Georgette Ndovya Kavugho uit Congo werd in 2021 het slachtoffer van een aanval van de ADF, die met machetes op haar insloegen.
© Brent Stirton/Getty Images

Nieuw rapport Amnesty over oorlogsmisdrijven in Congo

Gewapende troepen van de Allied Democratic Forces (ADF) plegen massale mensenrechtenschendingen in het oosten van de Democratische Republiek Congo (DRC). De schendingen kunnen neerkomen op oorlogsmisdrijven en misdaden tegen de menselijkheid. Dit zegt Amnesty in een vandaag gepubliceerd rapport.

Het rapport getiteld “I’d Never Seen So Many Bodies”: War Crimes by the Allied Democratic Forces in the eastern Democratic Republic of Congo beschrijft gewelddadige aanvallen van het ADF op burgers. Ze worden ontvoerd en gedwongen om voor hun ontvoerders te werken. Kinderen worden gerekruteerd en ingezet en vrouwen worden het slachtoffer van huwelijken, gedwongen zwangerschappen en verschillende andere vormen van seksueel geweld.

Misdaden tegen de menselijkheid

Het aan Islamitische Staat gelieerde ADF viel burgers aan in uitgestrekte gebieden in het oosten van de DRC. Daar is de door Rwanda gesteunde gewapende groepering M23 eveneens betrokken bij grootschalige aanvallen op burgers.

“Burgers in het oosten van de DRC hebben zwaar te lijden onder het wrede optreden van ADF-strijders. Ze zijn vermoord, ontvoerd en gemarteld”, zegt Agnès Callamard, secretaris-generaal van Amnesty International. “ADF-strijders overvielen gemeenschappen, boerderijen en medische voorzieningen, plunderden huizen en staken ze in brand. Het geweld van het ADF verergert de humanitaire crisis. Mensen raakten ontheemd door de aanvallen en hebben minder toegang tot voedsel, gezondheidszorg en onderwijs.”

Uitgebreid onderzoek

Amnesty International deed in november 2025 onderzoek in de provincie Noord-Kivu. Er werden in totaal 71 mensen geïnterviewd, waaronder 61 persoonlijke interviews met directe getuigen en overlevenden van aanvallen. Ook interviewde Amnesty mensen uit het maatschappelijk middenveld, militairen, politieambtenaren en humanitaire hulpverleners, onder meer van de VN.

Amnesty documenteerde acht ADF-aanvallen in de provincies Ituri en Noord-Kivu. Zeven van de aanvallen vonden plaats in 2025 en één in 2024. Getuigen verklaarden dat veiligheidstroepen, waaronder die van het leger van de Democratische Republiek Congo FARDC in nabijgelegen bases, niet altijd reageerden op de aanvallen of te laat ter plaatse kwamen.

Hoewel het ADF ook veiligheidstroepen aanvalt, waren burgers de afgelopen jaren hun voornaamste doelwit. Strijders vallen burgers opzettelijk aan, niet alleen om voedsel, medicijnen en andere voorraden te stelen, maar ook als vergelding voor militaire operaties.

Doodgeslagen met een hamer

Op 8 september 2025 vermomden ADF-strijders zich in het dorp Ntoyo als burgers. Ze mengden zich onder rouwenden die een wake bijwoonden. Vervolgens vielen ze de mensen plotseling aan met hamers, bijlen, machetes en vuurwapens. Hierbij vielen meer dan 60 doden. Er waren geen veiligheidstroepen aanwezig.

Een getuige zag hoe strijders zijn zus met een bijl doodden. Een andere getuige beschreef hoe strijders haar huis binnenvielen en haar vier dochters ontvoerden. Een derde getuige vond ’s ochtends de lichamen van haar ouders; haar vader was doodgeschoten, terwijl haar moeder met een hamer was doodgeslagen. Ze zei: “Ik had nog nooit zoveel dode lichamen gezien.”

Ontheemden vluchten met hun bezittingen weg van de plaats van een aanval die naar verluidt is gepleegd door de rebellengroep Allied Democratic Forces (ADF) in het dorp Halungupa bij Beni, Oost-Congo, op 18 februari 2020.(c) Alexis Huguet/AFP via Getty Images
© Alexis Huguet/AFP via Getty Images
Ontheemden vluchten met hun bezittingen weg van de plaats van een aanval die naar verluidt is gepleegd door de rebellengroep Allied Democratic Forces (ADF) in het dorp Halungupa bij Beni, Oost-Congo, op 18 februari 2020. (c) Alexis Huguet/AFP via Getty Images

‘Ze schoten op alles wat bewoog’

Op 12 juli 2025 doodde het ADF acht mensen bij een inval in Otmaber in de Irumu-regio in Ituri. Een vrouw vertelde Amnesty International dat strijders haar gezin neerschoten. Ze zei: “Nadat ze ons hadden neergeschoten, staken ze huizen in brand… Mijn zoon van zeven en ik kropen langzaam een huis binnen dat niet was afgebrand en brachten daar de nacht door… Zelfs ’s ochtends kwam [het leger] niet. Iedereen moest voor zichzelf zorgen.”

De groep viel ook herhaaldelijk medische centra aan en roofde medische voorraden. In november 2025 was een medisch centrum in het dorp Byambwe het doelwit. Het ADF doodde minstens 17 burgers en stak vier paviljoens in brand. Iemand die wist te ontsnappen door uit het gebouw te kruipen, zei: “Je kon niet rechtop staan; ze schoten op alles wat bewoog.”

Ontvoeringen en gijzelnemingen

Amnesty International documenteerde 46 gevallen van ontvoering. Zeven van hen werden vastgehouden voor losgeld. Degenen die waren ontvoerd werden het slachtoffer van onder meer dwangarbeid, marteling en seksuele slavernij. Soms werden ze zelfs gedood. Gijzelaars en andere ontvoerde mensen werden vaak gedwongen om als dragers en gidsen voor het ADF te werken. Ze kregen weinig te eten van de strijders en moesten dagenlang lopen en zware lasten dragen, terwijl ze werden beledigd en mishandeld. Wie tekenen van uitputting vertoonde, werd vaak gedood.

Ontvoerde mensen werden van het ene kamp naar het andere verplaatst, diep in het oerwoud. Degenen die daar langere tijd werden vastgehouden, werden gedwongen allerlei taken uit te voeren. Wie niet meewerkte, werd gedood. Zo moesten ze onder meer eten en water halen, koken, informatie verzamelen, bestellingen ophalen, in mijnen werken en verschillende taken uitvoeren tijdens aanvallen.

Een vrouw die eind 2024 na meer dan twee jaar uit gevangenschap ontsnapte, vertelde Amnesty International: “Ze leerden ons hoe we moesten doden met wapens en met messen… In de bush moest je doen wat je werd opgedragen. Je mag niet zwak zijn.”

Rekrutering en inzet van kinderen

Het ADF staat op de VN-lijst van groeperingen in de DRC die het vaakst kinderen rekruteren en inzetten. Kinderen krijgen verschillende taken, onder meer als strijders, dragers, koks en uitkijkposten. Veel voormalige ontvoerde kinderen en getuigen zagen kinderen van circa 10 jaar oud, die deelnamen aan de aanvallen van de groepering.

Amnesty International interviewde twee voormalige ontvoerde kinderen, plus drie jongeren die als kind waren ontvoerd. Ze waren allemaal door het ADF voor verschillende doeleinden ingezet.

Een jongeman werd ontvoerd toen hij nog geen 15 was, verbleef ongeveer twee jaar in gevangenschap. Hij zei: “Ze plaatsten me in een groep die het eten moest zoeken … Ze predikten de islam aan ons… Als het tijd was om te bidden, bad ik met hen mee. Als je weigerde, konden ze je doden.”

Een meisje dat werd ontvoerd toen ze nog geen 15 was, zei: “Ze leerden ons Arabisch omdat ze moslims waren. Na de Arabische lessen gaven ze ons gevechtstraining. Toen we die training hadden afgerond, namen we deel aan enkele aanvallen.”

Geweld tegen vrouwen en meisjes

Amnesty International interviewde vijf vrouwen en twee meisjes die door het ADF waren ontvoerd en tot een ‘huwelijk’ waren gedwongen. Getuigen verklaarden dat ‘buitenechtelijke’ relaties niet waren toegestaan. Maar verschillende geïnterviewden maakten melding van gevallen van seksueel geweld door ADF-strijders tegen vrouwen en meisjes buiten het ‘huwelijk’ om.

Uit de interviews blijkt dat het ADF aan strijders – soms meerdere – ‘echtgenotes’ gaf als stimulans om zich aan te sluiten. Dit is heel gewoon in de ADF-kampen. De vrouwen en meisjes werden gedurende lange tijd blootgesteld aan seksueel en fysiek geweld.

De vrouwen en meisjes zeiden dat vrouwelijke trainers en kampleiders hen expliciet hadden verteld dat ze moesten accepteren dat ze ‘echtgenoten’ kregen toegewezen, of anders gedood zouden worden. Een aantal van van hen werd gedwongen toe te kijken hoe anderen werden gedood, omdat ze weigerden te gehoorzamen.

Het ADF is door de VN aangemerkt als een van de partijen die het meest verantwoordelijk zijn voor misstanden met kinderen in de DRC, waaronder ontvoering en rekrutering. (c) Amnesty International
© Amnesty International
Het ADF is door de VN aangemerkt als een van de partijen die het meest verantwoordelijk zijn voor misstanden met kinderen in de DRC, waaronder ontvoering en rekrutering. (c) Amnesty International

Seksuele slavernij

Een jonge vrouw die als tiener werd ontvoerd, vertelde over een gesprek dat ze had met de kampleider: “Ik zei dat ik nog jong was. Hij vroeg hoe oud ik was en ik zei 16. Hij zei: ‘Dat is oud genoeg; hier geven we meisjes van 12 al een echtgenoot. Of je accepteert een echtgenoot, of we vermoorden je’.” Ze beschreef herhaaldelijke mishandeling door haar ‘echtgenoot’, die dreigde dat ze zou worden “afgeslacht” als ze zou proberen te vluchten.

Zes van de zeven vrouwen en meisjes die als ‘echtgenotes’ waren meegenomen, zeiden dat ze zwanger waren geraakt als gevolg van de gedwongen huwelijken. Nadat het deze ontvoerde vrouwen en meisjes gelukt was om te ontsnappen aan seksuele slavernij en huishoudelijke dienstbaarheid, werden ze geconfronteerd met wantrouwen en stigma. Eén vrouw werd onder druk van haar schoonfamilie gezet om haar twee kinderen, die in de bush waren geboren, te doden. Dit leidde er bijna toe dat ze zelfmoord pleegde.

Oproep Amnesty

“De meedogenloze aanvallen van de groep onderstrepen de omvang van de onveiligheid en de elkaar overlappende crises in het oosten van de DRC”, zegt Callamard. “De regering en de internationale gemeenschap moeten dringend hun inspanningen opvoeren om burgers te beschermen en de daders gerechtelijk te vervolgen. Deze misstanden zijn oorlogsmisdaden die de wereld niet langer mag negeren. Als onderdeel van wijdverbreide en systematische aanvallen op de burgerbevolking komen ze ook neer op misdaden tegen de menselijkheid.”

Amnesty vindt ook dat er eerder moet worden gewaarschuwd voor op handen zijnde aanvallen, zodat er sneller kan worden gereageerd. Waarschuwingsmechanismen moeten worden verbeterd, zodat er snel gereageerd kan worden voordat aanvallen plaatsvinden.

Achtergrond

Het ADF ontstond in de jaren negentig in Oeganda uit een fusie van oppositiegroeperingen. Hierna zocht de groepering haar toevlucht in Zaïre (het huidige DRC). Het ADF zwoer trouw aan Islamitische Staat in 2019. Daarna werd de groep erkend als de Centraal-Afrikaanse provincie van IS.

Het leger van de Democratische Republiek Congo (FARDC) strijdt al jaren tegen het ADF, met enige steun van de VN-missie MONUSCO. De FARDC en de Uganda Peoples’ Defence Forces (UPDF) voeren sinds november 2021 een gezamenlijke militaire operatie tegen het ADF.

Meer over dit onderwerp