Een gewapende politieman houdt toezicht op een menigte demonstrerende Papoea’s die de weg naar een vliegveld in de Indonesische provincie Papoea blokkeren. (2009).
© Reuters/Muhammad Yamin

Indonesië: veiligheidstroepen vermoordden in Papoea 100 mensen

Indonesische veiligheidstroepen hebben in de laatste 8 jaar minstens 95 mensen om het leven gebracht in de oostelijke provincies Papoea en West-Papoea. De overgrote meerderheid van de daders is voor deze misdaden nooit ter verantwoording geroepen.

Dat zegt Amnesty International in haar rapport  “Don’t bother, just let him die”: Killing with impunity in Papua Lees het rapport “Don't bother, just let him die": Killing with impunity in Papua , dat vandaag verschijnt. Hoewel president Joko ‘Jokowi’ Widodo heeft beloofd dat hij prioriteit zou verlenen aan de mensenrechtensituatie in Papoea, is het moorden nooit gestopt sinds hij in 2014 aan de macht kwam.

Het rapport beschrijft hoe politieagenten en militairen tussen januari 2010 en februari 2018 minstens 95 mensen vermoordden. Van hen namen 56 deel aan activiteiten die niets te maken hadden met het onafhankelijkheidsstreven dat bij veel inwoners van Papoea leeft. De 39 anderen werden gedood tijdens vreedzame politieke activiteiten als demonstraties en het hijsen van de Morgenster, de verboden vlag van een onafhankelijk Papoea.

Meedogenloze tactiek

Hoewel het aantal doden dus alarmerend hoog is, heeft de Indonesische overheid vrijwel niets gedaan om de daders ter verantwoording te roepen. Niet een van hen is door een onafhankelijke rechtbank veroordeeld, en in slechts enkele gevallen werden disciplinaire maatregelen opgelegd of kwam het tot een rechtszaak voor een militair tribunaal.

‘Het is uitermate verontrustend dat de politie en het leger dezelfde meedogenloze en dodelijke methodes inzetten tegen vreedzame politieke activisten als tegen gewapende groepen,’ zegt Usman Hamid, directeur Indonesië bij Amnesty. ‘Alle moorden betekenen een schending van het recht op leven, een mensenrecht dat beschermd wordt door internationale wetgeving en de grondwet van Indonesië. En er is een direct verband tussen de straffeloosheid en de aanhoudende mensenrechtenschendingen.’

Amnesty’s oproep

Amnesty roept de Indonesische autoriteiten op om een onafhankelijk onderzoek in te stellen naar alle moorden die gepleegd zijn door de veiligheidstroepen. Het onderzoek en de eventuele vervolging moet zich niet beperken tot de daders, maar zich ook uitstrekken tot de betrokkenheid van hun superieuren.

De autoriteiten moeten ook initiatieven ontplooien om de moorden in Papoea te stoppen, onder meer door aan het leger en de politie geweldsinstructies te geven die stroken met de mensenrechten. Ook moeten slachtoffers en hun familie recht gedaan worden en compensatie krijgen. Daarnaast is het van cruciaal belang dat de arrestatiemethoden van de veiligheidstroepen en het gebruik van geweld en wapens daarbij, voldoen aan internationale normen.

Nederlandse betrokkenheid

De moorden door Indonesische veiligheidstroepen in Papoea roept ook vragen op over de effectiviteit van het door Nederland gesteunde community policing programme. Hoewel minister Blok zich hierover tevreden toont, worden de effecten van het project volledig tenietgedaan door het voortdurende politiegeweld en de straffeloosheid. Het bevorderen van relaties tussen dorpsbewoners en wijkagenten heeft alleen zin als politie en leger alle mensenrechten respecteren, en als zij ter verantwoording worden geroepen bij schendingen. Dat is een grote cultuuromslag die op centraal overheidsniveau moet worden gemaakt.