Honderdduizenden Libanezen getroffen door massale Israëlische evacuatiebevelen
In Libanon zijn honderdduizenden mensen uit hun woning verdreven door de massale en onwettige evacuatiebevelen en terugkeerverboden. Hiermee schendt Israël het internationaal humanitair recht. In plaats van gemeenschappen met geweld te ontwortelen en hele stukken Libanees grondgebied aan te wijzen als verboden zones voor burgers, moeten de Israëlische troepen zich onmiddellijk terugtrekken uit Libanees grondgebied.
Het aantal mensen dat in Libanon ontheemd is geraakt door de stortvloed van onwettige ‘evacuatiebevelen’ van het Israëlische leger, is in 2026 enorm toegenomen. Dit stelt Amnesty International vast na nieuw onderzoek. Israël voert hiermee zijn plan uit om huizen en civiele infrastructuur te vernietigen en grote delen van het zuiden te ontvolken. Burgers worden met geweld uit hun huizen verdreven en Israël heeft inmiddels tienduizenden van hen al verboden om terug te keren. Deze zijn een ernstige schending van het Vierde Verdrag van Genève, wat neerkomt op een oorlogsmisdrijf.
Methodologie van het onderzoek
In maart en april 2026 interviewde Amnesty International interviewde 19 mensen, onder wie 18 uit gebieden waar massale ‘evacuatie’ had plaatsgevonden en een hulpverlener. Van deze 18 waren er 12 nog steeds ontheemd, waaronder negen uit dorpen waarvoor een terugkeerverbod gold en drie uit gebieden buiten de verboden zone. Zes anderen waren in hun huizen gebleven, allemaal in dorpen met een christelijke meerderheid, maar meldden dat de basisvoorzieningen systematisch waren weggevallen.
Het Evidence Lab van Amnesty International analyseerde 447 bevelen aan inwoners van Libanon. Deze werden tussen 23 september 2024 en 31 mei 2026 op het X-account van de Arabische woordvoerder van het Israëlische leger gepubliceerd. Daarnaast analyseerde het Lab tijdens de evacuatie van 2024 en 2026 uitgevaardigde bevelen, waarbij de reikwijdte, inhoud en frequentie ervan zijn onderzocht. Hiervan waren er 215 voortijdige waarschuwingen gericht op specifieke locaties en .36 waren massale ‘evacuatiebevelen’ tijdens de escalatie van 2024. Verder werden 135 ‘evacuatiebevelen’ tijdens de escalatie van 2026 onderzocht, en 61 terugkeerverboden die inwoners opdroegen niet terug te keren naar geëvacueerde gebieden.
Burgerbevolking geterroriseerd
“De vijandelijkheden tussen Israël en Hezbollah hebben de afgelopen twee en een half jaar verwoestende gevolgen voor de burgerbevolking van Libanon”, zegt Kristine Beckerle van Amnesty International. “Daar kwamen de massale ‘evacuatiebevelen’ nog eens bij. In 2026, net als in 2024, ontbreekt het bij de willekeurige bevelen van Israël aan maatregelen om het welzijn en de veiligheid van de evacués te waarborgen. Ook kregen burgers geen zinvolle informatie of begeleiding om weloverwogen beslissingen te nemen over of en hoe lang ze moesten vluchten. Bovendien werden de bevelen ook nooit ingetrokken, zelfs niet nadat de vijandelijkheden waren gestaakt. Dit terwijl het internationaal humanitair recht dit vereist.”
Iedereen moet vertrekken
In grote delen van Zuid-Libanon werden de Israëlische ‘iedereen moet vertrekken’-bevelen gevolgd door ‘kom niet terug’-bevelen, zegt Beckerle. “In plaats van gemeenschappen met geweld te ontwortelen en hele stukken Libanees grondgebied aan te wijzen als verboden zones voor burgers, moeten de Israëlische troepen zich onmiddellijk terugtrekken uit Libanees grondgebied. De ontheemden moeten veilig en vrij naar hun land kunnen terugkeren, en Israël moet slachtoffers genoegdoening bieden en schadeloosstellen, ook diegenen van wie Israël de huizen Israël onrechtmatig heeft vernietigd.”
‘Vooruitgeschoven verdedigingszone’
Naast de grootschalige ‘evacuatiebevelen’ breidde het Israëlische leger ook het gebied in Libanon uit waarvoor een verbod op terugkeer geldt. Terwijl op 27 november 2024 een staakt-het-vuren ingaat, wijst het Israëlische leger de dag erna een gebied dat ongeveer 4,6 procent van Libanon beslaat, als verboden zone aan.
In april 2026, slechts drie dagen na het staakt-het-vuren van 17 april, publiceerde het Israëlische leger een nieuwe kaart. Hierop was een uitgebreid gebied te zien is dat 6 procent van het Libanese grondgebied beslaat. Het gebied wordt door het leger aangeduid als een ‘vooruitgeschoven verdedigingszone’. De bevolking mocht niet terug te keren naar een hele reeks van dorpen binnen die zone. In dat gebied woonden daarvoor tienduizenden burgers.


Gebieden in Zuid-Libanon waar het Israëlische leger grootschalige evacuatiebevelen uitvaardigde in 2024 (links) en 2026 (rechts).
Grootschalige verwoesting
Het Israëlische leger is gestationeerd in de ‘niet-terugkeren-zone’ en richt daar sinds 2024 op grote schaal vernielingen aan. Amnesty International documenteerde eerder hoe het Israëlische leger zowel voor als na het in werking treden van het staakt-het-vuren van 2024 een spoor van opzettelijke vernielingen achterliet in delen van deze zone. Op zeer gedetailleerde satellietfoto’s uit 2026 is te zien dat bijna alle gemeenten langs de grens vrijwel volledig zijn platgewalst. Voorheen blevenafgelegen gebouwen en delen van dorpen misschien nog intact. Nu is bijna alles met de grond gelijkgemaakt en breiden de zware verwoestingen zich uit naar gemeenten die dieper in de ‘niet-terugkeren-zone’ liggen.
Reactie Israëlische leger
In een reactie op vragen van Amnesty International ontkent het Israëlische leger dat het evacuatiebevelen uitvaardigde. Het leger beweert dat het ‘voortijdige waarschuwingen aan burgers’ gaf en dat dit geen verplichtende bevelen waren, maar ‘aanbevelingen’. Amnesty International legde al eerder uit waarom massale ‘evacuatiebevelen’ geen effectieve voortijdige waarschuwingen zijn. Het gaat om waarschuwingen die voorafgaand aan een aanval worden uitgevaardigd met betrekking tot een specifieke locatie zoals een gebouw, en om massale ‘evacuatiebevelen’, die worden uitgevaardigd voor hele reeksen dorpen en grote stukken land.
Het Israëlische leger beweerde in zijn brief dat ‘er geen verbod geldt voor Libanese burgers om naar hun huizen terug te keren’, maar op 15 juni, na berichten dat de VS en Iran overeenstemming hadden bereikt over een staakt-het-vuren dat ook Libanon omvat, zei minister van Defensie Israel Katz dat de Israëlische strijdkrachten ‘zonder enige tijdslimiet in de veiligheidszones in Libanon, Syrië en Gaza zullen blijven’, en dat deze zones zouden worden “ontdaan van lokale bewoners en alle terreurinfrastructuur… inclusief de huizen in de dorpen langs de contactlijn die als terreurbuitenposten dienden…”
Meermaals ontheemd
‘Hala’ (pseudoniem) is begin zestig en komt uit Chaqra, een dorp in Zuid-Libanon. Ze kreeg herhaaldelijk te maken met massale ‘evacuatiebevelen’ – twee in oktober en november 2024 en nog minstens vijf tussen maart en mei 2026, waaronder één kort na de afkondiging van het staakt-het-vuren op 17 april.
Op 2 maart 2026, om 04.04 uur, vaardigde het Israëlische leger een massaal ‘evacuatiebevel’ uit voor Chaqra en 52 andere dorpen. Hala had het bevel niet gezien. Tegen de ochtend waren veel mensen het dorp ontvlucht. “Iedereen was al voor mij vertrokken… de hele buurt was verlaten”, vertelt ze. Toen ze eindelijk vervoer had gevonden, duurde de reis naar Beiroet 24 uur. Normaal gesproken doet ze daar twee en een half uur over.
Geen leven meer
Na het staakt-het-vuren van april 2026 kwamen delen van Chaqra, samen met twintig andere dorpen, te liggen op een afbakeningslijn. Het Israëlische leger stelde deze lijn zonder overleg vast om de binnenste grens van de ‘niet-terugkeren’-zone af te bakenen. Ontheemde inwoners mochten terugkeren naar delen van hun dorp, maar kregen geen toegang tot gebieden ten zuiden van die lijn.
Hala bracht op 20 april een kort bezoek aan haar huis om wat zomerkleding op te halen, voordat ze terugkeerde naar Beiroet. Acht dagen later vaardigde het Israëlische leger opnieuw een bevel tot grootschalige ‘evacuatie’ uit, voor het hele dorp Chaqra.
„Er is niet veel leven meer in mijn dorp. De meeste mensen die [na het staakt-het-vuren] waren teruggekeerd, zijn alweer vertrokken”, zegt Hala.
Oproep Amnesty
“Het is van het allergrootste belang dat de internationale gemeenschap in actie komt”, zegt Beckerle. “Staten moeten aandringen op een duurzaam en bestendig staakt-het-vuren en het Israëlische leger onder druk zetten om zich terug te trekken uit Libanees grondgebied. Ze moeten ook nationale en internationale mechanismen voor verantwoordingsplicht en rechtspraak in werking stellen, en alle leveringen van wapens en militair materieel aan Israël opschorten die schendingen van het internationaal recht in de hand kunnen werken.”
Achtergrond
Dit onderzoek is het eerste in een reeks onderzoeken naar schendingen van het internationaal recht tijdens de escalatie in Libanon in 2026.
Op 7 juni 2026 meldde het Libanese ministerie van Sociale Zaken dat er nog steeds meer dan een miljoen mensen ontheemd zijn. Na het staakt-het-vuren van 2024 waren er naar schatting nog 64.000 mensen ontheemd.
Sinds de escalatie van het gewapend conflict op 2 maart, zijn er volgens het Libanese ministerie van Volksgezondheid op 12 juni al meer dan 3.700 mensen omgekomen. Ondanks herhaaldelijke aankondigingen van een staakt-het-vuren duren de vijandelijkheden voort: Israël en Hezbollah blijven elkaar aanvallen, waarbij Israël luchtaanvallen uitvoert in heel Libanon en Hezbollah raketten en drones afvuurt op Israël.
Meer getuigenissen
Lees het uitgebreide nieuwsbericht met meer getuigenissen (Engelstalig).