Twee inwoners van Raqqa tussen de puinhopen in hun verwoeste stad, februari 2018

VN-Veiligheidsraad schiet tekort bij bescherming burgers in conflictgebieden

VN-Veiligheidsraad schiet tekort bij bescherming burgers in conflictgebieden

De VN-Veiligheidsraad moet zijn belofte nakomen om het lijden van burgers in conflictgebieden tot een minimum te beperken.

De Veiligheidsraad beloofde 21 jaar geleden burgers te beschermen die in een gewapend conflict zijn terechtgekomen. Maar in de praktijk komt daar weinig van terecht.

Leden Veiligheidsraad schuldig

‘De vijf permanente leden van de Raad hebben het lijden van burgers niet alleen niet kunnen voorkomen, ze hebben er zelf aan bijgedragen,’ zegt Sherine Tadros, hoofd van het VN-kantoor van Amnesty International. ‘Sommige van hen bombarderen ziekenhuizen, scholen en huizen. Andere ontkennen botweg dat ze een rol speelden in de dood van duizenden burgers of leveren wapens aan landen die ze gebruiken voor oorlogsmisdaden en daarmee de ergste humanitaire crises veroorzaken.’

De permanente leden van de Veiligheidsraad zijn China, Rusland, Frankrijk, de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk. Rusland maakte zich schuldig aan oorlogsmisdaden in Syrië. De VS voerden in 2017 bombardementen uit in Somalië. Het VK en Frankrijk verschuilen zich achter de door de VS geleide coalitie om hun rol te bagatelliseren bij de meer dan 1.600 burgerdoden in de Syrische stad Raqqa. Bij de oorlog in Jemen worden wapens gebruikt die onder meer zijn geleverd door enkele van de permanente leden van de Veiligheidsraad.

Kwetsbare groepen

Het zijn vooral oudere mensen, mensen met een beperking, vrouwen en kinderen die het grootste risico lopen. Tienduizenden burgers zijn het afgelopen jaar gedood, meer dan 70 miljoen mensen zijn op de vlucht voor oorlogsgeweld.

Een kleine opsomming. In Noordoost-Nigeria dreigt een hele generatie kinderen slachtoffer van geweld te worden vanwege het conflict tussen Boko Haram en het Nigeriaanse leger. In Afghanistan, waar jaarlijks zo’n 10.000 burgers worden gedood, werd recent een kraamkliniek gebombardeerd. Eerder deze maand bracht Amnesty een gedetailleerd onderzoek uit naar luchtaanvallen op ziekenhuizen en scholen in Noordwest-Syrië in januari en februari van dit jaar. In Libië werden ondanks een VN-wapenembargo wapens geleverd. Daarmee doodden milities die om de controle van de hoofdstad Tripoli vochten burgers. En in Zuid-Sudan werden eerder deze maand burgers verkracht en gedood tijdens botsingen tussen het regeringsleger en rebellen.

Amnesty’s oproep

De VN-Veiligheidsraad kan en moet meer doen. Op 29 mei stemt de raad bijvoorbeeld over het hernieuwen van het mandaat van de VN-vredesmacht in de Sudanese regio Darfur. In juli wordt er gestemd over humanitaire hulp voor Noordwest-Syrië. ‘Het is hoog tijd dat de Veiligheidsraad echt opkomt voor waar het zegt in te geloven: burgers beschermen in gewapende conflicten,’ zegt Sherine Tadros.

 

Lees het Engelstalige persbericht.