Malinese soldaten op patrouille, februari 2018
© AFP via Getty Images

Sahel: soldaten doden burgers onder het mom van antiterreuroperaties

Sahel: soldaten doden burgers onder het mom van antiterreuroperaties

In Mali, Niger en Burkina Faso maken soldaten zich schuldig aan buitengerechtelijke executies en gedwongen verdwijningen. Tussen februari en april 2020 kwamen hierdoor 199 mensen om het leven. Dat staat in de Amnesty-briefing They Executed Some and Brought the Rest with Them: Civilian Lives at risk in the Sahel.

Amnesty International roept de regeringen van Mali, Niger en Burkina Faso op om een einde te maken aan de straffeloosheid omtrent de aanvallen van hun veiligheidstroepen op ongewapende burgers. Ook moeten zij ervoor zorgen dat militaire operaties voldoen aan de mensenrechten en het internationaal humanitair recht. In Mali en Burkina Faso heersen gewapende conflicten. Dat veiligheidstroepen daar opzettelijk ongewapende burgers doden, kan een oorlogsmisdaad zijn.

Bevolking tussen twee vuren

‘In de Sahel zit de bevolking gevangen tussen aanvallen van gewapende groeperingen en voortdurende militaire operaties,’ zegt Samira Daoud van Amnesty International. ‘Veiligheidstroepen arresteren telkens willekeurig tientallen mensen tegelijk, waarna sommigen nooit meer worden teruggezien. De ware omvang van de door de legers gepleegde schendingen is niet bekend. De toezeggingen die de regeringen van Mali, Niger en Burkina Faso deden om het geweld aan te pakken, bleken vooralsnog holle frasen.’

Islamitische Staat

De briefing belicht schendingen die zijn begaan toen de drie landen met militaire operaties reageerden op de dreiging van gewapende groepen zoals de Groep voor Steun aan de Islam en Moslims en Islamitische Staat in de Grote Sahara. De schendingen vonden plaats na de top tussen de G5-Sahel en Frankrijk, op 13 januari 2020 in Frankrijk. Tijdens die bijeenkomst spraken Burkina Faso, Tsjaad, Mali, Mauritanië en Niger af om de onveilige situatie in de Sahel aan te pakken.

Mali: dorpelingen gearresteerd en geëxecuteerd

Tijdens operaties van de veiligheidstroepen in Mali in de gemeenten Diabaly en Dogofry werden tussen 3 februari en 11 maart 2020 mensenrechten geschonden. Amnesty bevestigt dat ten minste 23 mensen ofwel buitengerechtelijk zijn geëxecuteerd of anderszins onrechtmatig zijn gedood. Daarnaast arresteerde het Malinese leger 27 mensen die vervolgens zijn verdwenen. In Belidanedji executeerden veiligheidstroepen op 16 februari vijf mensen. Zij arresteerden achttien anderen die sindsdien niet meer zijn gezien.

‘Toen de soldaten in ons dorp arriveerden, sloegen de meeste mensen op de vlucht. Toch werden verschillende dorpelingen gearresteerd en werden vier van mijn familieleden geëxecuteerd. Daarna namen ze mest, voorraden en andere koopwaar van de markt mee,’ vertelde een dorpsbewoner.

Buitengerechtelijke executies in Burkina Faso

Amnesty documenteerde ook grove mensenrechtenschendingen die veiligheidstroepen tussen maart en april 2020 begingen in Burkina Faso. In twee gevallen ontvoerden de veiligheidstroepen mensen voordat ze gedood werden. Op 29 maart werden in de stad in Ouahigouya drie uit hun dorp gevluchte mannen ontvoerd: Issouf Barry, een lokaal raadslid in Sollé, Hamidou Barry, het dorpshoofd van Sollé, en Oumarou Barry, een lid van de prinselijke familie van Banh. Op 2 april vonden dorpelingen hun dode lichamen in een buitenwijk van de stad.

Zeker 102 dorpelingen verdwenen in Niger

Ook in Niger maakt het leger zich schuldig aan gedwongen verdwijningen. Tussen 27 maart en 2 april 2020 werden in de zuidwestelijke regio Tillabéry 102 mensen gearresteerd, waarna niets meer van ze is vernomen. Amnesty sprak met vijf getuigen die vertelden dat op verschillende plaatsen in het departement Ayorou massagraven zijn gevonden. Veel mensen vreesden voor hun lot als ze te dicht bij de massagraven zouden komen of wanneer ze navraag zouden doen naar de gedwongen verdwijningen.

Amnesty’s oproep

‘De autoriteiten van Mali, Niger en Burkina Faso moeten ervoor zorgen dat hun veiligheidstroepen stoppen met het onwettig doden en gedwongen laten verdwijnen van mensen,’ zegt Samira Daoud. ‘Ze moeten er onmiddellijk voor zorgen dat alle gearresteerde en ontvoerde mensen worden vrijgelaten, tenzij ze voor de rechter worden gebracht en worden aangeklaagd voor een erkend strafbaar feit. Ook moeten de autoriteiten deze incidenten onderzoeken en degenen vervolgen die verantwoordelijk zijn voor schendingen. Straffeloosheid heeft alleen maar geleid tot verdere schendingen.’

‘Daarnaast is het belangrijk dat regionale actoren en internationale partners een krachtig standpunt innemen tegen deze schendingen. Zij moeten de autoriteiten van de drie landen aansporen om ervoor te zorgen dat vóór, tijdens en na militaire operaties alle maatregelen worden genomen om meer burgerslachtoffers en verdere misstanden te voorkomen.’