Vrouwenactivisten Loujain al-Hathloul, Iman al-Nafjan, Aziza al-Youssef, Samar Badawi and Nassima al-Sada
© Amnesty International

Internationale bedrijven mogen gevangen Saudische vrouwenrechtenactivisten niet negeren tijdens B20-bijeenkomst in Saudi-Arabië

Internationale bedrijven mogen gevangen Saudische vrouwenrechtenactivisten niet negeren tijdens B20-bijeenkomst in Saudi-Arabië

In de aanloop naar de G20, die in november in Saudi-Arabië wordt georganiseerd, begint op 26 oktober 2020 de B20-top, de officiële topbijeenkomst voor bedrijven. Tijdens die top staat het versterken van de positie van vrouwen op de agenda. Amnesty International herinnert deelnemende bedrijven aan het feit dat veel van de vrouwenrechtenactivisten van het land wegkwijnen in de gevangenis omdat ze hervormingen eisten.

‘Sinds Saudi-Arabië voorzitter is van de G20, heeft het flink geïnvesteerd in het veranderen van zijn imago, met slogans over de gelijkheid van vrouwen. Maar de mensen die werkelijke verandering nastreven zitten achter de tralies,’ zegt Lynn Maalouf van Amnesty International.

Ook waarschuwt Amnesty bedrijven die deelnemen aan de B20 dat zij bij het zakendoen met Saudi-Arabië het risico lopen bij te dragen aan schendingen van mensenrechten. Vertegenwoordigers van HSBC, Mastercard, PwC, McKinsey, CISCO, ENI, Siemens, Accenture en BBVA nemen deel aan de B20. Amnesty’s zorgen gelden ook voor de vele Nederlandse bedrijven die zakendoen met Saudi-Arabië.

Mensenrechtenrisico’s voor bedrijven

Volgens Amnesty zijn er een aantal kritieke mensenrechtenrisico’s waar bedrijven die zakendoen met Saudi-Arabië mee te maken kunnen krijgen. Afhankelijk van de bedrijfsactiviteiten kan dit bijvoorbeeld gaan om het schenden van de rechten van migrantarbeiders, discriminatie van vrouwen, risico’s gelinkt aan surveillance en de bouw van ‘smart cities’ – futuristische mega-steden – en risico’s gelinkt aan commerciële ontwikkelingsprojecten. Ook kunnen bedrijven risico lopen medeplichtig te zijn aan oorlogsmisdaden in het conflict in Jemen.

Amnesty herinnert bedrijven er aan dat zij een verantwoordelijkheid hebben om ervoor te zorgen dat ze niet bijdragen aan de schending van mensenrechten. Van hen wordt verwacht dat zij met gepaste zorgvuldigheid – due diligence – opereren om mensenrechtenrisico’s te identificeren, te voorkomen en te beperken bij hun activiteiten en binnen hun toeleveringsketen en zakelijke relaties.

Grote beperkingen op het recht op de vrijheid van meningsuiting in Saudi-Arabië leveren echter problemen op voor bedrijven bij het identificeren van deze risico’s, omdat het moeilijk is voor hen om toegang te krijgen tot relevante informatie, onder andere door contacten met lokale belanghebbenden.

Saudi-Arabië  pocht met het feit dat 33 procent van de B20-deelnemers vrouw zijn, het hoogste aantal ooit. ‘B20-leiders moet zich niet voor de gek laten houden door deze schaamteloze hypocrisie. We roepen hen op om te laten zien dat ze zowel om mensenrechten als om zakelijke belangen geven. Elk bedrijf dat actief is in of samenwerkt met Saudi-Arabië heeft de verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat ze door hun activiteiten niet bijdragen aan mensenrechtenschendingen.’ zegt Lynn Maalouf van Amnesty International.

Onderdrukking neemt juist toe

Na de aankondiging van het Vision 2030-plan kregen vrouwen in juni 2018 het recht om auto te rijden. Dit was een stap in de richting van gelijke kansen op werk, waardoor Saudische vrouwen een klein beetje vrijheid en onafhankelijkheid kregen. Maar enkele weken voordat deze verandering werd aangekondigd, pakten de autoriteiten mensenrechtenverdedigers hard aan en arresteerden ze veel mensen die juist hadden gepleit voor het recht om te rijden.

Er worden op dit moment dertien vrouwenrechtenverdedigers vervolgd vanwege hun mensenrechtenactivisme. Sommigen worden beschuldigd van contact met buitenlandse media of internationale organisaties, waaronder Amnesty International. Anderen worden beschuldigd van ‘het bevorderen van de rechten van vrouwen’ en het ‘oproepen tot het beëindigen van het mannelijke voogdijsysteem’. Van de dertien vrouwen zitten er nog vijf in hechtenis: Loujain al-Hathloul, Samar Badawi, Nassima al-Sada, Nouf Abdulaziz en Mayaa al-Zahrani.

De Saudische autoriteiten leggen mensen met een afwijkende mening systematisch het zwijgen op en onderdrukken de vrije meningsuiting. Daarbij wordt het Gespecialiseerde Strafhof gebruikt om economen, leraren, geestelijken, schrijvers, activisten en anderen die hebben opgeroepen tot verandering, te vervolgen. Mensenrechtenverdedigers worden geconfronteerd met willekeurige arrestaties, oneerlijke processen en martelingen.

Amnesty’s oproep

Amnesty heeft de deelnemende bedrijven een brief gestuurd waarin ernstige bezorgdheid wordt geuit over de mensenrechtenrisico’s van bedrijfsactiviteiten in en met Saudi-Arabië, en waarin bedrijven herinnerd worden aan hun verantwoordelijkheden op mensenrechtengebied.

Deze zorgen gelden ook voor de vele Nederlandse bedrijven die zakendoen met Saudi-Arabië. Amnesty wil het gesprek met hen aangaan om ze te informeren over de mensenrechtenrisico’s waar bedrijven mee te maken kunnen hebben en hoe zij daar mee omgaan.

 

Lees meer over de mensenrechtensituatie in Saudi-Arabië.