Mensenrechtenencyclopedie
© Flickr.com / CC / valerieroybal

Generaal pardon

Een generaal pardon is in Nederland een regeling waarbij migranten die al geruime tijd in het land verblijven alsnog een eerder geweigerde verblijfsvergunning toegekend krijgen.

Verscheidene maatschappelijke organisaties waren begin deze eeuw voorstander van een generaal pardon voor asielzoekers die vijf jaar of langer in Nederland verblijven en al die tijd in onzekerheid verkeren. Daarmee zouden ze verblijfsrecht krijgen. In dit verband werd sinds begin 2004 gesproken over de ‘26.000 asielzoekers’. Dat was een groep mensen die op dat moment nog een procedure hadden lopen van hun asielaanvraag die zij vóór 1 april 2001 (de datum van inwerkingtreding van de Vreemdelingenwet 2000) hadden ingediend en die naar verwachting in de drie daarop volgende jaren zou zijn afgerond.

Generaal pardon: standpunt Amnesty

Amnesty International neemt uit oogpunt van onpartijdigheid geen standpunt in vóór of tégen een ‘pardonregeling’ of ‘regularisering’; uiteindelijk is dit een politieke beslissing. Amnesty benadrukt dat het mensenrecht op asiel een zorgvuldige en efficiënte asielprocedure veronderstelt. Na 1994 werd veelvuldig de klacht gehoord dat asielaanvragen niet goed werden onderzocht en de informatie waarop beslissingen werden gebaseerd gebrekkig was.

De Vreemdelingenwet 2000 heeft geen snelle oplossing gebracht voor de mensen die nog zaten te wachten op een beslissing. Veel asielzoekers bevinden zich met medeweten van de Nederlandse overheid in een langdurige onzekere situatie; in sommige gevallen al meer dan 10 jaar. In veel gevallen zijn er kinderen in Nederland geboren. De verbondenheid met Nederland is vaak vele malen groter is dan de band met het land waar hun ouders vandaan komen. Een pardon op voorwaarde dat de rechten van asielzoekers verder worden beperkt wijst Amnesty International af: ‘Ruimhartigheid vandaag mag geen vrijbrief zijn voor onrechtvaardigheid morgen.’

Generaal pardon: onafgebroken verblijf

In 2007 stemde de Tweede Kamer in met de door het kabinet voorgestelde pardonregeling. Deze stelt als voorwaarden aan degene onder meer een onafgebroken verblijf in Nederland en een maximaal toegestane contra-indicatie (‘opgelegde straf’). Tijdens het debat was vooral het onafgebroken verblijf een punt van discussie, omdat een uitgeprocedeerde asielzoeker verplicht is om Nederland binnen een bepaalde termijn te verlaten.

Begin 2008 hadden ongeveer 27.500 mensen gebruik gemaakt van het generaal pardon. Toen zij na vijf jaar Nederlanderschap wilden aanvragen, bleek dat voor de meerderheid onmogelijk door tussentijdse aanscherping van de regels. Ze moesten nu paspoort en geboorteakte kunnen overleggen. De Ombudsman klaagde deze praktijk in 2017 aan bij de overheid.