Stuur namens Eid een kaartje aan Booking.com
Eid Abu Khamis, Waed en Saja uit Khan al-Ahmar
Het Palestijnse bedoeïenendorp Khan al-Ahmar ligt tussen twee illegale Israëlische nederzettingen in: Ma’ale Adumim en Kfar Adumim. Deze nederzettingen zijn niet zomaar woonplaatsen, maar ook toeristische trekpleisters. Terwijl toeristen er genieten van hun hotelkamers, en de kolonisten goed geld verdienen, leven de Palestijnen die een paar kilometer verderop wonen in constante angst.
Economie van de nederzettingen
“Daar komt een groot hotel met dertig verdiepingen, met uitzicht over de hele regio.” Eid Abu Khamis (60), het hoofd van de dorpsraad van Khan al-Ahmar, wijst naar de bergen. “Toerisme is belangrijk voor de economie van de nederzettingen. Bovendien, als je ergens een hotelkamer kunt boeken, lijkt het op een gewone, legale plek. Maar ik, als Palestijn, mag de nederzetting maar Kfar Adumim niet eens in, terwijl het 800 meter hiervandaan is.”
Steeds dichterbij en steeds meer geweld
Al jaren probeert Israël via juridische procedures de gemeenschap van Khan al-Ahmar te dwingen het gebied te verlaten om zo ruimte te maken voor de uitbreiding van nederzettingen. De afgelopen 2 jaar zijn de illegale nederzettingen steeds dichter bij het dorp komen te liggen en vallen de Israëlische kolonisten de gemeenschap steeds frequenter en gewelddadiger aan.
“Kolonisten stelen onze dieren, slaan mensen in elkaar, vallen bewoners en scholen aan” vertelt Abu Khamis. “We hebben wel honderd keer de politie gebeld. We hebben foto’s en video’s van de aanvallen, maar de politie doet niets. Een maand geleden kwam een groep kolonisten schapen stelen. Een vader en zijn zoons verdedigden zich, toen schoten de kolonisten op ze. Twee van hen raakten ernstig gewond. De kolonisten zijn niet eens ondervraagd. Drie maanden geleden vernielden kolonisten onze zonnepanelen. We belden de politie, maar die deden niets. De wet beschermt alleen de kolonisten.”
Verboden speeltuin
Abu Khamis wijst naar de heuvels rondom het dorp: “Kijk daar — die buitenpost werd een jaar geleden gebouwd. Het zijn tien caravans. Ze werden meteen aangesloten op het water en elektriciteit en er kwam een weg naartoe. Ze kregen alles. Die buitenpost daar is 5 dagen geleden gebouwd. En de derde daar op de berg 3 maanden geleden.” Tegelijkertijd verhinderen de Israëlische autoriteiten dat de Palestijnse inwoners van Khan al-Ahmar leidingen leggen, toiletten bouwen of zelfs maar een speeltuin voor hun kinderen aanleggen.
De Palestijnse inwoners van Khan al-Ahmar mogen geen waterleiding aanleggen, geen wc’s bouwen, geen speeltuin voor hun kinderen maken. “Een Amerikaanse organisatie bouwde een aantal jaar geleden een speeltuin. De bezettingstroepen hebben hem weer vernietigd. In de Israëlische nederzettingen zijn zwembaden en speeltuinen, zelfs overdekte voor wanneer het te heet is in de zomer. Als de lucht van ons was, zouden de kolonisten hem van ons afnemen.”
Er is geen veiligheid
“Kolonisten vallen de school aan, er zijn beschietingen. De kinderen zijn bang, iedereen is bang. Als vader sta je machteloos, je kunt niets doen” zegt Abu Khamis. Waed, een meisje van 15 jaar uit Khan al-Ahmar beaamt die angst. “Als ik naar school loop ben ik bang om kolonisten tegen te komen. En op school ben ik bang dat het Israëlische leger ons aanvalt. Ze kunnen ons ook thuis aanvallen of ons bestelen. Het is mijn droom om modeontwerper te worden, maar als onze school wordt verwoest weet ik zeker dat die droom niet zal uitkomen.” Saja (15) wil graag arts worden. Ze houdt van school, maar zolang ze zich kan herinneren willen de Israëlische autoriteiten de school afbreken. “Ik voel me niet veilig. Ik voel dat de soldaten ieder moment kunnen komen. Dat er ieder moment een drone boven ons kan hangen. En dat onze school kan worden vernietigd. Er is geen veiligheid. Mijn dromen worden niet omringd door veiligheid.”
Welkom in deze realiteit
Abu Khamis zou de toeristen die in bussen langskomen wel willen vertellen over de nijpende situatie van de dorpsbewoners. “Ze kennen de problemen van de Palestijnen niet. Als ze beide kanten van het verhaal zouden horen, zouden ze van gedachten veranderen.” Hij heeft ook een boodschap voor de CEO en alle medewerkers van Booking.com: kom hierheen. Bezoek de mensen die op dit land wonen, de eigenaren van dit land. Zie in welke omstandigheden we leven. En zie welke mensen de hotels in de nederzettingen runnen. Deze nederzettingen hebben mij beroofd van mijn onderwijs, mijn gezondheid, mijn cultuur, mijn vrijheid en mijn werk. Ik hoop dat ze komen. Ik zal ze met heel mijn hart welkom heten in deze realiteit.”
Stuur namens Eid een kaartje naar Booking.com