Van links naar rechts: Masih Alinejads moeder Zarrin Badpa, broer Alireza, ex-zwager Hadi Lotfi en ex-schoonzus Leila Lotfi
© Privé

Iran intimideert vrouwenrechtenactivist met arrestatie van haar familie

De Iraanse autoriteiten hebben drie familieleden van de prominente vrouwenrechtenactivist Masih Alinejad gearresteerd in een poging haar het zwijgen op te leggen.

Alinejad, die in de VS woont, is de drijvende kracht achter de Witte Woensdagen-campagne tegen de voor vrouwen wettelijk voorgeschreven verplichting om een hoofddoek te dragen. In Iran krijgt de campagne steeds meer steun van vrouwen en meisjes, die op woensdagen een witte hoofddoek dragen als protest tegen de wet.

Risico op marteling

De arrestanten zijn Masih Alinejads broer Alireza Alinejad en Hadi en Leila Lotfi, de broer en zus van haar ex-man Max Lotfi. De laatste woont ook in het buitenland en is eveneens betrokken bij de Witte Woensdagen-campagne.

Hadi Lotfi werd verhoord over de activiteiten van Masih Alinejad en Max Lotfi en een dag later vrijgelaten. Hem werd te verstaan gegeven dat ieder contact met Masih Alinejad of “haar team” als een strafbaar feit wordt beschouwd. Hij mag ook zijn woonplaats niet verlaten en zal opnieuw verhoord worden.

Over de verblijfplaats van zijn zus Leila Lotfi en Alireza Alinejad en de redenen voor hun aanhouding is niets bekend. Amnesty is bang dat zij het gevaar lopen om gemarteld of op andere manieren slecht behandeld worden.

Iran is bang voor vrouwen

‘Het arresteren van haar familieleden is een schaamteloze, verwerpelijke en laffe poging van de Iraanse autoriteiten om Masih Alinejad te straffen voor haar vreedzame activisme,’ zegt Philip Luther van Amnesty International. ‘Twee weken stak Sahar Khodayari zichzelf in brand omdat ze werd aangeklaagd voor het bijwonen van een voetbalwedstrijd. De wereld reageerde geschokt op de weerzinwekkende manier waarop Iran met vrouwen omgaat. De recente arrestaties tonen voor de zoveelste keer aan dat Iran er alles aan doet om het vrouwenrechtenactivisme de kop in te drukken. Ze vormen ook het bewijs voor de angst die de autoriteiten hebben voor de groeiende steun voor de vrouwenrechtenbeweging in Iran.’