, waaronder de aanwezigheid van militaire uitrustingen, afgedankte munitie, rantsoenpakketten en militaire voertuigen.

Russische troepen troffen veel van de scholen die door Oekraïense troepen werden gebruikt. In ten minste drie steden verhuisden Oekraïense soldaten na Russische bombardementen op scholen naar andere nabijgelegen scholen, waardoor de omliggende wijken het risico bleef lopen op soortgelijke aanvallen.

Odessa

In een stad ten oosten van Odessa was Amnesty getuige van Oekraïense soldaten die op grote schaal burgergebieden gebruikten voor onderdak en als verzamelplaats. Ook werden gepantserde voertuigen onder bomen in woonwijken geparkeerd en werd gebruikgemaakt van twee scholen in dichtbevolkte woonwijken. Russische aanvallen in de buurt van de scholen doodden en verwonden tussen april en eind juni 2022 verschillende burgers, onder wie een kind en een oudere vrouw.

In Bakhmut gebruikten Oekraïense troepen een universiteitsgebouw als basis. Bij een Russische aanval op 21 mei werd het geraakt. Daarbij kwamen naar verluidt zeven soldaten om. De universiteit grenst aan een hoog woongebouw dat tijdens de aanval werd beschadigd, naast andere burgerwoningen op ongeveer 50 meter afstand staan. Amnesty-onderzoekers vonden de overblijfselen van een militair voertuig op de binnenplaats van het gebombardeerde universiteitsgebouw.

Verplichtingen onder internationaal humanitair recht

Het internationaal humanitair recht verbiedt partijen bij een conflict niet specifiek om zich te vestigen in scholen die niet in gebruik zijn. Legers hebben echter de plicht om scholen niet te gebruiken die zich in de buurt van huizen of flatgebouwen vol met burgers bevinden waardoor hun levens in gevaar komen, tenzij er een dwingende militaire noodzaak is. Als ze dat doen, moeten ze burgers waarschuwen en hen zo nodig helpen evacueren. Dit bleek in de door Amnesty International onderzochte zaken niet te zijn gebeurd.

Gewapende conflicten vormen een ernstige belemmering voor het recht van kinderen op onderwijs, en militair gebruik van scholen kan leiden tot vernielingen die kinderen dit recht nog meer ontneemt als de oorlog voorbij is. Oekraïne is een van de 114 landen die de Safe Schools Declaration hebben onderschreven, een overeenkomst ter bescherming van het onderwijs te midden van gewapende conflicten. Die verklaring staat het partijen toe verlaten of geëvacueerde scholen alleen te gebruiken als er geen goed alternatief is.

Willekeurige aanvallen door Russische troepen

Veel van de Russische aanvallen die Amnesty de afgelopen maanden documenteerde, werden uitgevoerd met willekeurige wapens, waaronder internationaal verboden clustermunitie, of met andere explosieve wapens met een groot gebiedseffect. Anderen gebruikten geleide wapens met verschillende nauwkeurigheidsniveaus; in sommige gevallen waren de wapens precies genoeg om op specifieke objecten te mikken.

Het feit dat het Oekraïense leger om militaire objecten binnen bevolkte gebieden te plaatsen, rechtvaardigt op geen enkele manier willekeurige Russische aanvallen. Alle partijen bij een conflict moeten te allen tijde onderscheid maken tussen militaire doelen en burgerobjecten. Ze moeten alle haalbare voorzorgsmaatregelen nemen, ook bij de keuze van wapens, om schade aan burgerobjecten tot een minimum te beperken. Willekeurige aanvallen waarbij burgers worden gedood of gewond raken of waarbij burgerobjecten worden beschadigd, zijn oorlogsmisdrijven.

‘De Oekraïense regering moet er onmiddellijk voor zorgen dat ze haar troepen uit de buurt van bevolkte gebieden plaatst, of ze moet burgers evacueren uit gebieden waar het leger actief is. Legers mogen ziekenhuizen nooit gebruiken om oorlog te voeren en mogen alleen scholen of woningen gebruiken als laatste redmiddel als er geen haalbare alternatieven zijn’, zegt Agnès Callamard.

Amnesty International heeft op 29 juli 2022 contact opgenomen met het Oekraïense ministerie van Defensie met de bevindingen van het onderzoek. Op het moment van publicatie hadden zij nog niet gereageerd.