© Amnesty International

Shell voor de rechter als medeplichtige aan executies

Shell is medeplichtig aan de executie van negen activisten uit de Nigeriaanse Nigerdelta in 1995. Dat is de inzet van een zaak die weduwe Esther Kiobel eind juni tegen het olieconcern heeft aangespannen in Den Haag. Haar advocaat Channa Samkalden: ‘Wat het meest schokt‚ is het boosaardige opportunisme waarmee Shell opereerde.’

‘Hij was een echtgenoot‚ een vader‚ een broer. Maar géén misdadiger.’ Licht ineengedoken zit Esther Kiobel (1964) in het kantoor van Amnesty Nederland‚ haar jas nog aan‚ een wollen baret op haar hoofd.

Het is ruim 21 jaar geleden dat het Nigeriaanse militaire bewind haar man Barinem Kiobel en acht andere activisten van het Ogoni-volk na een showproces liet executeren. Maar als Esther Kiobel erover praat‚ lijkt het alsof het gisteren was. Eerst breekt haar stem‚ later volgen tranen. ‘Ze hebben een onschuldige opgehangen’‚ zegt ze met samengeknepen stem over haar echtgenoot. ‘Het enige wat ik wil is zijn naam zuiveren en de medeplichtigen ter verantwoording roepen.’

Hoe kwetsbaar Esther Kiobel ook overkomt‚ ze is deze decemberdag in 2016 naar Amsterdam gekomen om een nieuwe fase voor te bereiden in de taaie strijd die ze al jaren voert. Op 29 juni heeft ze met drie andere Nigeriaanse weduwes bij de rechtbank in Den Haag een rechtszaak aangespannen tegen Shell omdat ze het olieconcern medeplichtig acht aan de executie in 1995 van de ‘Ogoni-9’‚ zoals de negen slachtoffers‚ onder wie haar man‚ bekend zijn geworden.

Shell heeft het militaire geweld tegen de Ogoni gesteund en gefinancierd en heeft zijn grote invloed in Nigeria niet gebruikt om de executie van de Ogoni-9 te voorkomen‚ zeggen de vier eisers. Daardoor zou het medeschuldig zijn aan hun dood. Ze willen excuses en smartengeld dat‚ gezien het bedrag van 15‚5 miljoen dollar dat Shell betaalde in een schikking met andere nabestaanden‚ hoog kan oplopen (zie kaders).

Amnesty steunt Kiobels strijd‚ ook financieel‚ waardoor onder meer extra onderzoek gedaan kon worden om meer bewijzen boven tafel te krijgen. Maar als ze haar verhaal doet in het Amnesty-kantoor is de dagvaarding tegen Shell nog in wording. Kiobel heeft de inhoud van een plastic zak vol papieren voor zich op tafel uitgespreid: kopieën van Nigeriaanse kranten‚ brieven van nabestaanden en voor de zaak belangrijke getuigenverklaringen.

Ik wil alleen de naam van mijn man zuiveren. Hij was geen misdadiger.

Zoals een handgeschreven verklaring van ene Charles Danwi‚ wiens belastende verklaring tegen de Ogoni-leiders een van de ‘bewijsstukken’ was tijdens het showproces. Hij zegt daarin de eerdere getuigenis ‘onder druk’ te hebben afgelegd‚ uit angst voor zijn ‘veiligheid’ en dat hij ‘30 duizend naira van Shell’ kreeg (destijds bijna honderd dollar) om de ‘valse verklaring’ af te leggen. Het tribunaal dat het showproces hield‚ negeerde de nieuwe verklaring echter‚ die Danwi toen al vanaf een onderduikadres had verspreid.

Abacha’s revenge’‚ schreeuwt een kop boven andere kopieën‚ van een Nigeriaans tijdschrift uit 1995. Het omslagverhaal vertelt onder meer hoe generaal Sani Abacha‚ de leider van de militaire regering‚ een ministerschap aanbood aan schrijver en zakenman Ken-Saro Wiwa‚ de bekendste van de Ogoni-9. Met die hoge post hoopte hij SaroWiwa los te weken van de Beweging voor de Overleving van het Ogoni-volk (Mosop)‚ die SaroWiwa zelf had opgericht. Deze weigerde echter‚ waarmee hij zich voorgoed de woede op de hals haalde van Abacha.

Eerlijk deel

Over de strijd van Ken Saro-Wiwa is veel bekend‚ mede dankzij het autobiografische Zoon van een heilige (2000) van zijn zoon Ken Wiwa. Hij beschrijft daarin hoe de pijprokende‚ innemende intellectueel en auteur van zeker 25 boeken‚ zich ontfermt over de 500 duizend Ogoni in de Nigerdelta. Ondanks decennia van oliewinning leeft zijn volk er in armoede‚ in een door olielekken zwaar vervuilde Nigerdelta.

In 1991 overtuigt Ken Saro-Wiwa alle stamhoofden in Ogoniland ervan de beginselverklaring te tekenen van de Mosop. Daarin eisen ze ‘politieke autonomie’ en een ‘eerlijk deel’ van de olieopbrengsten‚ om hun regio te kunnen ontwikkelen. In januari 1993 demonstreren 300 duizend Ogoni‚ ruim de helft van alle Ogoni‚ om die eisen kracht bij te zetten. Ze verklaren Shell tot persona non grata in Ogoniland‚ tenzij het concern 9 miljard dollar betaalt als compen-satie voor de vervuiling en de misgelopen olie-inkomsten. Shell staakt daarop de oliewinning in het gebied.

Olievervuiling in de Nigerdelta
© Kadir van Lohuizen/NOOR
Olievervuiling in de Nigerdelta. Foto: Kadit van Lohuizen/NOOR

De vreedzame demonstratie is echter het startsein voor het leger om het verzet de kop in te drukken. Als Shell eind april dat jaar in Ogoniland een nieuwe pijpleiding aanlegt‚ openen militairen het vuur op de Ogoni die ertegen demonstreren. In juli schiet het leger 130 Ogoni dood die van een visexpeditie in het aangrenzende Kameroen terugkomen‚ schrijft Wiwa.

Twee getuigen hoorden Shell-topman Anderson zeggen dat hij het proces van Ken Saro-Wiwa kon beïnvloeden.

De repressie en de angst voor het leger zaaien verdeeldheid onder de Ogoni. Als het gerucht gaat dat Ken Saro-Wiwa gearresteerd is‚ ontstaan er onlusten in het stadje Giokoo‚ schrijft Ken Wiwa. Onder nooit opgehelderde omstandigheden worden vier Ogoni-stamhoofden vermoord. Het leger arresteert SaroWiwa en veertien geestverwanten en schuift hun de moord in de schoenen: ze zouden Ogoni-jongeren ertoe hebben aangezet.

Barinem Kiobel is dan commissaris voor Handel‚ Industrie en Toerisme in deelstaat Rivers State‚ waarin Ogoniland ligt. Mosop-lid is hij niet; dat was verboden voor ambtenaren. Maar in zijn hart steunde hij Mosop‚ zegt Esther Kiobel. ‘Alle Ogoni zijn Mosop‚ altijd‚ ook mijn man toen hij voor de regering werkte.’

Ze vertelt over een geheime vergadering in 1994 ‘waarbij mensen van Shell aanwezig waren’ en waar de gouverneur haar man probeerde ‘om te kopen’. ‘Ze wilden af van Ken Saro-Wiwa‚ en vroegen mijn man om zijn medewerking. Maar hij weigerde. “Eén: ik ben Ogoni. Twee: ik houd van mijn volk”‚ zei hij. Vanaf dat moment zagen ze hem als vijand. Ik weet dit allemaal‚ want mijn man deelde altijd alles met me.’

Leden van de Ogoni-gemeenschap demonstreren in januari 1993 in Nigeria tegen Shell
© Tim Lambon/Greenpeace/Amnesty International

Als kort daarop de onrust ontstaat in Giokoo‚ gaat Barinem Kiobel erheen in de hoop te bemiddelen. Ter plekke wordt hij zelf echter doelwit. Omstanders schelden hem uit voor ‘Abacha’s zoon’‚ iemand werpt een steen. Esther Kiobel: ‘Een lokale leider trok mijn man een kleine tempel binnen waar we onze voorouders eren. Niemand mag zo’n heiligdom betreden volgens onze traditie‚ dus hier was hij veilig. Anders was hij misschien de vijfde Ogoni geweest die in Giokoo werd vermoord.’

Barinem Kiobel meldt zich ‘voor zijn eigen veiligheid’ op een marinebasis‚ waar hij niet meer weg blijkt te mogen. Kiobel: ‘Hij was al gearresteerd zonder dat hij het wist.’

Voorafgaand aan en tijdens het proces dat in 1995 plaatsheeft‚ onthoudt Shell zich van commentaar. ‘Het bedrijf had de arrestaties en het showproces kunnen veroordelen.

Maar zelfs dat heeft Shell nooit gedaan’‚ vertelt Channa Samkalden (42)‚ advocaat van de vier vrouwen‚ in haar kantoor in Amsterdam. ‘Pas toen de terdoodveroordeling een feit was‚ stuurde Shell – naar het schijnt – een brief aan het regime‚ met de oproep gratie te overwegen. Ook daarin geen woord over de oneerlijke gang van zaken vóór en tijdens het proces. Intussen overlegde het concern intensief met de regering over een groot gasproject. Want de zaken moesten doorgaan. Een maand na het showproces zijn de contracten getekend.’

De vier vrouwen verwijten Shell ‘de grote rol’ die het speelde bij alle gebeurtenissen die hebben geleid tot de dood van hun mannen‚ vat Samkalden samen. ‘Als Shell zich anders had opgesteld‚ waren ze nooit geëxecuteerd.’

Honderden uren werk

Hoe groot die rol is‚ staat beschreven in de dagvaarding. Samkalden laat het concept‚ 135 pagina’s‚ zien. ‘Honderden uren’ werk zat erin‚ door haar en twee collega’s. Daarvoor zijn ‘vele duizenden pagina’s’ aan bewijsstukken doorgenomen.

Die papieren zijn grotendeels afkomstig uit twee andere zaken tegen Shell die in de VS speelden‚ maar nooit in de rechtszaal zijn behandeld (zie kader pagina 10). De eerste‚ aangespannen door nabestaanden van onder anderen Ken Saro-Wiwa‚ leidde tot een schikking en een betaling van 15‚5 miljoen dollar. De tweede was Esther Kiobel in 2002 begonnen‚ maar strandde uiteindelijk bij het Hooggerechtshof. Dit oordeelde in 2013 dat die zaak niet in de VS gevoerd kon worden‚ mede omdat Shell daar geen hoofdkantoor had. ‘Je mag hem doornemen‚ als je geen kopieën of foto’s maakt’‚ zegt Samkalden over de dagvaarding. ‘Niets mag nog uitlekken.’

De hoofdstukjes met de belangrijkste bewijzen lezen als een thriller. De citaten uit memo’s van Shell en de verklaringen van veiligheidsagenten en andere getuigen schetsen een beeld van een concern dat met het leger samenwerkt aan een en hetzelfde doel: de protesten van de Ogoni laten stoppen‚ zodat de oliewinning in Ogoniland kon worden hervat. Geregeld maant Shell het leger ‘urgently’ om ‘elke hulp’ te verlenen teneinde ‘de verstoringen tot een minimum te beperken’. Shell blijft daarbij wijzen op de ‘alarmerend’ gedaalde olieproductie‚ wat toch niet in het landsbelang is.

Het leger toont zich gevoelig voor de argumenten. ‘Operaties van Shell zijn nog steeds onmogelijk‚ tenzij genadeloze militaire operaties worden ondernomen’‚ meldt Paul Okuntimo‚ hoofd van de veiligheidsdienst van Rivers State‚ in een ‘geheim memo’ uit 1994. Een getuige vertelt hoe drie keer geld van Shell in grote tassen naar Okuntimo wordt overgebracht voor diens eenheid.

Verder helpt Shell de militairen met helikopters en met de aankoop van wapens. Het olieconcern richt een eigen politiekorps op van zo’n twaalfhonderd agenten. Het betaalt ‘bonussen’ uit aan Mopol‚ een beruchte eenheid van de militaire politie‚ hoewel al duidelijk is dat die verantwoordelijk is voor het‚ soms dodelijk‚ geweld tegen Ogoni.

Als het proces tegen de Ogoni-9 eenmaal begint‚ zit een advocaat van Shell bij de zittingen om verslag uit te brengen. De broer van Ken Saro-Wiwa wordt uitgenodigd voor een gesprek met de lokale Shell-directeur Brian Anderson‚ die hem vertelt dat hij de uitkomst van het proces tegen diens broer kan beïnvloeden als Mosop haar protesten tegen Shell staakt. ‘Shell ontkent de uitspraken van Anderson‚ maar wij hebben verklaringen van twee getuigen die bevestigen dat hij dit wél zei’‚ licht Samkalden toe. SaroWiwa droeg vanuit de cel zijn broer op er niet op in te gaan.

Boosaardig opportunisme

Wat ziet Samkalden nu als het sterkste bewijs? ‘Dat is moeilijk te zeggen. Het is echt het samenspel van al die omstandigheden. Toen ik aan de zaak begon‚ dacht ik nog: Shell is wellicht een beetje tegen wil en dank in die situatie verzeild geraakt en heeft gewoon niet handig gereageerd. Maar als je dan ziet hoe ze mensen omkopen‚ hoe ze het regime betalen‚ die verwevenheid tussen de autoriteiten en Shell… Steeds prevaleert het commerciële doel boven mensenlevens en milieu. Het is die gewetenloze benadering‚ dit boosaardige opportunisme dat me het meest schokt.’

En wat verwacht ze van de zaak? Om te beginnen dat hij lang zal duren. Samkalden is namens Milieudefensie en een aantal Nigeriaanse boeren in een andere rechtszaak tegen Shell verwikkeld‚ ‘en die zaak‚ waarvan het hoger beroep nog steeds niet is afgehandeld‚ begon in 2008’‚ lacht ze. Maar juist omdat in deze zaak al is beslist dat een Nederlandse rechter zich mag uitspreken over daden van Shell Nigeria‚ zolang hij zich baseert op Nigeriaans recht‚ zal het in de Kiobel-zaak sneller gaan‚ verwacht ze. ‘Ik denk dat we binnen een paar jaar een eerste uitspraak hebben.’

Als de vrouwen winnen‚ is dat in de eerste plaats belangrijk voor henzelf‚ zegt ze. ‘Het is ongelooflijk hoe rauw hun verdriet nog is. Erkenning van hun leed helpt hen bij de verwerking. Maar het zou ook een scherpe waarschuwing zijn aan multinationals die opereren in dictaturen en conflictgebieden. Hoe de rechter oordeelt in deze toch ongebruikelijke zaak‚ is echter moeilijk te voorspellen.’

© Amnesty International
Ken Saro-Wiwa (vooraan rechts) en Barinem Kiobel (erachter) tijdens het showproces in 1995 door een militair tribunaal.

Nadat Barinem Kiobel was gearresteerd‚ werd ook Esther doelwit van het regime. Zonder vorm van proces zat ze in totaal drie weken vast‚ waarbij Paul Okuntimo zelf haar een keer mishandelde. Kort na de executie op 10 november 1995 – de lijken van de Ogoni-9 werden met zuur bewerkt en in een massagraf gelegd – vluchtte ze naar Benin. Daar verbleef ze in een kamp met duizend andere vluchtelingen‚ totdat ze hoorde dat de VS haar en haar zeven kinderen – vier van haarzelf‚ drie van de overleden zuster van haar man – wilden opnemen.

Nog altijd heeft ze nachtmerries over die tijd‚ vertelt Kiobel. ‘Na de executie moest ik de spullen van mijn man ophalen bij de gevangenis. Mijn man had met een rode pen mijn naam op een briefje geschreven. Met dezelfde pen moest ik tekenen voor ontvangst van zijn spullen: een bijbel‚ een kam waar nog haar in zat. Ik kon alleen maar huilen. “Is het waar dat mijn man al gedood is?”‚ vroeg ik steeds.’ Opnieuw stokt haar stem. Dan slaakt ze een lange‚ gedempte kreet. ‘Het was zó pijnlijk‚ dat moment’‚ zegt ze‚ ‘zó pijnlijk’.

Shell‚ zegt ze‚ houdt ze verantwoordelijk voor het leed dat haar is aangedaan. ‘Ik denk dat God me heeft laten leven om dit verhaal te vertellen‚ om te vechten. Ik wil Nigeria bewijzen dat mijn man onschuldig was.’

De eis en de eisers

De eisers in de zaak tegen Shell zijn Esther Kiobel (1964)‚ Victoria Bera (1970)‚ weduwe van Baribor Bera‚ wonend in Canada‚ Blessing Kem Nordu (1958)‚ weduwe van Nordu Eawo en Charity Levula (1976)‚ weduwe van Paul Levula. De vier vragen de rechter te verklaren dat Shell ‘onrechtmatig’ jegens hen heeft gehandeld en dat het concern aansprakelijk is ‘voor de schade die ze geleden hebben en nog zullen lijden’ als gevolg daarvan. Ook willen ze dat Shell ‘een publieke verontschuldiging’ uitspreekt over zijn rol rond het proces tegen de ‘Ogoni-9’. ‘De drie andere eisers hebben zichzelf gemeld toen ze hoorden dat we met de zaak bezig waren’‚ vertelt advocaat Channa Samkalden. ‘Ze deden niet mee aan de zaak in de VS‚ die in 2009 is geschikt. Victoria Bera woont in Canada‚ maar de andere twee zijn altijd in Nigeria gebleven‚ waar ze gewassen verbouwen op een lapje grond. Blessing Nordu is bijna blind. Ik ben blij dat ze meedoen. Het maakt onze zaak sterker.’

Ogoniland‚ Ken Saro-Wiwa en de Mosop 1990

1990: Ken Saro-Wiwa richt de Mosop op‚ de Beweging voor de Overleving van het Ogoni-volk.
4 januari 1993: zo’n 300 duizend Ogoni demonstreren voor meer autonomie‚ voor een eerlijk aandeel in de olieopbrengsten en tegen de olievervuiling in Ogoniland. Ze verklaren Shell tot persona non grata in Ogoniland totdat het bedrijf 9 miljard dollar ‘smartengeld’ betaalt.
17 november 1993: staatsgreep door generaal Sani Abacha‚ minister van Defensie sinds 1990 in twee regeringen. 21 mei 1994: vier Ogoni-stamhoofden worden vermoord tijdens uit de hand gelopen demonstratie. Vijftien Ogoni-leiders‚ onder wie Ken Saro-Wiwa en Barinem Kiobel‚ wordt nog dezelfde dag aanzetting tot deze moord in de schoenen geschoven‚ waarna ze worden gearresteerd.
10 november 1995: na een showproces worden de ‘Ogoni-9’ opgehangen‚ ondanks internationale woede hierover. 2009: Shell schikt de zaak van onder anderen de nabestaanden van Saro-Wiwa ‘op humanitaire gronden’ en betaalt 15‚5 miljoen dollar.
2013: Het Hooggerechtshof in de VS oordeelt dat de Amerikaanse rechter geen rechtsmacht heeft om te oordelen over de zaak die Esther Kiobel in 2002 tegen Shell had aangespannen. Ze deed dat op basis van het Alien Tort Statute uit 1789‚ dat bepaalt dat je wandaden begaan buiten de VS toch in de VS kunt vervolgen.
29 juni 2017: Esther Kiobel en drie andere weduwen spannen in Den Haag een zaak aan tegen Shell. Reactie Shell: Shell zegt desgevraagd ‘geen commentaar’ te kunnen geven op een eventuele zaak van Kiobel in Nederland tegen het olieconcern. ‘Shell heeft echter altijd in de sterkst mogelijke bewoordingen de aantijgingen van de aanklagers in deze tragische zaak ontkend’‚ aldus een woordvoerder‚ refererend aan het proces dat Kiobel in de VS voerde. Voor meer informatie en voor het recente Amnesty-rapport over de zaak en zijn context‚ zie www.amnesty.nl/kiobel.

Wordt Vervolgd, juli 2017

Elke maand verhalen lezen over mensenrechten?

Word Amnesty-lid voor 2,50 per maand en ontvang Wordt Vervolgd

Neem een abonnement of bestel een gratis proefnummer