Israëlische aanval op 12 mei in de zuidelijke Gazastrook
© AFP via Getty Images

Israël/Bezette Palestijnse gebieden: burgerdoden en grootschalige vernietiging tijdens meest recente Gaza offensief

Tijdens het offensief van begin mei op de bezette Gazastrook vernietigde Israël vaak zonder militaire noodzaak onwettig Palestijnse huizen. Dit komt neer op een vorm van collectieve straf tegen de burgerbevolking. Israël voerde ook schijnbaar disproportionele luchtaanvallen uit waarbij Palestijnse burgers, waaronder kinderen, werden gewond en gedood.

Amnesty International onderzocht negen Israëlische luchtaanvallen die resulteerden in het doden van burgers en in schade aan en vernietiging van woongebouwen in de Gazastrook. Drie afzonderlijke aanvallen in de eerste nacht van de bombardementen op 9 mei, waarbij precisiegeleide bommen gericht waren op drie hoge commandanten van de Al-Quds Brigades, doodden tien Palestijnse burgers en verwondden ten minste twintig anderen. De bommen werden om 2 uur ’s nachts gelanceerd in dichtbevolkte stedelijke gebieden terwijl gezinnen thuis sliepen. Dit wekt de indruk dat degenen die de aanvallen planden en goedkeurden, het onevenredige risico dat burgers liepen voor lief namen, en waarschijnlijk negeerden. Het opzettelijk lanceren van disproportionele aanvallen, een patroon dat Amnesty International ook heeft gedocumenteerd tijdens eerdere Israëlische operaties, is een oorlogsmisdaad.

Palestijnse gewapende groepen gevestigd in de Gazastrook, geleid door Al-Quds Brigades, de gewapende vleugel van de Palestijnse Islamitische Jihad, vuurden willekeurige raketten af die twee burgers in Israël en drie Palestijnse burgers in de Gazastrook doodden. Ook deze aanvallen moeten worden onderzocht als oorlogsmisdaden.

‘Het is een maand geleden sinds het staakt-het-vuren tussen de Israëlische autoriteiten en Palestijnse gewapende groepen, maar het lijden dat deze terugkerende Israëlische aanvallen toebrengen aan de burgerbevolking in de Gazastrook houdt nooit op’, zegt Heba Morayef van Amnesty International. ‘Tijdens ons onderzoek hoorden we indringende verhalen over bommen die huizen vernietigden, over vaders die hun kleine meisjes onder het puin vandaan groeven, over een tiener die dodelijk gewond raakte toen ze in bed lag met een teddybeer. Angstaanjagender dan dit alles is de bijna zekerheid dat, tenzij daders ter verantwoording worden geroepen, deze gruwelijke scènes zich zullen herhalen.’

‘Dat we keer op keer dezelfde patronen van onwettige moorden en vernietiging hebben vastgelegd, is een aanklacht tegen het falen van de internationale gemeenschap om Israël verantwoordelijk te houden. De straffeloosheid van Israël voor de oorlogsmisdaden die het herhaaldelijk tegen Palestijnen begaat, en voor zijn wrede voortdurende 16-jarige illegale blokkade van de Gazastrook, moedigt verdere mensenschendingen aan en maakt onrecht chronisch.’

Het vijfdaagse offensief

Op 9 mei begonnen Israëlische troepen een vijfdaags offensief in de Gazastrook, blijkbaar gericht op leden en faciliteiten van de Al-Quds Brigades. Bij de Israëlische aanvallen kwamen elf Palestijnse burgers om het leven, onder wie vier kinderen. Het ministerie van Volksgezondheid in Gaza meldde dat 190 mensen gewond raakten, van wie 64 kinderen.

De Israëlische militaire operaties beschadigden 2.943 wooneenheden, 103 huizen werden volledig verwoest. Ten minste 1.244 Palestijnen zijn ontheemd als gevolg van het offensief, volgens cijfers van het Palestijnse Ministerie van Openbare Werken.

Op 10 mei reageerden Al-Quds Brigades, samen met kleinere gewapende groepen, op de aanval van Israël, door gedurende vier dagen honderden raketten af te vuren op Israëlische steden, waarbij twee burgers in Israël werden gedood. Dit waren Inga Avramyan, een 82-jarige Israëlische vrouw en Abdallah Abu Jibbeh, een 35-jarige Palestijnse arbeider uit de Gazastrook. Ook raakten er veertig mensen gewond, aldus het Israëlische ministerie van Volksgezondheid.

Raketten van Palestijnse gewapende groepen doodden ook drie Palestijnse burgers in het noorden van de Gazastrook, waaronder twee kinderen, Layan Mdoukh, 10 jaar oud, en Yazan Alayan,16 jaar oud. Dit is geen op zichzelf staand incident. Eerder publiceerde Amnesty International bevindingen over Palestijnse slachtoffers veroorzaakt door raketvuur dat misging na de militaire operatie van augustus 2022.

‘Bekend om hun inherente onnauwkeurigheid, zijn raketaanvallen door Palestijnse gewapende groepen willekeurig. Ook deze aanvallen moeten worden onderzocht als oorlogsmisdaden en slachtoffers moeten snel en adequaat genoegdoening geboden worden’, zegt Morayef.

Onuitsprekelijk geweld

Om 2 uur ’s nachts op 9 mei troffen Israëlische luchtaanvallen een gebouw van twee verdiepingen in het al-Sha’af-district in Gaza-stad met een GBU-39-bom, een bom met een kleine diameter vervaardigd door Boeing Defense, Space & Security en geëxporteerd naar Israël vanuit de Verenigde Staten. De aanval was gericht op het appartement van Khalil al-Bahtini, een hooggeplaatst lid van de Al-Quds Brigades. Het doodde Khalil al-Bahtini, zijn vrouw Leila al-Bahtini en hun vierjarige dochter Hajar. Ook het naastgelegen appartement werd getroffen, waarbij de 19-jarige Dania Adas en haar 17-jarige zus Iman om het leven kwamen.

Alaa Adas, de vader van Dania en Iman, vertelde Amnesty International dat hij werd gewekt door zijn slaapkamerdeur die op hem viel. Hij rende naar de kamer van Iman en Dania en vond zijn dochters in bed. Dania, wiens huwelijk in juli zou plaatsvinden, was al dood. Iman, een enthousiaste student met dromen om dokter te worden, ademde nog steeds en werd met spoed naar het ziekenhuis gebracht waar ze een paar uur later overleed.

‘In plaats van af te studeren en te studeren aan de universiteit en haar wens om arts te worden te vervullen, stierf ze [Iman],’ zei Adas.

‘Als burgers hadden de levens van Leila en Hajar al-Bahtini en Dania en Iman Adas beschermd moeten worden. Israël heeft de verplichting om een aanval af te blazen als blijkt dat het burgers en civiele objecten onevenredig kan schaden. Het opzettelijk lanceren van een disproportionele aanval is een oorlogsmisdaad’, aldus Morayef.

Opzettelijke vernietiging

Israëls opzettelijke vernietiging van woningen, eist ook een zware tol van burgers in de Gazastrook, waaronder van mensen met een handicap.

Op 13 mei richtten Israëlische troepen zich op een gebouw van vier verdiepingen in het vluchtelingenkamp Jabalia. Het gebouw was de thuisbasis van 42 mensen van de uitgebreide Nabhan familie. Vijf leden van het gezin leven met een handicap, waaronder drie rolstoelgebruikers.

Hussam Nabhan, een ooggetuige van de aanval, vertelde Amnesty International dat hij rond 18.00 uur een telefoontje had ontvangen waarvan hij dacht dat het van een Israëlische inlichtingenofficier was, die meedeelde dat bewoners van het gebouw vijftien minuten hadden om te evacueren. Hussam vertelde de beller dat er mensen met een handicap in het gebouw waren en dat ze meer tijd nodig hadden, maar de beller herhaalde de waarschuwing.

Na de aanval was de 22-jarige Haneen Nabhan zo getraumatiseerd dat ze het moeilijk vond om te praten. Ze vertelde dat haar rolstoel was begraven onder het puin van haar huis, zodat ze zich niet langer zelfstandig kon verplaatsen.

Onderzoek van Amnesty International vond geen bewijs dat het Nabhan-gebouw, en andere woongebouwen die tijdens de laatste twee dagen van het offensief werden vernietigd of beschadigd, waren gebruikt om wapens of ander militair materieel op te slaan of dat raketten vanuit hun directe omgeving waren gelanceerd.

‘De hoofdoorzaak van dit onuitsprekelijke geweld is Israëls systeem van apartheid. Dit systeem moet worden ontmanteld, de blokkade van de Gazastrook moet onmiddellijk worden opgeheven en degenen die verantwoordelijk zijn voor de misdaad van apartheid, oorlogsmisdaden en andere misdaden onder internationaal recht moeten ter verantwoording worden geroepen,’ zegt Morayef.

Achtergrond

Terwijl de Israëlische autoriteiten Amnesty International de toegang tot de Gazastrook blijven ontzeggen, heeft de organisatie een lokale veldonderzoeker gecontracteerd die bewijsmateriaal heeft verzameld en getuigen heeft geïnterviewd op aanvalslocaties, zowel tijdens als na het vijfdaagse offensief. Onderzoekers van Amnesty International deden vervolginterviews en analyseerden satellietbeelden en ander open-source bewijsmateriaal, waaronder beelden van de aanvallen en hun nasleep, samen met verklaringen van Israëlische functionarissen.

De onwettige aanvallen op Palestijnse huizen en de illegale blokkade van Gaza sinds 2007 maken deel uit van het Israëlische apartheidssysteem tegen Palestijnen. Dat systeem komt neer op de misdaad tegen de menselijkheid van apartheid onder zowel het Apartheidsverdrag als het Statuut van Rome.

Lees hier verder 

Meer over dit onderwerp