Handelsbeperkingen voor nederzettingen in Bezet Palestijns Gebied niet genoeg
Twaalf staten kondigden deze week aan dat zij van plan zijn de handel met illegale Israëlische nederzettingen in Bezet Palestijns Gebied te beperken. Ze overwegen ook verdere maatregelen.
Het gaat om Canada, Denemarken, Finland, Frankrijk, IJsland, Ierland, Noorwegen, Polen, Portugal, Spanje, Zweden en het Verenigd Koninkrijk. Nederland kondigde al eerder een soortgelijk verbod aan, dat op 22 september van kracht wordt.
“De aankondiging dat twaalf staten van plan zijn beperkingen in te voeren op de handel met Israëlische nederzettingen – die volgens het internationaal humanitair recht onwettig zijn – is een welkome, zij het langverwachte ontwikkeling,” zegt Erika Guevara Rosas van Amnesty International. “Dit moet de weg vrijmaken voor verdere maatregelen, met als doel een einde te maken aan de onwettige bezetting door Israël en het apartheidsregime dat aan de Palestijnen wordt opgelegd.”
Aangekondigde maatregelen nog niet voldoende
De tot nu toe aangekondigde maatregelen schieten tekort om te voldoen aan de instructies van het Internationaal Gerechtshof van juli 2024 aan staten om ‘geen hulp of bijstand te verlenen’ bij het in stand houden van de onwettige bezetting van Palestijns gebied door Israël. De oprichting en uitbreiding van nederzettingen vormen een kernonderdeel van het Israëlische beleid en kunnen niet los worden gezien van het overkoepelende apartheidsstelsel. Bij deze uitbreidingen is door de staat gesteund geweld door kolonisten onder de huidige Israëlische regering een centraal instrument dat ontheemding en onteigening op grote schaal aanwakkert.
“Hele Palestijnse gemeenschappen worden op de Westelijke Jordaanoever geconfronteerd met het onmiddellijke risico weggevaagd te worden door een campagne van etnische zuivering,” zegt Guevera Rosas. “Ondertussen blijven Palestijnen in de bezette Gazastrook strijden om te overleven te midden van de aanhoudende genocide door Israël,” aldus Erika Guevara Rosas.
Wat moeten staten doen?
Alle staten, waaronder Nederland, moeten ondubbelzinnig duidelijk maken dat zij geen politieke, financiële en militaire steun meer zullen verlenen die bijdraagt aan de ernstige en systematische schendingen van het internationaal recht door Israël.
Om de schendingen die voortvloeien uit de illegale nederzettingen daadwerkelijk aan te pakken, moeten staten zich richten op de infrastructuur die de onwettige bezetting door Israël financiert en in stand houdt.
Dit vereist het opleggen van maatregelen aan onder andere Israëlische ministeries en andere instituties die betrokken zijn bij het oprichten, in stand houden en materieel ondersteunen van illegale nederzettingen en de bijbehorende infrastructuur. Daarnaast moeten er effectieve maatregelen komen om het gedwongen verplaatsen van Palestijnen te stoppen.
Gerichte sancties
Staten moeten ook gerichte sancties opleggen, waaronder reisverboden en het bevriezen van tegoeden, tegen Benjamin Netanyahu, Bezalel Smotrich, Itamar Ben-Gvir, Israel Katz en Orit Strock. Zij zijn allen rechtstreeks betrokken bij de etnische zuivering en gedwongen verplaatsing van Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever, en bij het in stand houden van de onwettige bezetting en apartheid door Israël. Verder moeten staten de handel in wapens verbieden waarmee Israël meer schendingen zou kunnen plegen.
EU-breed verbod
De EU-lidstaten moeten de president van de Europese Commissie Ursula von der Leyen oproepen om een voorstel in te dienen voor een alomvattend EU-breed verbod op handel met nederzettingen. Belangrijke landen als Italië en Duitsland moeten dit voorstel steunen. De EU moet ook de volgende logische stap zetten en de associatieovereenkomst tussen de EU en Israël opschorten.
„Er is geen ruimte meer voor excuses, uitstel of halve maatregelen,” zegt Guevara Rosas. “Als er niet daadkrachtig wordt opgetreden tegen de massale schendingen van Israël tegen de Palestijnen, geeft dat een gevaarlijk signaal af dat staten niet bereid zijn hun eigen wettelijke verplichtingen na te komen. Het moedigt de Israëlische autoriteiten bovendien aan om straffeloos door te gaan met het schenden van het internationaal recht, terwijl de Palestijnen geen bescherming wordt geboden.”