Als de regering onze veiligheid én onze mensenrechten serieus neemt, dan gaat ze terug naar de tekentafel en past ze de Sleepwet aan.

Hele misverstanden en halve waarheden

Voorstanders van de nieuwe inlichtingenwet (Sleepwet) zeggen dat critici ervan misverstanden verspreiden. Daar is natuurlijk niemand bij gebaat. Evenmin als bij halve waarheden. Laten we er eens zes ophelderen.

Misverstand 1: er is geen sprake van een sleepnet, zeggen de voorstanders van de Sleepwet

Wereldwijd eigenen overheden zich nieuwe surveillancebevoegdheden toe. Geheime diensten mogen steeds vaker ongericht, langdurig of op grote schaal communicatie onderscheppen, analyseren en met elkaar delen.

De Sleepwet vormt hierop geen uitzondering. De regering spreekt van onderzoeksopdrachtgerichte interceptie om termen als ‘massasurveillance’ en ‘slepen’ te vermijden. Maar dat de interceptie gericht is op een onderzoeksopdracht (niet per se op een doelwit), zegt niets over de schaal waarop de data vervolgens worden verzameld. En die mag volgens de nieuwe wet massaal zijn.

Maar er staat toch in het regeerakkoord dat er niet massaal gesleept mag worden? Nee, er staat dat er niet massaal én willekeurig gesleept mag worden. Zo lang het niet willekeurig gaat, mag massaal wel. Bovendien geldt het regeerakkoord maar voor een paar jaar. De wet moet decennia mee.

Misverstand 2: de diensten kunnen nu niet bij de kabel

Ik hoor vaak dat de diensten nu niet bij de kabel kunnen, maar alleen via de ether data mogen verzamelen. Zij kunnen en mogen dus wél de kabel tappen, maar momenteel alleen nog gericht. Onder de nieuwe wet ook ongericht. O nee, onderzoeksopdrachtgericht. 

Misverstand 3: om zoveel data gaat het nou ook weer niet, zeggen de voorstanders van het verzamelen van bulkinformatie

Steevast zegen de voorstanders van de nieuwe inlichtingenwet dat de diensten wel 98% van de data direct zullen uitfilteren. Wat wij kijken op YouTube en Netflix – waarschijnlijk een groot deel van die 98% – interesseert de AIVD en MIVD niet. Fijn. Maar 2% van een ontzettende hoop data is nog steeds een heleboel.

Bovendien zijn de diensten niet wettelijk verplicht direct zoveel data weg te gooien. Dat is van belang, want het debat gaat over de bevoegdheden in de nieuwe wet, niet over de verwachte praktijk van de diensten.

En als in de toekomst dataopslag nog makkelijker en goedkoper wordt, wordt dan nog steeds 98% direct weggegooid?

Misverstand 4: we kunnen niet zomaar bij jouw gegevens, zeggen de diensten

Er wordt vaak op gewezen dat de diensten niet zonder nadere toestemming bij de inhoud van de binnengesleepte data kunnen, alsof de privacy van burgers dan nog niet in het geding is.

Maar analyse van metadata mag wel: gegevens die vertellen wie contact heeft met wie, van waar, hoe vaak en via welke apparatuur. Ook met alleen metadata kunnen gedetailleerde profielen van mensen worden opgesteld.

Misverstand 5: uw gegevens zullen niet in verkeerde handen terecht komen

Dat is de vraag. De wet staat toe dat de Nederlandse geheime diensten gegevens ongeanalyseerd delen met buitenlandse diensten. De Nederlandse toezichthouders hebben geen zicht op wat buitenlandse diensten doen. Zij zullen misbruik, lekken, hacks bij buitenlandse diensten of het verder delen van die data met nog weer andere diensten niet zelf kunnen controleren.

Natuurlijk zeggen de Nederlandse diensten voorzichtig te zullen zijn. Maar daar gaat het niet om. De wet maakt het mogelijk ongeëvalueerde gegevens te delen met buitenlandse diensten. Daar gaat het om.

Misverstand 6: er is meer dan genoeg toezicht

Voorstanders van de nieuwe inlichtingenwet wijzen er keer op keer op dat het toezicht op de diensten beter is geregeld in de nieuwe wet. Dat klopt: de wet breidt de bevoegdheden van de diensten vergaand uit en daar horen sterkere waarborgen bij.

De externe, onafhankelijke toezichthouder is een cruciale plaatsvervanger voor de samenleving. Die kan immers zelf, gezien de aard van het werk van de geheime diensten, de overheid niet tot verantwoording roepen. Maar deze toezichthouder heeft niet voldoende tanden om door te kunnen bijten. Mochten de inlichtingen- en veiligheidsdiensten hun boekje te buiten gaan, dan kan de toezichthouder dit niet stoppen.

Dat de diensten zich niet altijd aan de wet zullen houden is niet ondenkbaar: al verschillende keren stelde de toezichthouder vast dat de diensten illegaal journalisten en advocaten aftapten en een geheime DNA-databank aanlegden.

Het is belangrijk dat de inlichtingen- en veiligheidsdiensten voldoende bevoegdheden hebben om onze veiligheid te beschermen, maar wel binnen de kaders van de democratische rechtstaat. Een wet moet dan ook niet meer ruimte bieden dan noodzakelijk is. Als de regering onze veiligheid én onze mensenrechten serieus neemt, dan gaat ze terug naar de tekentafel en past ze de Sleepwet aan.