Iran: bloedbad onder demonstranten eist wereldwijde actie
In Iran worden op een ongekende schaal mensen gedood door veiligheidstroepen. Door Amnesty International geverifieerde video’s en betrouwbare informatie van ooggetuigen zijn hiervan het bewijs. De Iraanse autoriteiten hebben sinds 8 januari het internet afgesloten om hun misdaden te verhullen.
Amnesty dringt er bij de VN-lidstaten op aan te erkennen dat de systemische straffeloosheid voor de misdaden van de veiligheidstroepen tijdens de huidige en eerdere protesten, de Iraanse autoriteiten heeft aangemoedigd om door te gaan met hun criminele gedrag. Sinds 28 december 2025 heeft de gewelddadige onderdrukking van overwegend vreedzame protesten geleid tot een ongekend aantal dodelijke slachtoffers. Het dodental is volgens officiële bronnen opgelopen tot 2.000.
Einde aan de straffeloosheid
De VN-lidstaten moeten onmiddellijk en gecoördineerd optreden om verder bloedvergieten te voorkomen, onder meer door speciale zittingen van de VN-Mensenrechtenraad en de VN-Veiligheidsraad bijeen te roepen. Om een einde te maken aan het tijdperk van straffeloosheid en om verder bloedvergieten te voorkomen, moeten de lidstaten internationale rechtsmechanismen instellen. Deze moeten gericht zijn op het snel instellen van strafrechtelijk onderzoek en op vervolging van degenen die misdaden volgens het internationaal recht en grove schendingen van de mensenrechten hebben begaan. De staten moeten ook de Veiligheidsraad oproepen om de situatie in Iran door te verwijzen naar het Internationaal Strafhof (ICC).
Ongekende repressie en geweld
“Er moet een einde komen aan deze spiraal van bloedvergieten en straffeloosheid,” zegt Agnès Callamard, secretaris-generaal van Amnesty International. “De ernst en omvang van het dodelijke geweld en de onderdrukking sinds 8 januari is ongekend, zelfs als je het afzet tegen de treurige staat van dienst van de Iraanse autoriteiten, die tijdens opeenvolgende protestgolven grove schendingen van de mensenrechten en misdaden volgens het internationaal recht hebben begaan.”
“De hoogste leider van Iran en de veiligheidstroepen zijn overgegaan tot de dodelijkste onderdrukkende maatregelen tot nu toe. De autoriteiten hebben opzettelijk gekozen voor het massaal doden van demonstranten, die fundamentele veranderingen eisen en een overgang van het systeem van de Islamitische Republiek naar een nieuw regeringssysteem, dat de mensenrechten en de menselijke waardigheid respecteert. De internationale gemeenschap moet dringend diplomatieke maatregelen nemen, enerzijds om demonstranten te beschermen tegen verdere bloedbaden en anderzijds om de straffeloosheid aan te pakken die de drijvende kracht is achter het staatsbeleid van bloedvergieten.”
Overvolle mortuaria
Amnesty International beschikt over bewijs dat veiligheidstroepen die zich op straat en op daken hadden opgesteld, herhaaldelijk met hagel op demonstranten hebben geschoten, waarbij ze vaak op het hoofd en de romp van ongewapende mensen richtten. Ziekenhuizen worden overspoeld met gewonden, terwijl radeloze families tussen de lijkzakken bij overvolle mortuaria naar hun vermiste familieleden zoeken en in pick-uptrucks, vrachtcontainers of magazijnen stapels lichamen aantreffen.
Tientallen foto’s en video’s
Amnesty International heeft tientallen video’s en foto’s geanalyseerd die verband houden met het gewelddadige optreden tegen de protesten sinds 8 januari in tien steden in de provincies Alborz, Gilan, Kermanshah, Razavi Khorasan, Sistan en Baluchestan en Teheran. Amnesty heeft ook een onafhankelijke patholoog geraadpleegd over foto’s en video’s waarop dodelijke of ernstige verwondingen te zien zijn.
Mensenrechtenverdedigers en journalisten buiten Iran hebben Amnesty International screenshots gestuurd van tekst- of spraakberichten van 38 personen in 16 steden in 9 provincies in Iran. Daarnaast heeft de organisatie gesproken met drie goed geïnformeerde bronnen in Iran, onder wie een zorgmedewerker en twee demonstranten, en met 16 goed geïnformeerde bronnen buiten Iran, onder wie familieleden van slachtoffers, mensenrechtenverdedigers, journalisten en een ooggetuige die op 12 januari Iran heeft verlaten.
Bewuste geweldsescalatie
Het door Amnesty International verzamelde bewijsmateriaal wijst op een gecoördineerde landelijke escalatie van het onwettige gebruik van dodelijk geweld door de veiligheidstroepen tegen overwegend vreedzame demonstranten en omstanders sinds de avond van 8 januari.
Volgens videoanalyses en ooggetuigenverslagen zijn bij het dodelijke optreden onder meer betrokken: de Revolutionaire Garde, met inbegrip van de Basij-bataljons, en verschillende divisies van de Iraanse politie, bekend onder de Perzische afkorting FARAJA, evenals agenten in burger.
Schotwonden aan het hoofd
Geverifieerd audiovisueel bewijsmateriaal laat ernstige en in sommige gevallen dodelijke verwondingen zien, waaronder schotwonden aan het hoofd, ook in de ogen, en mensen die bewegingsloos op straat liggen of worden weggevoerd, terwijl er nog steeds geluiden te horen zijn die vermoedelijk duiden op schoten. Andere beelden tonen patiënten die hevig bloeden of levenloos op de vloer van ziekenhuizen liggen. In verschillende video’s zeggen degenen die filmen dat er mensen zijn gedood. Op ten minste twee video’s zijn veiligheidstroepen te zien die vluchtende demonstranten achtervolgen en op hen schieten, terwijl deze mensen geen bedreiging lijken te vormen die het gebruik van geweld rechtvaardigt, laat staan met vuurwapens of andere verboden wapens.
Onbeschrijflijke misdaden
In een verslag dat met Amnesty International werd gedeeld, zegt een journalist uit Teheran:
“Vertel de wereld dat er onbeschrijfelijke misdaden worden gepleegd in Iran… Vertel de wereld dat als ze niets doen, zij [de autoriteiten] het land in een begraafplaats zullen veranderen.”
Door de aanhoudende internetblokkade is het voor slachtoffers, journalisten en mensenrechtenorganisaties erg moeilijk om diepgaande interviews te geven en af te nemen en schendingen te documenteren, waardoor er bewijsmateriaal verloren dreigt te gaan.
Oproep van Amnesty International
Amnesty International herhaalt haar oproep aan het hoogste veiligheidsorgaan van Iran, de Hoge Nationale Veiligheidsraad, om de veiligheidstroepen onmiddellijk opdracht te geven om het onwettige gebruik van geweld en vuurwapens te staken en de volledige toegang tot internet direct te herstellen.
Het is hoog tijd dat staten en de internationale gemeenschap streven naar internationale gerechtigheid en een einde maken aan de decennialange en systemische straffeloosheid, die de Iraanse autoriteiten in staat heeft gesteld om misdaden volgens het internationaal recht te begaan, afwijkende meningen uit te roeien en de bevindingen van de VN-onderzoekscommissie over Iran met betrekking tot misdaden tegen de menselijkheid te ontkennen. Een dergelijke brede rechtshandhavingsaanpak vereist internationale maatregelen, waaronder een onderzoek door het Internationaal Strafhof (na een verwijzing door de VN-Veiligheidsraad) en de instelling van internationale rechtshandhavingsmechanismen voor Iran. Daarnaast moeten er gecoördineerde maatregelen op nationaal niveau komen door staten die strafrechtelijke onderzoeken en vervolgingen instellen op grond van het beginsel van universele jurisdictie.
Provincie Teheran
Uit geverifieerde video’s en ooggetuigenverslagen blijkt dat veiligheidstroepen in de provincie Teheran op massale schaal mensen onwettig hebben gedood. Op 10 januari 2026 verschenen er schokkende beelden van een geïmproviseerd mortuarium. Dit was ingericht in een bijgebouw van de Legal Medicine Organization (een forensisch instituut van de staat) in Kahrizak, nabij Teheran, omdat het officiële mortuarium in het gebouw overvol was. Vijf video’s uit dit mortuarium tonen radeloze families die tussen de lijkzakken op zoek zijn naar hun overleden familieleden. Amnesty International heeft de vijf video’s geanalyseerd en, rekening houdend met mogelijke doublures in de beelden, vastgesteld dat er minstens 205 verschillende lijkzakken aanwezig waren.
Een van de video’s, gepubliceerd op 11 januari 2026, toont een beeldscherm in de faciliteit waarop foto’s van de overledenen worden getoond, met een veranderende teller. Dit lijkt een methode te zijn die door de autoriteiten wordt gebruikt om families in staat te stellen hun overleden familieleden te identificeren. De teller bereikt op de beelden het nummer 250, wat wijst op het aantal lichamen die er op dat moment liggen.
Op elkaar gestapelde lichamen
Een rapportage die op 13 januari 2026 door BBC Persian werd gepubliceerd, bevat het verslag van een ooggetuige in Kahrizak, die de situatie op 9 januari als volgt beschreef:
“Zij [de families van de slachtoffers] kwamen bij een autopsiezaal waar de lichamen op elkaar waren gestapeld… Er was een kamer die zo vol lag met lichamen dat de deur niet eens open kon… In een andere kamer lagen de lichamen van de vrouwen.”
Uit informatie van drie goed geïnformeerde bronnen blijkt dat, naast dit centrale mortuarium in Kahrizak, familieleden van slachtoffers naar begraafplaatsen en ziekenhuizen worden verwezen, waar lichamen worden bewaard in opslagplaatsen en vrachtcontainers.
Hartverscheurende taferelen
Op een video die is opgenomen op de begraafplaats Behesht Zahra in Teheran zijn families te zien die op zoek zijn naar hun dierbaren tussen de lijkzakken die buiten en in meerdere grote ruimtes binnen het complex liggen. Het is onduidelijk wanneer de video is opgenomen, maar degene die hem heeft gemaakt, zegt dat de lichamen zijn binnengebracht na het gewelddadige optreden op 8 en 9 januari 2026. Amnesty International analyseerde de video en vier foto’s waarop lichamen in zwarte zakken te zien zijn en telde minstens 120 lijkzakken. De organisatie sprak met een familielid van een slachtoffer dat op 9 januari naar het mortuarium ging om het lichaam op te halen. Dit familielid beschreef hartverscheurende taferelen in het mortuarium van de begraafplaats, dat overspoeld werd door lijken.
Scherpe munitie
Eerdere video’s uit de provincie Teheran tonen het dodelijke optreden van de veiligheidstroepen. Op een video die op 9 januari 2026 is gepubliceerd, zijn tien tot twaalf lichamen in het Alghadir Ziekenhuis in het oosten van Teheran te zien.
Een video van twee dagen later, die werd opgenomen in Tehranpars, een wijk op ongeveer een kilometer van het Alghadir Ziekenhuis, toont het dodelijke overheidsoptreden in dit deel van Teheran. De tekst in de video vermeldt dat deze dateert van 8 januari 2026, maar Amnesty International kon de exacte datum waarop de video werd gemaakt niet onafhankelijk bevestigen. Op de beelden lijken twee demonstranten dekking te zoeken in Rashid 115 Street, te midden van het geluid van aanhoudend geweervuur. De demonstranten zijn niet zichtbaar, maar je hoort de ene de andere, die aan het filmen is, waarschuwen:
“Stop je telefoon weg. Ze zullen op je hand schieten. Er zitten sluipschutters tussen [de veiligheidstroepen].”
Een zes minuten durende video die op 9 januari 2026 in Rashid 115 Street in Tehranpars is opgenomen, laat ook zien hoe veiligheidstroepen vanaf het dak van een politiebureau schieten terwijl demonstranten en omstanders vluchten.
Een ooggetuige uit de nabijgelegen wijk Narmak zei:
“In de wijk Narmak hebben zij [de veiligheidstroepen] voor onze ogen minstens vijf of zes mensen doodgeschoten. Ze gebruiken geen hagel meer, maar schieten met scherp.”
Meedogenloos optreden
Een andere ooggetuige zei dat er veel mensen met schotwonden naar het Labbafinejad Ziekenhuis in het noordoosten van Teheran werden gebracht. Volgens informatie die Amnesty International heeft ontvangen, meldden zorgmedewerkers soortgelijke situaties in een ziekenhuis in Shahr-e Qods, in de provincie Teheran, en in een ziekenhuis in de buurt van de wijk Sadeghieh (Arya Shahr) in de stad Teheran.
In een verslag dat met Amnesty International werd gedeeld, zei een demonstrant uit de stad Nassimshahr:
“Ze [de veiligheidstroepen] schoten meedogenloos op mensen die op de vlucht waren. Ze hebben [op 8 januari] mensen gedood. Ook op [9 januari] schoten ze op iedereen en hebben ze mensen gedood. Vertel het aan de hele wereld. Overal waren Basij-agenten. Ze leken tieners en waren gewapend met kalasjnikovs.”
Klik hier voor berichtgeving uit andere Iraanse provincies (Engelstalig)