De Global Sumud Flotilla naar Gaza moet veilige doorgang krijgen
Op zondag 12 april 2026 vaart de Global Sumud Flotilla-vloot opnieuw uit, met als doel de onwettige blokkade van Israël tegen de bezette Gazastrook te doorbreken. Meer dan 70 boten en 3.000 deelnemers uit 100 landen willen noodzakelijke voorraden naar Gaza brengen. Amnesty International roept de Israëlische autoriteiten op om te zorgen voor een veilige doorgang.
Bij de nieuwe missie ‘Spring 2026’ van de Global Sumud Flotilla-vloot vaart een speciale medische vloot mee met 1.000 zorgprofessionals, die belangrijke voorraden vervoeren om het verwoeste gezondheidszorgsysteem van Gaza te ondersteunen.
Het doel van de missie is om hulp te bieden aan Palestijnen die lijden onder de voortdurende genocide door Israël en decennia van wrede apartheid.
“De Global Sumud Flotilla is een krachtig symbool van internationale solidariteit met de Palestijnen in Gaza, die een voortdurende genocide en een al bijna 19 jaar durende onmenselijke blokkade doorstaan”, zegt Erika Guevara-Rosas van Amnesty International.
“De Israëlische autoriteiten moeten zorgen voor een veilige doorgang voor deze ongewapende activisten en mensenrechtenverdedigers. Er mag geen herhaling plaatsvinden van de onwettige onderscheppingen en willekeurige aanhoudingen door Israël in 2025. Toen werden onder meer de Madleen en andere schepen die deelnamen in beslag genomen. Ook werden activisten tijdens hun detentie in oktober mishandeld.”
Palestijnen moeten toegang hebben tot humanitaire hulp
Als bezettingsmacht is Israël wettelijk verplicht ervoor te zorgen dat Palestijnen in Gaza onbelemmerde toegang hebben tot humanitaire hulp. Israël blijft deze wettelijke verplichtingen schaamteloos negeren, wat een schending van het internationaal recht is.
Het feit dat deze burgermissies überhaupt blijven uitvaren, is een directe aanklacht tegen de verwoestende passiviteit van de internationale gemeenschap. Staten moeten hun wettelijke verplichtingen onder het internationaal recht nakomen en concrete stappen nemen om een einde te maken aan de genocide van Israël tegen Palestijnen in Gaza. Dit moeten ze onder meer doen door druk uit te oefenen op Israël om zijn onwettige blokkade te beëindigen. Ook moeten staten mensen beschermen die in actie komen om een einde te maken aan de straffeloosheid van Israël.
Achtergrond
In Gaza vindt op dit moment een ernstige humanitaire crisis plaats. Volgens de VN heeft meer dan 60% van de kinderen jonger dan twee jaar te kampen met voedselarmoede en duizenden zwangere en borstvoeding gevende vrouwen lijden nog steeds aan ondervoeding.
Zes maanden na het zogenaamde staakt-het-vuren-akkoord van oktober 2025 is het aantal aanvallen afgenomen. Maar Israël zet de genocide tegen Palestijnen in Gaza voort door opzettelijk levensomstandigheden te creëren die erop gericht zijn om hen fysiek te vernietigen.
Israël blijft beperkingen opleggen aan de invoer van goederen naar Gaza die onmisbaar zijn voor het overleven van burgers. Hieronder vallen: voldoende voedsel, medicijnen, medische apparatuur en hulpmiddelen, materiaal voor onderdak, apparatuur voor de zuivering van water en apparatuur voor het opruimen van puin, niet-ontplofte munitie en afval. Israël beperkt ook de distributie van hulp, onder meer door hulporganisaties in de Gazastrook te beperken.
Sinds het zogenaamde staakt-het-vuren zijn ten minste 723 Palestijnen in Gaza, voor het merendeel burgers, omgekomen. De overgrote meerderheid van de bevolking is ontheemd. Het Israëlische leger is nog steeds volledig actief in bijna 60% van de Gazastrook, een gebied dat in feite een verboden zone is voor Palestijnen.