Experts van Amnesty onderzoeken resten van bommen en granaten om vast te kunnen of er oorlogsmisdaden zijn begaan bij de strijd om Tripoli
© Amnesty International

Libië: nieuw bewijs voor mogelijke oorlogsmisdaden bij de strijd om Tripoli

In de voortdurende strijd om de Libische hoofdstad Tripoli zijn tientallen burgers gedood en ernstig verwond. Dit is het gevolg van willekeurige aanvallen en het gebruik van onnauwkeurige wapens in stedelijke gebieden.

In het eerste diepgaande veldonderzoek in de frontlinie  Lees hier: Libya's Relentless Militia War sinds de gevechten op 4 april uitbraken, bezocht Amnesty International 33 locaties in Tripoli en omgeving waar lucht- en grondaanvallen waren uitgevoerd. Dat leverde bewijs op van mogelijke oorlogsmisdaden door zowel de door de VN gesteunde regering van het Nationaal Akkoord (GNA) als het zelfbenoemde Libische nationale leger (LNA). De onderzoeksresultaten staan in het Amnesty-rapport ‘Libya’s Relentless Militia War – Civilians Harmed in The Battle for Tripoli, April-August 2019’.

VN-embargo geschonden

Ondanks een alomvattend VN-wapenembargo dat sinds 2011 van kracht is, ondersteunen de Verenigde Arabische Emiraten en Turkije respectievelijk de LNA en de GNA door illegale wapenoverdracht en directe militaire steun.

Onderzoek aan beide zijden van de frontlinie

Amnesty-onderzoekers interviewden tussen 1 en 14 augustus 156 inwoners aan beide zijden van de frontlinie in en rond Tripoli, Tajoura, Ain Zara, Qasr Bin Ghashir en Tarhouna. Onder hen waren overlevenden, getuigen en familieleden van slachtoffers, evenals lokale ambtenaren, medische hulpverleners en leden van milities.

Naast interviews voerden experts op het gebied van van wapens en munitie onderzoek uit. Ook deden leden van Amnesty’s Digital Verification Corps onderzoek op basis van foto- en videomateriaal en andere openbare bronnen.

Burgers gevangen in het kruisvuur

Volgens statistieken van de VN zijn de afgelopen zes maanden meer dan 100 burgers gedood en gewond geraakt, onder wie tientallen gevangengehouden migranten en vluchtelingen. Daarnaast raakten meer dan 100.000 mensen ontheemd. Burgers werden getroffen door luchtaanvallen, artillerievuur en beschietingen. Ook infrastructuur, waaronder verschillende veldziekenhuizen, een school en een detentiecentrum voor migranten, werden geraakt. De luchthaven Mitiga, de enige internationale luchtverbinding met Tripoli, moest als gevolg van de beschietingen worden gesloten.

Sommige van de aanvallen die door Amnesty International werden gedocumenteerd, waren willekeurig of buitensporig, wat betekent dat ze fundamentele beginselen van het internationaal humanitaire recht schonden en mogelijk oorlogsmisdaden zijn. In andere gevallen bedreigden strijders burgers in of dicht bij huizen en medische voorzieningen. Er werden onder andere buiten spelende kinderen van 2 jaar en rouwende mensen die een begrafenis bijwoonden gedood of verwond.

Tijdens een willekeurige aanval door de LNA op de wijk Abu Salim op 16 april 2019 werd een salvo van zes onnauwkeurige grondlanceringsraketten ‘Grad’ afgevuurd op woonwijken. Acht burgers kwamen om en zeker vier mensen raakten gewond.

Luchthaven en veldhospitaal aangevallen

De luchthaven Mitiga, maandenlang de enige functionerende luchthaven van Tripoli, is gesloten nadat het herhaaldelijk het doelwit was van LNA-aanvallen. Dichtbijgelegen woningen en een school werden ook getroffen. Experts van Amnesty onderzochten kraters en munitiefragmenten die erop wijzen dat gebruikgemaakt werd van ongeleide, grote wapens.

Bij aanvallen van de LNA zijn ook verschillende ambulances en veldhospitalen beschadigd of vernietigd. Amnesty ontdekte ook dat GNA-strijders veldhospitalen en medische voorzieningen voor militaire doeleinden hebben gebruikt, waardoor ze kwetsbaar zijn voor aanvallen.

Bij een van de dodelijkste aanvallen op, op 27 juli 2019, werd met een raketaanval een veldhospitaal dicht bij de gesloten internationale luchthaven van Tripoli geraakt. Vijf medici en reddingswerkers kwamen daarbij om het leven, acht mensen raakten gewond.

Amnesty’s oproep

De internationale gemeenschap moet het wapenembargo van de VN handhaven, dat Turkije, de Verenigde Arabische Emiraten, en ook Jordanië en andere landen op flagrante wijze hebben geschonden. Alle partijen moeten onmiddellijk concrete stappen ondernemen om burgers te beschermen in overeenstemming met het oorlogsrecht. Ook moet er een onderzoek komen naar het optreden van de strijdkrachten. En er moet een onderzoekscommissie worden ingesteld om de weg vrij te maken voor gerechtigheid en schadeloosstelling voor de slachtoffers en hun families.