In Rusland is Aleksei Navalny veroordeeld tot 2 jaar en 8 maanden strafkamp
© AFP / VASILY MAXIMOV

Parlementariërs Rusland moeten wet verwerpen die vrijheid van meningsuiting en vereniging bedreigt

In het lagerhuis van het Russische parlement, de Doema, zijn drie wetsvoorstellen in eerste lezing aangenomen die het recht op vrijheid van meningsuiting drastisch inperkt.

De wetsvoorstellen hebben het gemunt op Russen die het maatschappelijk middenveld en religieuze organisaties hebben gesteund die later als ‘extremistisch’ of ‘terroristisch’ werden bestempeld, en verbreden de reikwijdte van de wet op ‘ongewenste organisaties’.

Beweging Navalny opnieuw doelwit

‘Het regime van Vladimir Poetin streeft ernaar critici volledig uit de maatschappelijke debat te weren, zegt Natalia Zviagina van het Amnesty-kantoor in Moskou. ‘Het belangrijkste doelwit van deze laatste brutale aanval is de beweging van Aleksei Navalny. Nadat het Kremlin zijn aartsvijand ten onrechte had gevangengezet, richt het zich nu op iedereen die het lef had hem te steunen.’

Met het eerste wetsvoorstel willen de autoriteiten de uitoefening van het recht op vereniging bestraffen door degenen die kritisch zijn over de regering uit het openbare leven te weren. Volgens de wet zullen mensen die op enige manier betrokken waren bij een organisatie die later als ‘extremistisch’ of ‘terroristisch’ werd bestempeld en vervolgens werd verboden, uitgesloten worden om lid te worden van de Doema voor een periode van 3 tot 5 jaar nadat het verbod van de organisatie in werking trad. Bovendien kan de nieuwe wet met terugwerkende kracht worden toegepast.

Nieuwe poging beweging Navalny als ‘extremistisch’ te bestempelen

De anticorruptie-stichting van Aleksei Navalny, die al tot ‘buitenlandse agent’ is verklaard, probeert nu te voorkomen dat de autoriteiten de stichting aanmerken als een ‘extremistische organisatie’. Volgens Leonid Volkov, die het regionale netwerk van Navalny leidde voordat het in april werd ontbonden, zouden tot 200.000 mensen die hebben bijgedragen aan crowdfunding-inspanningen in gevaar kunnen komen door de nieuwe wet.

Hoewel supporters van Navalny zeker het belangrijkste doelwit zijn, zal het wetsvoorstel ook gevolgen hebben voor vele andere burgerlijke en religieuze groeperingen die het doelwit zijn of kunnen zijn van de vage Russische wetgeving over ‘contra-extremisme’ en ‘terrorismebestrijding’.

‘Dit is niets anders dan een wanhopige stap om elke afwijkende mening het zwijgen op te leggen’, zegt Zviagina. ‘De autoriteiten zijn bereid om een ​​aanzienlijk deel van de bevolking te straffen voor het uitoefenen van hun recht op vrijheid van meningsuiting en vereniging door hun mogelijkheden verder te beperken om effectief deel te nemen aan het openbare leven.’

Grotere reikwijdte ‘ongewenste organisatie’-wet

De twee andere wetsvoorstellen verruimen de reikwijdte van de ‘ongewenste organisatie’-wet. Met die wet is het mogelijk het werk van ngo’s in Rusland geheel te verbieden. Nu willen de autoriteiten een verbod op deelname aan hun activiteiten in het buitenland invoeren. Daarbij wordt de status ‘ongewenst’ gegeven aan organisaties waarvan wordt aangenomen dat ze een rol spelen bij financiële transacties met organisaties die al zijn verboden. In de wetsvoorstellen staat dat organisaties strafrechtelijke aansprakelijk zijn na één administratieve vervolging of in sommige gevallen zelfs onmiddellijk. Nu gebeurt dat nog na twee administratieve vervolgingen.

‘Dit wetsvoorstel lijkt te zijn opgesteld om een andere oppositiegroep, Otkrytaya Rossiya (Open Rusland), te dwarsbomen’, zegt Natalia Zviagina. ‘Activisten en aanhangers van Open Rusland hebben al een hoge prijs betaald en die zal nu nog hoger worden. We dringen er bij de Russische parlementariërs op aan deze wetsvoorstellen niet aan te nemen. Ze vormen een ernstige bedreiging voor de mensenrechten en de Russische samenleving en de internationale gemeenschap zouden zich hier grote zorgen om moeten maken.’