Zwarte rook bij een militair vliegveld nabij de stad Charkov in de Oekraïne, 25 februari 2022
© Aris Messinis/AFP via Getty Images

Laatste nieuws

In de vroege ochtend van 24 februari 2022 vielen Russische troepen vanuit de Krim, Belarus en het oosten Oekraïne binnen. Sindsdien heeft Amnesty nieuws over ernstige mensenrechtenschendingen.

 

 

Luchtaanvallen in Chuhuiv, Oekraïne, 24 februari.
© Anadolu Agency via Getty Images

Russische oorlogsmisdrijven

Russische troepen moeten worden berecht voor een reeks oorlogsmisdrijven die zijn begaan in de regio ten noordwesten van Kiev. Dit concludeert Amnesty International na uitgebreid onderzoek ter plaatse. Amnesty-onderzoekers bezochten de regio en spraken met overlevenden, familieleden van slachtoffers en met hoge Oekraïense functionarissen. Het patroon van misdrijven begaan door Russische troepen omvat zowel onwettige aanvallen die geen onderscheid maakten tussen burger- en militaire doelen, als opzettelijke moorden op burgers. Amnesty documenteerde onwettige luchtaanvallen op Borodyanka en buitengerechtelijke executies in onder meer Bucha, Andriivka, Zdvyzhivka en Vorzel.

Amnesty-onderzoeker Brian Castner aan het werk in Oekraïne
© Olga Ivashchenko/Amnesty International

Amnesty’s Crisis Response Team

Amnesty’s Crisis Response Team rapporteert in een vroege fase van een conflict over (oorlogs)misdrijven en zorgt ervoor dat actie wordt ondernomen om burgers te beschermen. Daarmee probeert Amnesty te voorkomen dat schendingen zich herhalen en het conflict zich uitbreidt. Ook kan het bewijsmateriaal dat het team verzamelt gebruikt worden voor de berechting van daders. Een multidisciplinair team gebruikt geavanceerde digitale onderzoeksinstrumenten om mensenrechtenschendingen op afstand vast te leggen. Het zorgt ervoor dat informatie  uit conflictgebieden nauwkeurig is en niet verloren gaat in de chaos van een oorlog. Ook wordt ter plekke onderzoek gedaan.

Lees meer

Amnesty’s Crisis Response Team

Amnesty’s Crisis Response Team rapporteert in een vroege fase van een conflict over (oorlogs)misdrijven en zorgt ervoor dat actie wordt ondernomen om burgers te beschermen. Daarmee probeert Amnesty te voorkomen dat schendingen zich herhalen en het conflict zich uitbreidt. Ook kan het bewijsmateriaal dat het team verzamelt gebruikt worden voor de berechting van daders.

Het Crisis Evidence Lab van Amnesty International is een multidisciplinair team dat geavanceerde digitale onderzoeksinstrumenten gebruikt om mensenrechtenschendingen op afstand vast te leggen. Het zorgt ervoor dat informatie  uit conflictgebieden snel en nauwkeurig is en geschikt is om mensenrechtenschendingen in crisissituaties te kunnen onderzoeken.

Dit is vooral belangrijk in situaties waarin het voor onderzoekers gevaarlijk is om ter plekke onderzoek te doen, en in een tijdperk waarin desinformatie (onware of onnauwkeurige informatie die expres wordt gemaakt) en verkeerde informatie zich snel kunnen verspreiden.

Wat is het Crisis Evidence Lab?

Het Crisis Evidence Lab is onderdeel van Amnesty’s Crisis Response Programme en voert met behulp van open bronnen en onderzoekers digitaal onderzoek uit om de verhalen te vertellen van mensen die het meest getroffen zijn door conflicten. Het gaat om onderzoekers van beeldmateriaal, experts in teledetectie (een manier om informatie te verkrijgen via gegevensverzameling en -analyse op afstand), wapenanalisten, datawetenschappers, en andere experts.

De website van het Evidence Lab biedt een online ruimte waar de beste werkwijzen, nieuwe technieken, bronnen en handleidingen worden gedeeld. Onderzoekers kunnen zo profiteren van de enorme hoeveelheid informatie die elke dag online wordt gedeeld.

Het Crisis Evidence Lab stuurt ook het Citizen Evidence Lab aan. Dit is een online ruimte waar onderzoekers, studenten, journalisten en anderen geavanceerde onderzoekstechnieken op het gebied van mensenrechten kunnen verkennen en delen. Er zijn handleidingen te vinden over instrumenten en technieken om informatie uit open bronnen te verifiëren en bewijzen van mensenrechtenschendingen te vinden. Ook staan er casestudies van Amnesty die laten zien hoe methodologieën zoals video- en fotoverificatie, teledetectie-analyse en wapenanalyse ander bewijs van mensenrechtenschendingen aan het licht kunnen brengen en bevestigen.

Amnesty gaf ook haar Digital Verification Corps (DVC) de opdracht om gegevens van sociale-mediaplatforms te verifiëren. DVC is een netwerk van getrainde vrijwilligers van zes topuniversiteiten over de hele wereld. Er is nu een Russisch sprekend team dat gegevens verifieert over zowel het conflict in Oekraïne als de protesten in Rusland. Daarmee vergroot het team de capaciteit van de Amnesty-onderzoekers en kunnen grote hoeveelheden informatie efficiënt worden verwerkt.

Hoe werkt het Evidence Lab voor Oekraïne?

Het Evidence Lab werkt hard om aanvallen die mogelijk internationale rechtsregels overtreden, te identificeren en te verifiëren. Het gaat daarbij om aanvallen waarbij burgers zijn gedood of verwond, of waarbij de civiele infrastructuur in Oekraïne is vernietigd of beschadigd. Dit onderzoek levert essentieel bewijs dat later kan worden gebruikt om daders van mensenrechtenschendingen ter verantwoording te roepen.

Het Evidence Lab verzamelt audiovisueel materiaal en analyseert dit om bewijzen te vinden van schendingen van het internationaal recht. Het gaat onder meer om satelliet- en videobeelden, foto’s van luchtaanvallen en andere aanvallen, en beelden van wapenresten. Waar mogelijk bekrachtigt Amnesty dat bewijs door getuigen te interviewen.

Hoe identificeert het Evidence Lab aanvallen in Oekraïne?

Het Evidence Lab ontvangt informatie uit verschillende bronnen, waaronder informatie die bekend staat als ‘burgerbewijs’: materiaal dat is verzameld door mensen die geen professionele onderzoekers van mensenrechtenschendingen zijn. Dit soort documentatie wordt vaak openbaar gedeeld via sociale-medianetwerken zoals Twitter, Facebook en YouTube, en legt meestal in detail vast wat anders onopgemerkt zou zijn gebleven. Het Lab ontvangt ook rechtstreeks bewijs van getuigen ter plekke.

Afhankelijk van waar ze naar op zoek zijn, gebruiken de onderzoekers van het Evidence Lab verschillende verificatiemethoden.

Hoe verifieert het Evidence Lab aanvallen?

Chrono-locatie

Met chrono-locatie kan bewezen worden waar en wanneer een video of foto is gemaakt. Dit kan worden gedaan door het materiaal te vergelijken met satellietbeelden, foto’s die ter plekke zijn gemaakt en andere openbaar beschikbare informatie. Een onderzoeker kan kijken naar het landschap, bomen, gebouwen en straten in de afbeeldingen en controleren of deze overeenkomen met straatbeelden of andere foto’s van een bekende locatie. De onderzoekers kunnen ook weerpatronen en schaduwen analyseren om te zien of ze overeenkomen met de omstandigheden die er waren toen de foto of video zou zijn gemaakt.

Teledetectie

De onderzoekers gebruiken satellietbeelden en andere sensoren zoals radar en LiDAR – een technologie die met laserpulsen de afstand tot een object of oppervlak bepaalt – om te zoeken naar bewijzen van aanvallen zoals verwoeste gebouwen, kraters, puin en troepen- of wapenbewegingen.

Identificeren van wapens

De wapenexperts van Amnesty International analyseren foto’s, video’s en andere gegevens om te verifiëren welke wapens worden gebruikt en of deze leiden tot mensenrechtenschendingen. Ze bestuderen bijvoorbeeld de vorm van een krater die door een ingeslagen raket is achtergelaten, bekijken beelden van luchtaanvallen of onderzoeken foto’s van wapenresten. De onderzoekers analyseren ook gegevens over wapenhandel om te achterhalen wie deze wapens in bezit had.

Ooggetuigen

Het is belangrijk dat het Evidence Lab samenwerkt met onderzoekers die ooggetuigen van aanslagen interviewen en getuigenissen verzamelen die het digitale bewijs kunnen bevestigen.

Bewaren van bewijzen

Het Evidence Lab catalogiseert en bewaart al het originele bewijs, samen met alle verificaties en analyses. We willen relevante juridische organen ondersteunen en ons bewijsmateriaal beschikbaar stellen om ervoor te zorgen dat daders ter verantwoording kunnen worden geroepen.

Waarom is het belangrijk om aanvallen te verifiëren?

Het Evidence Lab werkt op microniveau, waarbij afzonderlijke aanvallen tot in detail worden gedocumenteerd. En het werkt op macroniveau, waarbij gezocht wordt naar grove patronen van schendingen en een gedetailleerde tijdlijn van gebeurtenissen wordt opgesteld. Een belangrijk doel is om een nauwkeurig verslag van de gebeurtenissen te geven en daarmee desinformatie en verkeerde informatie (vaak wijdverbreid tijdens conflicten en crisissituaties) te bestrijden.

Deze documentatie is ook nuttig bij het samenstellen van een logboek met betrouwbaar bewijsmateriaal dat later kan worden gebruikt om daders van mensenrechtenschendingen ter verantwoording te roepen.

Meer in het algemeen helpen we de verhalen te vertellen van mensen die direct door deze crises worden getroffen. Zo geven we hun een stem.

Amnesty's senior crisis-onderzoeker Brian Castner
© Amnesty International

Een crisis-onderzoeker vertelt

‘Ik ben een bommenexpert, geen enkele andere mensenrechtenorganisatie heeft zo’n expert in huis. Ik sta het Evidence Lab bij omdat er veel wapens worden gebruikt bij mensenrechtenschendingen. Daarvoor bestudeer ik foto’s en video’s van gebruikte wapens, maar mijn hoofdtaak is om naar gebieden te gaan waar aanvallen zijn geweest. Ik sprak een man die in Charkov gewond was geraakt door clustermunitie. Hij had de munitie die een chirurg uit zijn lichaam had gehaald, bewaard. Daar heb ik foto’s van gemaakt. Voor zover ik weet is dit het eerste fysieke bewijs van het gebruik van clustermunitie.’

Lees meer

Een crisis-onderzoeker vertelt over het grote belang van zijn werk

Brian Castner is senior crisis-onderzoeker en  wapenspecialist bij Amnesty’s Crisis Response Team. Hij deed onderzoek in Oekraïne en legt uit wat zijn werk inhoudt.

‘Ik ben een bommenexpert, geen enkele andere mensenrechtenorganisatie heeft zo’n expert in huis. Ik sta het Evidence Lab bij omdat er veel wapens worden gebruikt bij mensenrechtenschendingen. Daarvoor bestudeer ik foto’s en video’s van gebruikte wapens, maar mijn hoofdtaak is om naar gebieden te gaan waar aanvallen zijn geweest. Daar zoek ik uit welke wapens werden gebruikt en hoeveel mensen werden gedood.

Al ruim voor de Russische inval monitorden we de situatie van afstand omdat we nog niet wisten hoe gevaarlijk het zou worden. Want als ik word doodgeschoten, kan ik mijn werk niet doen. Een aanval met clustermunitie op een school konden we bijvoorbeeld goed van afstand bestuderen. We beschikten over videobeelden en beelden van sociale media en we legden contact met mensen ter plekke.’

‘Begin maart ging ik met twee collega’s naar Oekraïne. Dat vergt wel een goede voorbereiding. Naast de drie Amnesty-onderzoekers huurden we ook een Oekraïense contactpersoon in die tevens onze fotograaf was. Daarnaast hadden we verschillende tolken en chauffeurs, zodat er 24 uur per dag iemand beschikbaar was. Verder hebben we helmen en andere uitrusting om ons te beschermen, trauma-kits, middelen om per satelliet te communiceren, pre-paid telefoons en ik heb altijd een paar drukverbanden bij me.’

‘We werkten vanuit Lviv. Eerst zochten we mensen in de schuilkelders die ons konden informeren, en plekken waar we bewijzen konden zoeken. Ik sprak een man die in Charkov gewond was geraakt door clustermunitie. Hij had de munitie die een chirurg uit zijn lichaam had gehaald, bewaard. Daar heb ik foto’s van gemaakt. Voor zover ik weet is dit het eerste fysieke bewijs van het gebruik van clustermunitie. We onderzochten ook de inslag van een kruisraket in een televisietoren. Dat is lastig werk, omdat hier een raket vol elektronica in een radiotoren vol elektronica was ingeslagen, maar dit is mijn werk. Ook tekenden we getuigenverklaringen op van mensen in Boetsja enkele weken voordat de beelden uit de stad naar buiten kwamen. Een 18-jarig meisje zag hoe haar ouders werden gedood.’

‘Ik wil tot slot ook nog iets zeggen over het grote belang van fondsenwerving. Amnesty doet werk dat niemand anders doet. Dit soort onderzoek kost extreem veel geld. Tolken zijn duur, chauffeurs zijn duur, we moeten auto’s huren, brandstof is duur, de contactpersoon moet betaald worden, we moeten het verblijf betalen. Er gaan duizenden dollars per dag doorheen. Zonder giften kunnen we dit werk niet doen.’

Anti-oorlogs-protest in Moskou, februari 2022
© 2022 Konstantin Zavrazhin

Heksenjacht op critici in Rusland

In Rusland zijn de autoriteiten een heksenjacht begonnen tegen critici van de oorlog. Er lopen meer dan 60 strafzaken tegen mensen die ze zich kritisch uitlieten over de oorlog in Oekraïne of de Russische autoriteiten. Dat zegt Agora, een Russische mensenrechtengroep. De critici worden op basis van veertien verschillende artikelen van het Wetboek van strafrecht onderzocht. Na de Russische invasie van Oekraïne op 24 februari 2022 nam de Russische Doema (het parlement) op 4 maart 2022 in noodtempo nieuwe wetgeving aan om afwijkende geluiden de kop in te drukken. Wie ‘valse informatie’ over de oorlog in Oekraïne verspreidt, kan tot 15 jaar gevangenisstraf krijgen.

Nieuw gekozen parlementsleden Rusland moeten repressieve wetten intrekken om mensenrechten te beschermen
© AFP via Getty Images

Amnesty-kantoor Moskou gesloten

Inmiddels is het Amnesty-kantoor in Moskou gesloten. De sluiting van Amnesty in Rusland is slechts de laatste in een lange lijst van organisaties die zijn gestraft voor het verdedigen van de mensenrechten en omdat ze de Russische autoriteiten de waarheid vertellen. Dat gebeurt in een land waar tientallen activisten en dissidenten zijn opgesloten, vermoord of verbannen, waar onafhankelijke media zijn zwart gemaakt, geblokkeerd of gedwongen zijn tot zelfcensuur, en waar maatschappelijke organisaties zijn verboden of geliquideerd. Als dat gebeurt is Amnesty blijkbaar zo belangrijk dat het Kremlin probeert de organisatie het zwijgen op te leggen. Amnesty blijft zich inzetten voor respect voor mensenrechten in Rusland.

Russische militairen aan de oostgrens met Oekraïne, 22 februari 2022
© EPA/Russian Defence Ministry

Rusland valt Oekraïne binnen

In de vroege ochtend van 24 februari 2022 vielen Russische troepen vanuit de Krim, Belarus en het oosten Oekraïne binnen. Aangezien dit niet uit zelfverdediging gebeurde en de VN-Veiligheidsraad er geen toestemming voor gaf, noemt Amnesty dit een daad van agressie; een oorlogsmisdrijf. Amnesty heeft informatie dat het Russische leger onnauwkeurige wapens gebruikt. Er worden willekeurige aanvallen uitgevoerd in gebieden waar veel burgers wonen en op beschermde gebouwen zoals ziekenhuizen. Dit is in strijd met het oorlogsrecht en kunnen oorlogsmisdrijven zijn. Een groeiend aantal mensen probeert vanwege het oorlogsgeweld Oekraïne te verlaten.

Mensen die in Rusland protesteerden tegen de inval in Oekraïne werden onmiddellijk gearresteerd, meldde OVD-Info, die politiek gemotiveerde arrestaties en detentie monitort. Ook in Belarus werden demonstranten opgepakt.

 

Bij een aanval die waarschijnlijke gericht was op de luchtmachtbasis in Chuhuiv trof een Russisch wapen een woonblok.
© ARIS MESSINIS/AFP/Getty Images

Mensenrechten onder druk

Alleen al de dreiging van een Russische invasie in Oekraïne had grote invloed op de levens van de bevolking. De economische en sociale rechten in Oekraïne waren al negatief beïnvloed. Stijgende prijzen voor basisbehoeften als voedsel en medicijnen tasten het recht op gezondheidszorg en een behoorlijke levensstandaard aan. Vooral zeer oude en zeer jonge mensen en mensen met een laag inkomen hebben hier last van. Ook was het recht op onderwijs in het geding doordat scholen met tussenpozen zijn gesloten vanwege beschietingen. En in Rusland is de roebel sterk in waarde gedaald en stijgen de prijzen.

Pro-Russische strijders houden in Oost-Oekraïne een man tegen, 2016
© AFP/Getty Images

Conflict vol mensenrechtenschendingen

Separatisten riepen in 2014 in de Oost-Oekraïense provincie Donbas twee volksrepublieken uit: Donetsk en Loegansk. Oekraïne accepteerde de afscheiding niet, waarna er een oorlog uitbrak tussen het Oekraïense leger en (pro-Russische) rebellen. Honderden mensen werden tijdens het conflict slachtoffer van buitengerechtelijke executie, marteling, ontvoering, gedwongen verdwijning en willekeurige detentie. Zowel separatisten als regeringstroepen maakten zich hier schuldig aan. Ook ontvluchtten veel mensen het gebied. In 2015 kwam het tot een wapenstilstand in de Donbas. Toch werd er daarna aanhoudend over en weer geschoten.

 

In Oost-Oekraïne dreigt een vluchtelingencrisis
© Amnesty International

Nieuwe vluchtelingencrisis

Door de mensenrechtencrisis in Oost-Oekraïne van 2014-2015 sloegen miljoenen mensen op de vlucht en honderden werden het slachtoffer van buitengerechtelijke executie, marteling, ontvoering, verdwijningen en willekeurige detentie waaraan zowel separatistische als regeringstroepen zich schuldig maakten. Voor de Russische inval waren 1,45 miljoen mensen van hun woonplaats op de Krim of in de Donbas verdreven. Nu Russische troepen Oekraïne zijn binnengevallen, zijn volgens de VN-Vluchtelingenorganisatie UNHCR al meer dan 5 miljoen mensen het land ontvlucht en zijn er 7,7 miljoen mensen binnen Oekraïne gevlucht. Amnesty is bezorgd over berichten dat sommige vluchtelingen mogelijk racistisch behandeld worden, dat families gescheiden worden en dat kinderen, zwangere vrouwen en ouderen aan de grens vast komen te zitten.

 

Anti-Russische protesten tegen de Russishe annexatie van de Krim

Vrije meningsuiting aan banden

Inwoners van Donetsk en Loegansk die er een andere mening op na houden dan de feitelijke machtshebbers in deze republieken, werden door de separatistische leiders onderdrukt. Ze werden willekeurig gearresteerd en mishandeld of gemarteld om ‘bekentenissen’ af te dwingen. Geregeld werden mensen onder onmenselijke omstandigheden gevangengezet.

Na de Russische invasie van Oekraïne wordt de vrije meningsuiting in Rusland verder onderdrukt. Er werd in sneltreinvaart een wet aangenomen die het verspreiden van ‘valse informatie‘ over de oorlog in Oekraïne stafbaar stelt. Wie de wet overtreedt kan tot 15 jaar cel krijgen.

Litouwen werd in 2004 lid van de Navo
© 2004 AFP

Oost versus West

In de jaren ’80 van de vorige eeuw stonden de Sovjet-Unie en de leden van het Warschaupact pal tegenover het Westen en de Navo. Dat veranderde toen begin jaren ’90 de Sovjet-Unie uiteenviel en er een einde kwam aan het Warschaupact. Veel voormalige Sovjetrepublieken en Oostbloklanden (Estland, Letland, Litouwen, Polen, Tsjechië, Slowakije, Hongarije, Roemenië en Bulgarije) werden in de jaren daarna lid van de Navo. Dat was Rusland een doorn in oog. Rusland had deze landen liever als neutrale bufferzone tussen zichzelf en de Navo gezien.

De Navo heeft in Roemenië en Polen een raketschild opgesteld om vijandelijke raketten te onderscheppen.
© Michal Fludra/NurPhoto

De grieven van president Poetin

Nu de voormalige Sovjetrepublieken en Oostbloklanden niet langer een buffer vormen tussen Rusland en het Westen, stelt Poetin dat de ‘vijand’ te dichtbij komt. De Navo heeft in Roemenië en Polen een raketschild opgesteld om vijandelijke raketten te onderscheppen. Daarnaast heeft de Russische leider er nooit een geheim van gemaakt dat hij het uiteenvallen van de Sovjet-Unie betreurt. Vooral het verlies van Oekraïne, het territorium waarop het Russische rijk ooit begon, valt daarbij zwaar. Poetin beschouwt Russen en Oekraïners als één volk. De Russische president werpt zichzelf op als beschermheer van Russische minderheden in de buurlanden.

Gewapende man bij door separatisten ingenomen gebouw
© KIRILL KUDRYAVTSEV/AFP/Getty Images

Wat wil president Poetin?

Op het wensenlijstje van Poetin staan drie belangrijke punten. Allereerst wil hij dat alle Navo-troepen zich uit Oost-Europa terugtrekken. Daarnaast eist hij dat Oekraïne nooit lid mag worden van de Navo. En hij vindt dat het Westen de Russische invloedssferen moet erkennen, ongeacht wat de betreffende landen daar zelf van vinden.

De Amerikaanse presidente Biden probeert met overleg de spanningen tussen Rusland en Oekraïne te verkleinen

Impact op de regio

Het conflict kan mensenrechten in de regio op allerlei fronten verder ondermijnen. Een langdurige guerrilla, illegale wapenstromen en een algehele toename van geweld en straffeloosheid liggen op de loer. Economisch zal dit rampzalig zijn en de gevolgen voor de regio kunnen groot zijn, ook voor Europese landen die afhankelijk zijn van Russisch gas via Oekraïens grondgebied. Veel mensen die Rusland, Belarus en Aziatische landen ontvluchtten, zochten opvang in Oekraïne. Na de Russische militaire inval in Oekraïne, zullen ze daar niet meer terecht kunnen.