Chinese ‘etnische eenheidswet’ tast rechten van minderheden aan
Op 1 juli 2026 trad de Chinese ‘etnische eenheidswet’ in werking. De wet verbiedt handelingen die ‘de etnische eenheid ondermijnen’ of ‘etnische verdeeldheid zaaien’. Amnesty International maakt zich zorgen over deze wet.
“De Chinese autoriteiten hebben mensenrechtenverplichtingen die hen ertoe verplichten minderheidsgemeenschappen en hun culturen te beschermen. Maar deze wet doet het tegenovergestelde”, zegt Sarah Brooks van Amnesty International. “In plaats van verschillen te vieren, worden etnische groepen zoals Oeigoeren, Tibetanen en Mongolen gedwongen om één enkele, door de staat gedefinieerde nationale identiteit aan te nemen, die wordt gedomineerd door de Han-Chinese cultuur.”
Invloed buiten China
Tijdens een persconferentie van de Staatsraad op 24 juni bevestigden hoge functionarissen dat de autoriteiten bepaalde aspecten van de wet ook buiten de Chinese grenzen van toepassing achten. Amnesty International heeft eerder gedocumenteerd dat China gebruikmaakt van repressie die de landgrenzen overschrijdt. Zoals het in de gaten houden van gemeenschappen buiten China, het lastigvallen van critici in het buitenland, het intimideren van familieleden in China en pogingen om buitenlandse regeringen onder druk te zetten om personen uit te leveren.
“Deze wet dreigt een sterkere juridische basis te bieden voor bestaande transnationale onderdrukking.” aldus Sarah Brooks. “Vreedzaam opkomen voor de rechten van minderheden in China door wie dan ook, waar dan ook, zou kunnen worden gezien als een ondermijning van de ‘etnische eenheid’.
Gedwongen assimilatie
“Tegelijkertijd zouden activiteiten die binnen China nu al grote risico’s met zich meebrengen, verder kunnen worden gecriminaliseerd. Denk aan het bevorderen van minderheidstalen, het documenteren van mensenrechtenschendingen of campagnes voor de vrijlating van mensen die worden vastgehouden vanwege de uiting van hun cultuur, mening of geloof.”
“Deze wet biedt een nationaal wettelijk kader voor beleid dat de rechten van Oeigoeren, Tibetanen en andere niet-Han-etnische groepen al ernstig heeft aangetast. We verwachten dat hiermee het Chinese beleid van gedwongen assimilatie verder zal worden geïnstitutionaliseerd.”
Achtergrond
Amnesty International heeft eerder het gebruik van transnationale repressie door China gedocumenteerd, waaronder het surveilleren van diasporagemeenschappen, het lastigvallen van critici in het buitenland, het intimideren van familieleden in China en pogingen om buitenlandse regeringen onder druk te zetten om mensen uit te leveren.
Het lot van onder anderen de Oeigoerse academicus Ilham Tohti, de Oeigoerse etnograaf Rahile Dawut en de Tibetaanse religieuze leider Choktrul Dorje Ten Rinpoche illustreren hoe vreedzaam wetenschappelijk, cultureel en religieus werk onder het bestaande beleid al gecriminaliseerd wordt. Deze nieuwe wet zal dit versterken.