Imaan Mazari-Hazir en Hadi Ali Chattha Pakistan

Maak ons je voorkeursbron

Stel Amnesty in als voorkeursbron in Google en mis onze artikelen niet.

Maak ons je Google-favoriet

10 jaar celstraf voor Pakistaanse mensenrechtenadvocaten

Een rechtbank in Pakistan heeft op 29 oktober mensenrechtenadvocaten Imaan Mazari-Hazir en Hadi Ali Chattha veroordeeld tot elk 10 jaar gevangenisstraf. Ze worden ervan beschuldigd dat ze in 2024 een wegversperring hebben verwijderd die was geplaatst vanwege het bezoek van het Engelse cricketteam aan Islamabad.

De mensenrechtenadvocaten zitten al sinds januari 2026 in de gevangenis vanwege een andere aanklacht. Op 23 januari werden ze gearresteerd en een dag later kregen ze gevangenisstraffen van 10 tot 17 jaar opgelegd, omdat ze op sociale media activisten steunden en kritiek uitten op het Pakistaanse leger.

Eindelijk vrij

Imaan en Hadi vroegen om opschorting van de gevangenisstraffen, maar de behandeling van hun verzoek liep maanden vertraging op. Op 17 september kende het Hooggerechtshof van Pakistan eindelijk borgtocht toe. Ook werden hun straffen opgeschort.

Opnieuw opgepakt

De advocaten van Imaan en Hadi dienden onmiddellijk de papieren in voor hun vrijlating uit de Adaila-gevangenis. Maar terwijl deze documenten werden verwerkt, pakten politieagenten Imaan en Hadi diezelfde dag om 21:30 uur op het gevangenisterrein weer op. Ze brachten hen naar een antiterrorismerechtbank.

In de rechtbank kregen Imaan en Hadi nieuwe aanklachten te horen. Deze gingen over een vreedzaam protest op 22 maart 2025, dat was georganiseerd door de families van slachtoffers van gedwongen verdwijningen. Imaan en Hadi werden veroordeeld tot 14 dagen voorlopige hechtenis en teruggebracht naar de Adaila-gevangenis.

Doelwit vanwege mensenrechtenwerk

Nu is er opnieuw een veroordeling: 10 jaar gevangenisstraf voor het verwijderen van de wegversperring. De rechter verklaarde dat het doel van de verdachten was om “de veiligheidsmaatregelen in gevaar te brengen door druk uit te oefenen op veiligheidsbeambten”. Hoewel de rechtbank erkende dat het recht op vrij verkeer een grondwettelijk recht is, oordeelde zij dat “dit recht onderworpen is aan de naleving van de geldende wetgeving, en dat het niemand is toegestaan om wetshandhavingsinstanties aan te vallen of te mishandelen”.

Imaan en Hadi zeggen het doelwit te zijn vanwege hun mensenrechtenwerk en het verlenen van pro-deo rechtsbijstand aan gemarginaliseerde en onderdrukte gemeenschappen. “Vanaf dag één zijn onze grondwettelijke rechten op een eerlijk proces, een behoorlijke rechtsgang en fundamentele menselijke waardigheid geschonden”, zegt Imaan. “We worden als voorbeeld gebruikt om degenen die zich verzetten, of willen verzetten, tegen tirannie, onderdrukking en onrechtvaardigheid verder af te schrikken.”

Write for Rights

Imaan en Hadi wijdden hun hele carrière aan het verdedigen van slachtoffers van staatsonderdrukking. Ze leerden elkaar kennen toen ze aan dezelfde zaak werkten en zijn in 2023 getrouwd. Sindsdien runnen ze samen een advocatenbureau. Imaan en Hadi zijn twee van de negen mensen voor wie we dit jaar tijdens Write for Rights in actie komen.

Meer over dit onderwerp