Rookwolken boven Gaza-stad in Palestijns gebied na een Israëlische luchtaanval in juli 2014
© MOHAMMED SABER / EPA

Gewapend conflict en wapencontrole

Oorlogen en gewapende conflicten zorgen altijd voor veel leed. Ze leiden niet alleen tot doden en gewonden, maar het zijn ook broedplaatsen voor grootschalige mensenrechtenschendingen, waaronder marteling, verdwijningen en detentie zonder aanklacht. Amnesty kiest geen partij in conflicten. We onderzoeken mensenrechtenschendingen en voeren daar actie tegen, ongeacht wie de dader is of waar het conflict plaatsvindt. En we steunen de slachtoffers en nabestaanden in hun strijd om gerechtigheid.

Het probleem

Burgers mogen in een gewapend conflict nooit het doelwit zijn. Toch worden zij over de hele wereld door strijdende partijen aangevallen. De regels voor het voeren van oorlog zijn vastgelegd in internationale verdragen. Maar die regels worden aan de lopende band geschonden.

Zo moeten alle partijen in een conflict er alles aan doen om burgerslachtoffers te voorkomen. Daarom zijn onnauwkeurige wapens als clusterbommen en landmijnen verboden, net als het aanvallen van woonwijken, ziekenhuizen en scholen. Ook mogen soldaten die niet langer meevechten in het conflict, zoals gewonden en krijgsgevangenen, niet worden gedood. Als partijen zich niet aan deze regels houden, dan zijn dat ernstige schendingen van de rechten van burgers. En oorlogsmisdrijven.

Niet alleen de strijdende partijen in een conflict maken zich schuldig aan schendingen. Ook staten die niet direct deelnemen aan een conflict kunnen zich daaraan bezondigen, als zij wapens, munitie en andere wapenuitrusting leveren. Volgens het Internationaal Wapenhandelverdrag mogen landen geen wapens en munitie leveren aan groeperingen en regeringen, als die worden gebruikt voor genocide, misdrijven tegen de menselijkheid of oorlogsmisdrijven.

© Khalil Hamra / AP Photo
Een Palestijnse vrouw loopt langs het puin van door Israël verwoeste huizen in het Rafah-vluchtelingenkamp in de Gazastrook.

Wat doet Amnesty?

Onze crisisonderzoekers bezoeken oorlogsgebieden en brengen daar massale schendingen van mensenrechten aan het licht. Zo leverden zij onder meer bewijs voor het gebruik van  vaatbommen op burgerdoelen in Syrië, etnische zuiveringen in de Centraal-Afrikaanse Republiek, moordpartijen in Irak, luchtaanvallen op burgers in Jemen en het inzetten van chemische wapens tegen burgers in Darfur.

Door deze schendingen aan het licht te brengen, ontstaat er aandacht in de media. Hierdoor voeren we de druk op de internationale gemeenschap op om tegen de schendingen in actie te komen, en roepen we strijdende partijen op om die tegen te gaan en burgers te beschermen. Met het verzamelde bewijs kunnen daders van gruweldaden later berecht worden.

Restanten van onder meer clustermunitie, afgeworpen bij luchtaanvallen  op burgerdoelen in de Jemenitische hoofdstad Sana’a door een door Saudi-Arabië geleide coalitie (2016).
Lees het dossier Crisisonderzoek 

Ontwikkelingen

Berechting daders

Uiteindelijk willen we dat de data uit onze onderzoeken worden gebruikt bij het berechten van daders. Zo werd voormalig dictator Hissène Habré uit Tsjaad veroordeeld tot levenslang voor misdaden tegen de menselijkheid, verkrachting en seksuele slavernij. Onder het bewijsmateriaal bevonden zich de talloze getuigenissen van slachtoffers die onze onderzoekers in de jaren tachtig hebben verzameld. Ook werd een voormalige Amnesty-medewerker gehoord als getuige-deskundige.

Wapenhandelverdrag

Om te voorkomen dat wapenleveranties aan gewapende conflicten leiden tot ernstige mensenrechtenschendingen, hebben we bijna twintig jaar actiegevoerd voor een internationaal wapenhandelverdrag. Dit kwam er uiteindelijk op 2 april 2013. We blijven druk uitoefenen op landen, zodat het verdrag ook echt wordt nageleefd.

Internationaal Strafhof

Na jarenlange druk van Amnesty en honderden andere organisaties werd het Internationaal Strafhof in 2003 een feit. Sindsdien kunnen verantwoordelijken voor oorlogsmisdrijven internationaal worden berecht.

Amnesty’s oproep

We gaan door met ons werk totdat:

  • Er een einde wordt gemaakt aan straffeloosheid van oorlogsmisdrijven en misdrijven tegen de menselijkheid.
  • Burgers niet meer het doelwit zijn van staten en gewapende groeperingen.
  • Er geen kindsoldaten meer worden ingezet.
  • Het Internationaal Wapenhandelverdrag in de praktijk wordt nageleefd.