De Voormoeders: een completer beeld van de (vrouwen)geschiedenis

De Voormoeders: een completer beeld van de (vrouwen)geschiedenis

Archieven zijn niet neutraal. Het is altijd de geprivilegieerde groep die bepaalt wat wordt vastgelegd en bewaard, schrijft Suze Zijlstra in De Voormoeders.

Waarschijnlijk woonde Betjie rond 1870 in Surabaya. Of in de omgeving van die stad, dat kan ook. Het zou kunnen dat ze officieel anders heette. Ze is vermoedelijk in vrijheid geboren, of in ieder geval is er geen aanwijzing gevonden die op het tegendeel wijst.

Betjie is een van de ‘voormoeders’ van historica Suze Zijlstra. Een ‘inlandsche’ vrouw, wier naam enkel is vastgelegd in de geboorte- en sterfaktes van haar zonen. Alleen via de mannen in haar leven is er iets over haar terug te vinden, al is het nog altijd heel weinig.

Geringe status

Archieven zijn niet neutraal. Het is altijd de geprivilegieerde groep die bepaalt wat wordt vastgelegd en bewaard. Daardoor is er relatief veel bekend over de mannen onder onze voorouders, zelfs van eeuwen geleden, terwijl over de vrouwen ook in recentere tijden vaak bijna niets is terug te vinden. Om over de niet-Europeanen onder hen nog maar te zwijgen. Suze Zijlstra onderzoekt in haar boek De Voormoeders de vrouwen in haar familie, van de VOC-tijd tot nu. Omdat ze wil weten hoe de migratieachtergrond van haar familie nog doorwerkt in haar leven, maar ook omdat ze verwacht dat die aanpak een completer beeld van de geschiedenis zal opleveren. ‘Juist als we naar deze vrouwen kijken, kunnen we beter zicht krijgen op de complexiteit van de verhoudingen tijdens de koloniale aanwezigheid van Nederland in de Indonesische Archipel.’

En dus zoekt Zijlstra in archieven, registers en oude kranten naar wat er nog te vinden is over haar voormoeders, van wie zelfs de namen soms nauwelijks meer te achterhalen zijn. Zeker als het om Aziatische vrouwen gaat. ‘Hun geringe status klinkt door in de stiltes in de archieven.’ Dan kan Zijlstra niet meer dan beschrijven hoe de dingen zouden kunnen zijn geweest. Aan de hand van snippers informatie brengt ze vrouwen als Jacoba van Clootwijk, Jacoba Happon en Jacomina Fay in het boek tot leven. Soms moet ze erkennen dat ze niet verder komt dan vermoedens en waarschijnlijkheden. ‘Ik laat ze zo, de speculaties, want deze geschiedenis is niet netjes afgewerkt.’

Maatschappelijke ladder

Van de individuen zoomt Zijlstra uit naar de grotere vragen, om te onderzoeken hoe geslacht, kleur en afkomst iemands plek op de maatschappelijke ladder bepalen. Wat hadden deze vrouwen over hun eigen leven en dat van anderen te zeggen? Als Betjie inderdaad vrij was geboren, wat betekende dat dan in de negentiende eeuw? Hoe vrij waren vrouwen als zij daadwerkelijk? Wat zullen ze ervan gemerkt hebben dat de Nederlandse staat in die jaren probeerde om nog effectiever winst te behalen uit de koloniale bezittingen? De administratie van de bevolking werd verder geformaliseerd, waardoor strakker werd vastgelegd wie erbij hoorde en wie niet. Wat betekende dat voor Betjie, die in de categorie ‘inlanders’ viel? En voor haar kinderen, die van gemengde afkomst waren en die pas jaren later, toen hun (Europees-Aziatische) vader ze officieel erkende, als Europese burgers werden geregistreerd?

In een indrukwekkend laatste hoofdstuk tekent Zijlstra haar eigen ervaringen en gedachten op, zo kleurrijk als ze van geen van haar voormoeders bewaard zijn gebleven. Daarin komt ook de vraag op: als je bedenkt dat de wereld voor jou wél openligt, in een maatschappij die gebouwd is op een koloniaal verleden, wat geeft dat je dan voor verantwoordelijkheden?

Suze Zijlstra – De Voormoeders
Ambo/Anthos
320 p., € 24,99