© Willem Poelstra

Verscheurd verleden

Beeldreportage van Willem Poelstra

Hij is Serviër‚ zij Albanees. In 2009 ontmoeten de twintigers Bojan en Eda (foto boven) elkaar op een business school in de Kosovaarse hoofdstad Pristina. Ze worden verliefd. Maar hun families zijn niet enthousiast.

De kleinzoon van UCK-strijder Hajriz Bronica, die sinds de oorlog in Kosovo (1998-1999) wordt vermist.
© Willem Poelstra

Eda’s familie koestert wrok tegenover Serviërs‚ vanwege de bloedige etnische zuiveringen eind jaren negentig in Kosovo dat toen nog bij Servië hoorde. Andersom is Bojans familie nog altijd woedend over de Albanese wraakacties‚ waarna Serviërs zich terugtrokken in geïsoleerde enclaves‚ én over de eenzijdige onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo begin 2008.

Monument voor strijders van de Kosovaarse afscheidsbeweging UCK die omkwamen tijdens hun strijd tegen de Serviërs.
© Willem Poelstra

 

De onmogelijke liefde van Bojan en Eda‚ zegt de Nederlandse fotograaf Willem Poelstra (1956) die hen portretteerde‚ lijkt in zekere zin op die van zijn eigen ouders. Poelstra had een Joodse moeder‚ Hanna Vingerhoets‚ die door onder te duiken de Tweede Wereldoorlog wist te overleven. Zijn vader Albert Poelstra besloot in 1941 naar Berlijn te verhuizen waar hij tot het einde van de oorlog zou blijven. Als net afgestudeerd ingenieur kreeg hij een baan bij een locomotieffabriek. Na de bevrijding ontmoetten ze elkaar in een Amsterdamse tram. Ze trouwden en kregen twee kinderen.

De ouders van Poelstra’s moeder waren altijd afstandelijk tegen zijn vader. Pas na diens overlijden in 2011 (zijn moeder was al in 2003 overleden) drong goed tot Poelstra door waarom. In een oude schoenendoos vond hij foto’s‚ ansichtkaarten‚ papieren en twee stamboomboeken van zijn moeders familie. Zijn vader bleek veel langer in Berlijn te hebben gewerkt dan hij altijd had gedacht‚ waardoor zijn schoonouders hem van nazi-sympathieën zullen hebben verdacht. Verder was de familie van zijn moeder vroeger veel groter dan hem was voorgehouden. Nooit had Poelstra geweten dat zijn oma vier zussen had die in de oorlog waren omgekomen. Opeens begreep hij waarom zijn ouders als het over de oorlog ging‚ altijd om de hete brei heen leken te draaien.

 

Weduwe uit Izbica, uit het het fotoproject 'For Hanna' van Willem Poelstra
© Willem Poelstra

Poelstra besloot meer met dit thema te doen. In januari 2012 reisde hij naar Kosovo op zoek naar het verscheurde verleden van het land. In Pristina fotografeerde hij een demonstratie van Albanese nationalisten en in een Servische enclave portretteerde hij een oorlogsslachtoffer met een granaatsplinter in zijn keel. Ook legde hij ruïnes vast en leegstaande en vervallen huizen die ooit werden bewoond door Serviërs.

Ruïne bij Vushtrri van door Monument voor strijders van de Kosovaarse afscheidsbeweging UCK die omkwamen tijdens hun strijd tegen de Serviërs verlaten huizen.
© Willem Poelstra

Vier maanden later maakte hij een tweede reis en ontmoette hij Bojan en Eda. Zij maakten toen al plannen voor emigratie omdat hij als Serviër in het Albanese Kosovo waarschijnlijk nooit werk zou kunnen krijgen‚ terwijl zij in de Servische enclaves weer werkloos zou worden. Een jaar later verhuisden de twee naar de VS.

Poelstra raakte in de ban van Kosovo en bezocht het land uiteindelijk acht keer. Zijn reizen resulteerden in de tentoonstelling For Hanna. Future Stories from the Past‚ die al te zien was bij het fotofestival Breda Photo en in het Nutshuis in Den Haag. Het liefst zou Poelstra de beelden tentoonstellen op een brug in Mitrovica‚ de stad in Noord-Kosovo waar ten zuiden van rivier de Ibar Albanezen wonen en ten noorden Serviërs. ‘Die brug is al jarenlang afgesloten maar wordt begin volgend jaar officieel heropend.’ Of Poelstra zijn foto’s dan mag tonen‚ is onzeker. Maar vanaf 7 oktober zijn ze te zien in Pristina op het plein voor het parlementsgebouw.

Wordt Vervolgd, oktober 2016