Mensenrechtenencyclopedie
© Flickr.com / CC / valerieroybal

Demonstratievrijheid

De vrijheid van demonstratie (betoging) valt onder het recht op vrijheid van meningsuiting en het recht op vereniging en vergadering.

Het recht op vreedzaam protest is vastgelegd in de Nederlandse grondwet en is in Nederland uitgewerkt in de Wet openbare manifestaties. Demonstraties kunnen worden beperkt om wanordelijkheden te voorkomen. Dat mag alleen voor zover dit noodzakelijk is ter bescherming van de gezondheid, in het belang van het verkeer of ter bestrijding of voorkoming van wanordelijkheden.  Een demonstratie kan alleen in heel uitzonderlijke situaties worden verboden.

Casus 

Op zaterdag 12 november 2016 zijn burgers die vreedzaam protesteerden tegen Zwarte Piet, of voornemens waren dat te doen, door de politie op verschillende manieren en momenten tegengehouden, ingesloten, en aangehouden. Volgens Amnesty International waren zowel het algehele demonstratieverbod dat in het centrum van Rotterdam gold als het beëindigen van het vreedzame protest disproportioneel. Het op voorhand opleggen van een algeheel demonstratieverbod is een zeer ingrijpende maatregel, die alleen in uitzonderlijke situaties mag worden toegepast. De door de burgemeester geuite vrees dat tegendemonstranten geweld zouden gebruiken had reden moeten zijn om vreedzame demonstranten te beschermen, niet om hun vrijheid van meningsuiting in te perken. 

Rechtsregels

  • Voor een demonstratie hoeft in Nederland niet tevoren om toestemming worden gevraagd. Wel leggen gemeenten de verplichting op om demonstraties vooraf te ‘melden’. Dit is voor de autoriteiten een belangrijk instrument ter facilitering van demonstraties.
  • Het ontbreken van een kennisgeving mag op zichzelf geen grond vormen voor een verbod of andere beperkende maatregelen ten aanzien van vreedzame demonstraties.
  • Vreedzame demonstranten mogen niet worden aangehouden alleen omdat ze een verbod of vordering overtreden of het protest niet hebben aangemeld.
  • Een demonstratie mag vooraf worden verboden als er sprake is van ernstige bedreigingen van de openbare orde of veiligheid. Een demonstratie is bijna altijd een (geringe) verstoring van de openbare orde, bijvoorbeeld de vrije doorgang van verkeer, dat is geen voldoende reden voor een verbod.
  • Een demonstratie verbieden omdat er de dreiging is van geweld in confrontatie met tegendemonstranten moet een heel zorgvuldig afgewogen besluit zijn. Een geweldsdreiging kan immers worden ingezet met als (voornaamste) doel een demonstratie van de andere partij te doen verbieden. De aangewezen weg is de plaatsen van demonstratie zo te kiezen dat tegenstanders elkaar niet na komen.
  • De burgemeester van Rotterdam had op grond van de Wet openbare manifestaties (Wom) een algeheel tijdelijk demonstratieverbod opgelegd, maar de Wom biedt de burgemeester deze bevoegdheid niet. 
  • Volgens de Gemeentewet is ‘in geval van oproerige beweging, van andere ernstige wanordelijkheden of van rampen of zware ongevallen, dan wel van ernstige vrees voor het ontstaan daarvan, is de burgemeester bevoegd alle bevelen te geven die hij ter handhaving van de openbare orde of ter beperking van gevaar nodig acht’. In die gevallen zou de burgemeester een noodverordening kunnen opleggen met daarin een algemeen tijdelijk demonstratieverbod. Maar dan gaat het beduidend meer dan verstoring van de openbare orde.