De Saudische kroonprins Mohammed bin Salman
© Muhammad Hamed - Pool/Gettty Images

Saudi-Arabië voert repressie op na afloop G20-voorzitterschap

Saudi-Arabië voert repressie op na afloop G20-voorzitterschap

De Saudische autoriteiten hebben de afgelopen zes maanden de vervolging van mensenrechtenverdedigers en dissidenten sterk opgevoerd. Ook het aantal executies is gestegen. Dit volgt op een periode waarin de vervolging van activisten juist sterk minder werd en ook de doodstraf een stuk minder werd toegepast. Deze periode viel samen met het G20-voorzitterschap van Saudi-Arabië in de tweede helft van 2020.

Dit zegt Amnesty in het vandaag verschenen rapport Saudi Arabia’s post-G20 crackdown on expression Bekijk ook: Saudi Arabia’s post-G20 crackdown on expression  Het onderzoek toont aan dat de Saudische autoriteiten na afloop van het G20-voorzitterschap ten minste 13 mensen hebben vervolgd. Ze zijn veroordeeld na zeer oneerlijke processen voor het Speciale Strafhof (SCC). Na een daling van 85 procent van het aantal geregistreerde executies in 2020 werden tussen januari en juli 2021 minstens 40 mensen ter dood gebracht – meer dan in heel 2020.

PR-operatie

‘Zodra de G20-schijnwerpers niet meer op Saudi-Arabië gericht waren, hervatten de autoriteiten hun meedogenloze achtervolging van mensen die hun mening vrij durven te uiten of de regering bekritiseren. In één geval veroordeelde het Speciale Strafhof een hulpverlener tot 20 jaar gevangenisstraf voor een eenvoudige tweet waarin hij kritiek uitte op het economisch beleid,’ zegt aldus Lynn Maalouf, adjunct-directeur voor het Midden-Oosten en Noord-Afrika bij Amnesty International. ‘De korte onderbreking van de repressie, die samenviel met het organiseren van de G20-top, geeft aan dat elke schijn van hervorming niet meer dan een pr-operatie was.’

Mogelijke hervormingen

In februari 2021 beloofde kroonprins Mohammed bin Salman dat Saudi-Arabië nieuwe wetten zou aannemen en bestaande wetten zou hervormen om ‘de beginselen van rechtvaardigheid te versterken, transparantie af te dwingen’ en ‘de mensenrechten te beschermen.’ Hij schetste plannen om vier belangrijke wetten aan te pakken: een wet op de persoonlijke status, het recht op civiele transacties, het wetboek van strafrecht voor discretionaire vonnissen en het bewijsrecht. De autoriteiten hebben nog geen informatie gepubliceerd over hoe deze hervormingen in de praktijk gestalte gaan krijgen.

Zeer oneerlijke processen

Maar in plaats van dat er enige vooruitgang op het gebied van de mensenrechten werd geboekt, hervatte het SCC de processen en gaf het gevangenisstraffen na zeer oneerlijke processen. In ten minste drie gevallen werden mensen die hun lange gevangenisstraffen voor hun vreedzame activisme al hadden uitgezeten ofwel opnieuw waren gearresteerd, opnieuw veroordeeld, of hun straffen werden verhoogd. In juni 2021 werd een jongeman uit de sjiitische minderheid geëxecuteerd na de ratificatie van een doodvonnis dat drie jaar eerder was opgelegd na een oneerlijk proces.

‘Bekentenissen’

Rechtszaken voor het SCC zijn sowieso oneerlijk. Verdachten worden onderworpen aan gebrekkige procedures die zowel het Saudische als het internationale recht schenden. In veel gevallen worden verdachten maandenlang incommunicado en in eenzame opsluiting gehouden en de toegang tot advocaten ontzegd. De rechtbank veroordeelt verdachten routinematig tot lange gevangenisstraffen en zelfs doodvonnissen, na veroordelingen op basis van “bekentenissen” die door marteling zijn verkregen.

Satirische opmerkingen

In april 2021 veroordeelde de SCC hulpverlener Abdulrahman al-Sadhan tot 20 jaar gevangenisstraf en een reisverbod van 20 jaar, voor satirische opmerkingen over het overheidsbeleid op Twitter. De aanklachten waren gebaseerd op vage antiterrorismebepalingen, waarvan sommige vreedzame uitingen strafbaar stellen. Mensenrechtenactiviste Israa al-Ghomgham werd in februari 2021 veroordeeld tot acht jaar gevangenisstraf en een reisverbod van acht jaar, voor beschuldigingen in verband met haar vreedzame activisme en deelname aan anti-regeringsprotesten.

Verdachte opvattingen

Mohammad al-Rabiah, die in mei 2018 werd gearresteerd voor het steunen van een campagne voor het recht van vrouwen om in Saudi-Arabië auto te rijden, werd in april 2021 ook door het SCC veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf en een reisverbod van zes jaar. De aanklachten tegen hem omvatten “het proberen om de sociale cohesie te verstoren en de nationale eenheid te verzwakken” en “het schrijven en publiceren van een boek met verdachte opvattingen.”

Socialemediaverboden

Zelfs mensenrechtenverdedigers die uit de gevangenis zijn vrijgelaten, worden nog steeds geconfronteerd met reisverboden en socialemediaverboden. Ook de vrijgelaten prominente vrouwelijke mensenrechtenverdedigers Loujain al-Hathloul, Nassima al-Sada en Samar Badawi kregen te maken met beperkende voorwaarden, waaronder een reisverbod van vijf jaar. Ze lopen het  risico om opnieuw gearresteerd te worden.

Gedwongen verklaring

Alle mensenrechtenverdedigers die na het uitzitten van gevangenisstraffen worden vrijgelaten, worden gedwongen een verklaring te ondertekenen, met vaak een verbod op spreken in het openbaar, het doen van mensenrechtenwerk of het gebruik van sociale media. Deze voorwaarden zijn schendingen van het recht op vrijheid van meningsuiting, vereniging en vreedzame vergadering.

Executies hervat

In 2020 daalden het aantal geregistreerde executies in Saudi-Arabië met 85 procent. Onmiddellijk nadat het voorzitterschap van Saudi-Arabië van de G20 was beëindigd, werden de executies hervat. Alleen al in december 2020 werden 9 mensen geëxecuteerd. Tussen januari en juli 2021 zijn minstens 40 mensen geëxecuteerd – meer dan de 27 geëxecuteerden in heel 2020. In veel gevallen vonden executies plaats na veroordelingen in zeer oneerlijke processen. De processen werden ontsierd door beschuldigingen van marteling tijdens de voorlopige hechtenis, die leidden tot gedwongen “bekentenissen” die door de aanklager systematisch niet werden onderzocht.

Bekentenis uit doodsangst

In juni 2021 werd Mustafa Darwish, een jonge Saudi-Arabische man uit de sjiitische minderheid, geëxecuteerd. Hij werd in 2018 door het SCC in 2018 veroordeeld voor een reeks terreurgerelateerde misdrijven, na een oneerlijk proces. Tijden zijn proces zei hij tegen de rechter: ‘Ik werd bedreigd, geslagen en gemarteld om een bekentenis af te leggen… Ik bekende uit angst voor mijn leven.’

Monitoring- en rapportagemechanisme

‘De plannen van Saudi-Arabië voor aanpassing van wetgeving en verbeteringen op het gebied van mensenrechten betekenen niets zolang executies, oneerlijke processen en de meedogenloze bestraffing van mensenrechtenverdedigers, activisten en journalisten doorgaan,’ zegt Maalouf. ‘We dringen er bij de VN-Mensenrechtenraad op aan om een monitoring- en rapportagemechanisme voor de mensenrechtensituatie in Saudi-Arabië in te stellen.’

Mensenrechtenverdedigers vrij laten

Maalouf: ‘Als de Saudische autoriteiten willen laten zien dat ze de mensenrechten serieus nemen, zou een eerste stap zijn om onmiddellijk en onvoorwaardelijk alle mensenrechtenverdedigers vrij te laten die alleen worden vastgehouden voor het vreedzaam opkomen voor hun mensenrechten, en ervoor te zorgen dat hun vonnissen worden vernietigd en alle resterende straffen worden kwijtgescholden.’

Volgens het onderzoek van Amnesty International zitten momenteel minstens 39 personen in Saudi-Arabië achter de tralies voor hun activisme, mensenrechtenwerk of dissidente opvattingen.