Noord-Korea: Nog strengere controle op contact met buitenwereld

Noord-Korea is een van de meest geïsoleerde landen ter wereld. Leider Kim Jong-un bezit de absolute macht en controleert het dagelijks leven van zijn onderdanen. Door toegenomen controle, onderdrukking en intimidatie van de bevolking heeft de regering volledige grip op alle communicatie en informatie.

Hiermee wordt Noord-Koreaanse burgers het recht op vrijheid van meningsuiting – waartoe het zoeken, ontvangen en verstrekken van informatie behoort – ontnomen. De belangrijkste reden om contact met de buitenwereld te verbieden, lijkt twee doelen te dienen: de bevolking onwetend houden en voorkomen dat grootschalige schendingen van mensenrechten in Noord-Korea naar buiten worden gebracht. Dit is te lezen in het Amnesty-rapport Connection Denied: Restrictions on Mobile Phones and Outside Information in North Korea.

Gevangen na telefoongesprek

Telefoongesprekken naar het buitenland zijn geblokkeerd en de toegang tot internet is alleen toegestaan voor buitenlanders en een handjevol bevoorrechte burgers. Mensen die Noord-Korea zijn ontvlucht, kunnen geen contact opnemen met de achterblijvers, waardoor beide zijden niet weten of de familieleden nog leven of zijn overleden, of zij door de autoriteiten zijn ondervraagd of zijn gevangengezet. Koreaanse burgers die worden betrapt als ze met hun mobieltje met gevluchte familieleden bellen, lopen een enorm risico. Ze kunnen naar een kamp voor politieke gevangenen of een ander detentiecentrum worden gestuurd.

Omkoping

Er is een groeiende clandestiene handel in ingevoerde SIM-kaarten en mobiele telefoons – de zogenoemde ‘Chinese mobieltjes’. Noord-Koreanen die dicht bij de Chinese grens wonen, kunnen gebruikmaken van Chinese mobiele netwerken en rechtstreeks met mensen buiten het eigen land communiceren. Wie wordt betrapt op een internationaal gesprek met een Chinees mobieltje riskeert gevangenisstraf. Hieraan kan alleen worden ontkomen als je beschikt over contacten met invloedrijke regeringsvertegenwoordigers of door functionarissen om te kopen. Mensen met wie Amnesty sprak zeiden dat het ontvangen van smeergeld de eigenlijke reden is om mensen te arresteren.

Dankzij betere technologieën is het toezicht op het gebruik van mobiele telefoons verscherpt. Daarnaast is het onderling toezicht tussen mensen wijdverbreid. Jong-hee, die Noord-Korea in 2014 ontvluchtte: ‘Iedereen hield elkaar in de gaten. In buurten, op het werk, overal controleerde men elkaar.’

Telefoon-makelaar

Wie geen Chinees mobieltje bezit, kan terecht bij een ‘telefoon-makelaar’ die er wel een heeft.

Choi Ji-woo maakte daar gebruik van. Haar ouders ontvluchtten Noord-Korea. Veiligheidsagenten vertelden haar dat zij waren overleden. Later vertelde een telefoon-makelaar Ji-woo dat hij een brief van haar vader had ontvangen. Daarin vroeg hij zijn dochter om hem te bellen. Ji-woo maakte de uiterst gevaarlijke reis met de makelaar naar de bergen aan de grens met China. ‘Er was geen weg terug, we moesten ’s nachts lopen. We konden geen zaklamp gebruiken, ook al was het pikdonker. Ik zag geen hand voor ogen. Als ik de stem van mijn moeder en vader nog één keer zou kunnen horen, als ik zeker zou weten dat ze nog leefden, dan zou ik gelukkig sterven. Toen de makelaar belde en ik de stem van mijn vader hoorde, was mijn enige gedachte “Hij leeft, hij leeft!”’

Amnesty International roept de regering van Noord-Korea op om de onrechtvaardige restricties op de vrijheid van meningsuiting op te heffen en een onbelemmerde informatiestroom toe te staan tussen Noord-Koreanen en mensen elders ter wereld.