Iraanse en Turkse veiligheidstroepen hebben herhaaldelijk Afghanen teruggestuurd toen ze de grens probeerden over te steken op zoek naar een veilig heenkomen. Ze werden onder meer door veiligheidstroepen beschoten.

Iran en Turkije nemen gevluchte Afghanen aan grens onder vuur

Iran en Turkije nemen gevluchte Afghanen aan grens onder vuur

Iraanse en Turkse veiligheidstroepen hebben herhaaldelijk Afghanen teruggestuurd toen ze de grens probeerden over te steken op zoek naar een veilig heenkomen. Ze werden onder meer door veiligheidstroepen beschoten.

In een nieuw Amnesty-rapport, They don’t treat us like humans, staan talloze zaken gedocumenteerd waarbij veiligheidstroepen het vuur openden op mensen die over muren klommen of onder hekken door kropen. Dat gebeurde meestal aan de Iraanse grens. Afghanen die erin slagen Iran of Turkije binnen te komen, worden stelselmatig willekeurig vastgehouden en onderworpen aan marteling en andere vormen van mishandeling. Vervolgens worden ze onwettig en gedwongen teruggestuurd.

Tientallen doden en gewonden

Sinds augustus vorig jaar werden tientallen Afghanen onrechtmatig gedood en verwond, onder meer doordat er herhaaldelijk op volgepakte auto’s werd geschoten. Turkse grenswachten hebben ook onwettig met scherp geschoten op Afghanen.

Amnesty-onderzoekers reisden in maart en mei 2022 naar Afghanistan en Turkije. Ze interviewden artsen, ngo-medewerkers en Afghaanse functionarissen, evenals 74 Afghanen. Van hen meldden 48 mensen dat ze onder vuur kwamen te liggen toen ze probeerden de grens over te steken. Amnesty documenteerde in totaal 255 gevallen van onrechtmatige terugkeer tussen maart 2021 en mei 2022. Geen van de mensen die Amnesty International sprak, had in een van beide landen een asielaanvraag kunnen indienen en de meesten werden in strijd met het internationaal recht teruggestuurd naar Afghanistan.

Amnesty’s oproep

Amnesty International roept de Turkse en Iraanse autoriteiten op om onmiddellijk een einde te maken aan alle pushbacks en uitzettingen van Afghanen. Ook moeten de autoriteiten een einde maken aan marteling en andere vormen van mishandeling, en een veilige doorgang en toegang tot asielprocedures garanderen voor alle Afghanen die bescherming zoeken. Veiligheidstroepen moeten onmiddellijk een einde maken aan het onwettige gebruik van vuurwapens tegen Afghanen aan de grenzen. De daders van mensenrechtenschendingen moeten ter verantwoording worden geroepen.

Amnesty roept ook de internationale gemeenschap op om financiële en materiële steun te verlenen aan landen die grote aantallen Afghanen huisvesten, waaronder Iran en Turkije. Ze moeten ervoor zorgen dat deze financiering niet bijdraagt ​​aan mensenrechtenschendingen. Dit is van cruciaal belang, aangezien de Europese Unie al geld heeft verstrekt voor de bouw van de nieuwe grensmuur van Turkije, evenals voor de bouw van verschillende ‘verwijderingscentra’. Amnesty documenteerde dat daar Afghanen in worden opgesloten. Ook andere landen moeten de mogelijkheden om Afghanen op te vangen, vergroten.

Gedood aan de Iraanse grens

Amnesty interviewde de familieleden van zes mannen en een 16-jarige jongen die tussen april 2021 en januari 2022 werden gedood door Iraanse veiligheidstroepen toen ze probeerden Iran binnen te komen. In totaal werden elf moorden door Iraanse veiligheidstroepen gedocumenteerd, hoewel het werkelijke dodental waarschijnlijk aanzienlijk hoger zal zijn. Hulpverleners en Afghaanse artsen vertelden Amnesty dat ze alleen al tussen augustus en december 2021 ten minste 59 doden en 31 gewonden registreerden.

Ghulam* beschreef hoe zijn 19-jarige neef in augustus 2021 werd doodgeschoten: ‘Hij kwam aan bij de muur langs de grens, klom erop en hief zijn hoofd op. Ze schoten hem door het hoofd, in de linkerslaap. Hij viel op de grond aan de [Afghaanse] kant van de grens.’

Schietpartijen door Turkse veiligheidstroepen

Amnesty International sprak 35 mensen die geprobeerd hadden Turkije binnen te komen, van wie 23 meldden dat ze onder vuur kwamen te liggen. Aref, een voormalige Afghaanse inlichtingenofficier die vluchtte nadat hij doodsbedreigingen van de Taliban had ontvangen, zei dat hij getuige was toen jonge kinderen gewond raakten door Turkse veiligheidstroepen: ‘Ze schoten direct op ons, niet in de lucht (…) Ik was er getuige van dat een vrouw en twee kinderen gewond raakten. Een 2-jarig kind werd in de nier geschoten en een 6-jarig kind werd in zijn hand geschoten. Ik was erg bang.’

Onwettig wapengebruik

Geen van de doden of gewonden lijken een onmiddellijke dreiging voor veiligheidstroepen of anderen te hebben gevormd. Dat betekent dat het gebruik van vuurwapens onwettig en willekeurig zou zijn geweest. In sommige gevallen lijken Iraanse veiligheidstroepen vuurwapens te hebben gebruikt met de intentie om te doden, bijvoorbeeld door van dichtbij rechtstreeks op mensen te schieten.

VN-onderzoek nodig

In Iran heerst een klimaat van voortdurende straffeloosheid voor wijdverbreide marteling, buitengerechtelijke executies en andere onwettige executies. Amnesty International herhaalt daarom haar oproep aan de VN-Mensenrechtenraad om een ​​onafhankelijke onderzoeks- en verantwoordingsprocedure op te zetten. Die moet bewijs verzamelen en analyseren van de ernstigste misdrijven onder internationaal recht die in Iran zijn gepleegd, ook tegen Afghanen, om vervolging in de toekomst mogelijk te maken.

Vastgehouden en gemarteld

Elf Afghanen die onrechtmatig door de Turkse autoriteiten zijn teruggestuurd, zijn vastgehouden in een van de zes uitzetcentra in Turkije waarvan de bouw gedeeltelijk door de EU is gefinancierd. ‘De Europese Commissie moet ervoor zorgen dat financiering van aan migratie- en asielgerelateerde zaken in Turkije niet bijdraagt ​​aan mensenrechtenschendingen. Als de EU doorgaat met het financieren van detentiecentra waar Afghanen worden vastgehouden voordat ze onrechtmatig worden teruggestuurd, loopt de EU het risico medeplichtig te worden aan deze afschuwelijke schendingen’, zegt Marie Forestier.

Internationale bescherming geweigerd

Geen van de Afghanen met wie Amnesty sprak, kon een verzoek om internationale bescherming indienen, noch in Iran, noch in Turkije. Ze zeiden dat ze probeerden de autoriteiten duidelijk te maken dat ze een ernstig risico zouden lopen op de schending van hun mensenrechten als ze naar Afghanistan zouden terugkeren, maar hun angst werd weggewoven.

‘Vrijwillig’ vertrek

Alle teruggestuurde mensen met wie Amnesty sprak, zeiden dat de Turkse en Iraanse autoriteiten hen dwongen te vertrekken. Een man vertelde: ‘Ik heb [de veiligheidstroepen] verteld dat ik gevaar liep in Afghanistan. Het kon ze niet schelen. Ze sloegen me, duwden me tegen de muur. Ik viel op de grond. Twee mannen hielden mijn benen vast en een zat op mijn borst. Twee anderen legden mijn vingers op het papier.’ Amnesty constateerde eerder al dat mensen zogenaamd ‘vrijwillig’ uit Turkije vertrokken.

‘Het internationale rechtsbeginsel van non-refoulement verbiedt staten om iemand terug te sturen naar een gebied waar ze het risico lopen op vervolging en andere ernstige mensenrechtenschendingen. We dringen er bij de Turkse en Iraanse autoriteiten op aan zich aan deze verplichting te houden en te stoppen met het terugsturen van mensen naar Afghanistan waar ze gevaar lopen’, zegt Marie Forestier. ‘De internationale gemeenschap moet ook zorgen voor een veilige doorgang en evacuatie van Afghanen die gevaar lopen en de verantwoordelijkheid nemen voor de opvang van Afghaanse vluchtelingen.’

 

*Alle namen zijn pseudoniemen