Herdenking van de Decembermoorden bij het consulaat van Suriname in Amsterdam (december 2015)
© Maarten Hartman / Hollandse Hoogte

Suriname, veertig jaar na de staatsgreep

Eind vorig jaar werd Desi Bouterse eindelijk veroordeeld voor de Decembermoorden in Suriname. Maar welke misdaden pleegden de huidige president van Suriname, en zijn tegenstanders van toen, nog meer? En werden ze daarvoor ook veroordeeld? Armand Snijders, correspondent in Paramaribo, zocht het uit.

In februari is het precies veertig geleden dat Bouterse met een staatsgreep aan de macht kwam in Suriname. Voor de moorden die bijna drie jaar later, op 8 december 1982, werden gepleegd op vijftien tegenstanders van het toenmalige militaire regime, werden eind november 2019 na een proces van twaalf jaar eindelijk de verantwoordelijken veroordeeld. De inmiddels 74-jarige Desi Bouterse, sinds 2010 president van Suriname, kreeg als hoofdverdachte twintig jaar cel opgelegd. Hij tekende verzet aan tegen de veroordeling en het is de vraag of hij ooit de gevangenis in gaat. Bij de presidentsverkiezingen van 25 mei 2020 stelt Bouterse zich zelfs weer kandidaat, zo heeft hij aangekondigd. Ondanks de diepe economische en financiële crisis in het land lijken nog altijd veel Surinamers op hem te gaan stemmen. Zeker nu er afgelopen maand een groot olieveld is gevonden voor de Surinaamse kust, waardoor Bouterse gouden bergen kan beloven.

Marrons leggen bloemen bij een monument ter nagedachtenis aan het bloedbad in Moiwana.
© Ranu Abhelak/ANP
Marrons leggen bloemen bij een monument ter nagedachtenis aan het bloedbad in Moiwana.

Moiwana: 39 slachtoffers, staat veroordeeld wegens massamoord, daders niet vervolgd

Behalve de Decembermoorden van 1982 staat de Moiwana-slachting (1986) bij veel wat oudere Surinamers in het geheugen gegrift. Het leger van Bouterse was getipt dat in het marrondorp Moiwana, in het oosten van het land, Ronnie Brunswijk zich zou ophouden. Met zijn Junglecommando streed hij al maanden tegen het regeringsleger van Bouterse in wat de Binnenlandse Oorlog werd genoemd. De militairen konden de rebellenleider in Moiwana niet vinden. De dorpelingen konden of wilden niet vertellen waar Brunswijk was, waarop de militairen 39 inwoners, vooral vrouwen en kinderen, doodschoten. De meeste huizen, waaronder dat van Brunswijk, werden in brand gestoken. De enkele jaren later aangetreden democratische regering van president Ronald Venetiaan heeft nooit een onderzoek ingesteld naar het drama, waardoor de daders tot op de dag van vandaag vrij rondlopen. In augustus 2005 veroordeelde het Inter-Amerikaans Hof voor de Mensenrechten Suriname wel wegens massamoord en moest een schadeloosstelling aan de nabestaanden worden betaald. Venetiaan bood een jaar later namens de staat zijn excuses aan. Na de moordpartij vluchtten ten minste vijfduizend burgers uit het gebied naar buurland Frans-Guyana, van wie velen nooit meer terugkwamen.

De septembermoorden van 1987: minstens 15 slachtoffers, geen veroordelingen

September 1987 stond in het teken van verschillende moorden op de weg van Brownsweg naar Pokigron, zo’n honderd kilometer ten zuiden van Paramaribo. Vermoedelijk pleegde het Nationaal Leger deze moorden uit frustratie dat Ronnie Brunswijk en de leden van zijn Junglecommando niet te vinden waren. Ook dienden de moorden waarschijnlijk als waarschuwing aan de bevolking om geen steun te verlenen aan de rebellen. In totaal werden op 11 september ten minste vijftien onschuldige burgers vermoord. Onder hen waren ook vrouwen en kinderen. Het officiële Surinaamse Persbureau sprak destijds van onvermijdelijke burgerslachtoffers, die toevallig in de vuurlinie terecht waren gekomen. Bij dit incident waren echter geen leden van het Junglecommando betrokken. Toch is er nog altijd veel onduidelijkheid over wat zich heeft afgespeeld en hoeveel doden er precies waren.

Junglecommando: onbekend aantal slachtoffers, geen veroordelingen

Het waren niet alleen militairen die misdaden pleegden, ook de rebellen konden er wat van. Berucht is het verhaal van Ronnie Brunswijk, wiens Junglecommando enkele jaren heer en meester was in het oosten van Suriname, onder meer in het bauxietstadje Moengo. Na de Moiwana-moorden waren de meeste inwoners gevlucht, maar al dan niet vrijwillige achterblijvers konden op steun van Brunswijk rekenen. Toch werden in 1987 en 1988, toen de strijd tegen het Nationaal Leger een hoogtepunt had bereikt, ook meerdere bewoners die niet gehoorzaam genoeg waren aan Brunswijk, door het Junglecommando om het leven gebracht. Zoals de 22-jarige Dino, die begin 1988 van Brunswijk de opdracht had gekregen om bij een bejaarde vrouw in het plaatsje een gasfles te leveren. Die waren toen zeer schaars en Dino nam de gasfles mee naar huis voor eigen gebruik. Toen Brunswijk dat de volgende dag hoorde, liet hij Dino ophalen, waarna hij standrechtelijk werd geëxecuteerd.

Tucajana Amazones
© Edward Long Woi Sing
De Tucajana Amazones, oorspronkelijk medestanders van Desi Bouterse, streden later tegen hem.

Het Tucajana-drama: onbekend aantal slachtoffers, geen veroordelingen

De Tucajana Amazones, een rebellengroepering die streed tegen de militairen van Bouterse, grepen eind augustus 1989 de macht in de in het westen gelegen dorpen Apoera en Washabo, nadat ze het Nationaal Leger hadden verjaagd. Binnen de groep bezetters ontstond ruzie, waarna Piko Sabajo de leiding overnam. Toen kwam het leger in actie. Bouterse zond luitenant-kolonel Melvin Linscheer met een detachement militairen van het Nationaal Leger naar het gebied om ze te verjagen. Sabajo, een oud-militair, kreeg hier lucht van en vreesde voor zijn leven omdat hij veel illegale zaken voor Bouterse had geregeld. Hij vluchtte met enkele leden van zijn groep naar buurland Guyana, maar daar werden ze gearresteerd en uitgeleverd. Terug in Suriname zorgde Bouterse ervoor dat ze naar Washabo werden gevlogen. Daar stonden enkele afvallige leden van de Tucajana Amazones hen op te wachten, terwijl Linscheer toekeek. Piko en zijn mannen werden geboeid aan handen en voeten op een vrachtwagen gegooid en zouden vijftig kilometer verderop met een kettingzaag zijn vermoord. Linscheer is vandaag de dag de belangrijkste veiligheidsadviseur van president Bouterse.

De moord op Herman Gooding: 1 slachtoffer, geen veroordeling

Politie-inspecteur Herman Gooding had zich de woede op de hals gehaald van de militairen door in 1990 een onderzoek in te stellen naar de slachtpartij van Moiwana en drie verdachten in beeld te brengen. Daarnaast onderzocht hij een grote drugsvangst nabij het plaatsje Moengo, waarbij naar verluidt een partij cocaïne in beslag werd genomen die Bouterse terugeiste. Gooding ging op 4 augustus dat jaar naar Fort Zeelandia in Paramaribo om te bemiddelen in een conflict tussen agenten en leden van de militaire politie, die nog onder gezag van Bouterse stonden. Bouterse zou hem toen op het matje hebben geroepen. Enkele uren later werd zijn lichaam, met kogels in zijn achterhoofd, gevonden nabij het fort, dicht bij Bouterses hoofdkwartier. De onderzoeken naar ‘Moiwana’ en het drugstransport werden kort daarop gestaakt. De daders van de moord op Gooding zijn nooit gepakt.

 

Tijdlijn

1975
Republiek Suriname; onafhankelijkheid van Nederland

februari 1980
Staatsgreep Desi Bouterse

1982
Decembermoorden

1986-1992
Binnenlandse Oorlog

1991
Ronald Venetiaan democratisch gekozen president

2007
Begin Decembermoorden-proces

2010-nu
Bouterse democratisch gekozen president

2012
Invoering Amnestiewet, waarna het Decembermoorden-
proces wordt stilgelegd

2017
Proces Decembermoorden wordt hervat

2019
Veroordeling Bouterse voor Decembermoorden

Januari 2020
Ontdekking olieveld voor de kust

Mei 2020
Verkiezingen

Wordt Vervolgd, februari 2020

Elke maand verhalen lezen over mensenrechten?

Word Amnesty-lid voor 2,50 per maand en ontvang Wordt Vervolgd

Neem een abonnement of bestel een gratis proefnummer