In Tunesië staat de vrijheid van meningsuiting steeds meer onder druk
© Andia/Universal Images/Getty Images

President Tunesië moet reisverboden opheffen

President Tunesië moet reisverboden opheffen

In de eerste maand nadat de Tunesische president Kais Saied de macht naar zich toetrok en het parlement buitenspel zette, heeft hij tal van willekeurige reisverboden opgelegd waarbij de rechterlijke macht werd omzeild. Amnesty International roept de president op om het recht van Tunesiërs om zich vrij te bewegen, te respecteren.

Op 23 augustus 2021 kondigde de president een verlenging aan van de schorsing van het parlement ‘tot nader order’ en hief hij de immuniteit van parlementariërs op.

Reisverbod zonder opgave van reden

Amnesty heeft de zaken van ten minste vijftig mensen onderzocht, onder wie rechters, hoge staatsfunctionarissen en ambtenaren, zakenlieden en een parlementariër, die de afgelopen maand niet naar het buitenland mochten reizen. Dat gebeurde zonder dat daar rechterlijke toestemming voor was gegeven of een rechterlijk bevel was uitgevaardigd, en zonder dat er een reden voor werd opgegeven. Het werkelijke aantal reisverboden dat sinds 25 juli is opgelegd, zal waarschijnlijk veel groter zijn.

‘Zelfs onder uitzonderlijke omstandigheden moet iemand het bewijs kunnen zien waarop een reisverbod is gebaseerd en dit kunnen aanvechten. Als de Tunesische autoriteiten willen dat deze maatregelen worden gezien als legitieme stappen voor het bestrijden van corruptie of het waarborgen van de staatsveiligheid, dan moeten ze een middel bedenken waarbij grote delen van de bevolking niet belemmerd worden om naar het buitenland te reizen’, zegt Heba Morayef van Amnesty International.

Onder het mom van corruptiebestrijding

In een toespraak op de luchthaven van Tunis op 16 augustus 2021 verwees president Saied naar recente kritiek van Tunesische maatschappelijke groeperingen en politieke partijen op de reisverboden. Hij verklaarde niet de intentie te hebben om het recht om je vrij te verplaatsen, dat wordt ‘gegarandeerd in de grondwet en internationale standaarden’, te ondermijnen. Hij rechtvaardigde de meest recente beperkingen die als doel hebben te voorkomen dat mensen die worden verdacht van corruptie of een bedreiging voor de veiligheid vormen, het land ontvluchten.

Alleen mondelinge toelichting

De vijftig zaken die Amnesty onderzocht, laten echter zien dat tegen degenen die een reisverbod hadden geen rechtszaak of gerechtelijk onderzoek liep. Ze werden mondeling door veiligheidsfunctionarissen van de luchthaven geïnformeerd, hoewel de Tunesische wet vereist dat ze een gerechtelijk bevel moeten voorleggen. Hierdoor hadden ze geen mogelijkheid om tegen het verbod in beroep te gaan.

Rechter Imen Labidi was op 6 augustus op vakantie naar Turkije. Ze moest twee uur wachten voordat ze te horen kreeg dat ze niet mocht reizen vanwege een ‘bericht’ van het ministerie van Binnenlandse Zaken over haar. Anouar Benchahed, een parlementslid, mocht op 15 augustus niet naar Frankrijk vertrekken. Hij vertelde Amnesty dat politieagenten zijn paspoort innamen en hem een uur lieten wachten voordat ze hem zonder verdere uitleg vertelden dat hem een reisverbod was opgelegd.

Amnesty’s oproep

Amnesty International dringt er bij president Saied en andere autoriteiten op aan een einde te maken aan de willekeurige reisverboden en het vrije verkeer te respecteren zoals is vastgelegd in het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten en het Afrikaans Handvest voor de Rechten van de Mens en Volkeren. Tunesië heeft beide verdragen geratificeerd.

Achtergrond

Op 25 juli, na een dag van protesten, kondigde president Saied plannen aan om het parlement tijdelijk voor 30 dagen te schorsen, waarbij hij zich beriep op artikel 80 van de grondwet. Volgens de interpretatie van de president heeft hij het recht om uitzonderlijke maatregelen te nemen in het geval van een ‘onmiddellijke dreiging van de veiligheid en onafhankelijkheid’ van het land.

 

Lees het volledige Engelse nieuwsbericht.