Marechaussee ziet ‘niet-Nederlands uiterlijk’ als potentieel risico

De Koninklijke Marechaussee mag mensen mede controleren op basis van huidskleur. Dat is verboden discriminatie en daar moet een einde aan komen, zeggen ngo’s en burgers die de marechaussee voor de rechter slepen. Op 15 juni begint de rechtszaak. ‘Het heeft geen zin te werken aan bewustwording bij ambtenaren als het beleid discriminatie toestaat.’ 

© Rosa Snijders

Het was vorig jaar september dat ze twee keer dezelfde vraag kreeg op Schiphol. Wat ze precies kwam doen. Eerst tijdens een paspoortcontrole direct uit het vliegtuig, daarna nog een keer bij de douane. ‘Ik woon hier en ga naar huis’, had Rubiën Vroom-Kalaykhan (52), terug van een vakantie op Curaçao, geantwoord aan de ambtenaar van de Koninklijke Marechaussee. Haar man, een witte Nederlander, kreeg geen vraag en kon meteen doorlopen.  

De in Suriname geboren Vroom-Kalaykhan krijgt die vraag wel vaker op de luchthaven, al woont ze sinds haar 3e in Nederland. Ook werd eens bij het inchecken een belletje gepleegd om door te geven op welke vliegtuigstoel ze zat. Altijd alleen bij haar, niet bij haar gezin. Terwijl ze daar meestal niet bij stilstond (‘ik wilde gewoon naar huis’), viel het nu op, twee keer die vraag. Laten gaan, of er iets mee doen, vroeg ze zich nog dagen later af.  

‘Ik was echt van de kaart, want wat anders dan mijn meisjesnaam en mijn huidskleur konden hierin een rol spelen? Het ging hier bovendien om een instantie, de Koninklijke Marechaussee. Dat is niet oké.’ Ze deed een melding bij antidiscriminatiebureau RADAR, dat samen met een aantal andere antidiscriminatiebureaus een meldpunt ‘etnisch profileren op luchthavens’ heeft ingesteld. 

‘Ik heb me op allerlei manieren verweerd, direct bij de marechaussee, via de media en als gemeenteraadslid. Maar het beleid blijft discrimineren’ 

Vroom-Kalaykhan is niet de enige met die ervaringen, vertelt Dave Bekkering, klachtenbehandelaar bij RADAR. De meldingen kwamen door corona zo goed als stil te liggen, maar klachten over etnisch profileren door de marechaussee, politie en douane zijn er ‘altijd’ geweest, aldus Bekkering. ‘Het gaat vaak om mensen die in Nederland zijn geboren, Nederlands zijn en zich zo voelen. Als zij dan als enigen worden gecontroleerd, of met anderen van kleur, dan wekt dat bevreemding, verbijstering en boosheid op. Sommigen overkomt dat geregeld. En soms leidt dat tot heel onaangename situaties, zoals een gemiste vlucht of zelfs arrestatie.’ 

Altijd de sjaak

Op 15 juni staat de Koninklijke Marechaussee voor de rechter. De militaire eenheid, onderdeel van het ministerie van Defensie, werd in februari 2020 gedagvaard door Amnesty International, RADAR, Controle Alt Delete, PILP-NJCM (juristenorganisatie die strategisch procedeert voor mensenrechten) en twee gedupeerde burgers. Ze eisen een einde aan discriminerende grenscontroles De ene burger is een Nederlandse piloot, die in 2015 drie van de vier keer dat hij binnen het Schengengebied reisde op de luchthaven van Rotterdam werd gecontroleerd. De andere burger is Mpanzu Bamenga (35), Eindhovenaar en D66-gemeenteraadslid. Zijn ervaring bracht de rechtszaak aan het rollen. 

De gebeurtenis op Eindhoven Airport in april 2018 was voor Bamenga de druppel. Net terug uit Italië, waar hij een vrijheidslezing had gehouden, werd hij apart genomen. Op zijn vraag waarom, gaf de ambtenaar geen helder antwoord. Wel zag Bamenga dat de andere passagiers die eruit werden gepikt ook van kleur waren. ‘Je blijft rustig en netjes, maar je kookt vanbinnen. Het is namelijk de zoveelste keer. Bij wegcontroles ben ik ook bijna standaard de sjaak.’ 

© Rosa Snijders

Toen Bamenga later zijn frustratie uitte op sociale media en er Kamervragen werden gesteld, kwam er een telefoontje van de marechaussee. ‘Of ik wilde stoppen met die media-uitingen en een klacht wilde indienen.’ Dat leidde tot diverse gesprekken, met medewerkers en leidinggevenden. Na een interne hoorzitting werd zijn klacht gegrond verklaard. ‘De marechaussee beloofde beterschap, zou intern haar processen opnieuw bekijken.’  

Maar dat was niet genoeg, aldus Bamenga. ‘Tijdens die hoorzitting, maar ook uit de antwoorden van de minister, werden mijn vermoedens bevestigd. Namelijk dat ik mede op basis van mijn huidskleur staande was gehouden.’ In de letterlijke woorden van de marechaussee, omdat hij ‘goed gekleed, snellopend en een niet-Nederlands uiterlijk’ had, zo bleek uit de zittingsstukken. ‘Daarmee zou ik een potentiële Nigeriaanse geldsmokkelaar zijn.’ Bamenga is een Nederlander, die in Congo is geboren. ‘Op mijn vraag hoe een niet-Nederlands uiterlijk eruitziet, kwam geen duidelijk antwoord.’   

  

Risicoprofielen

Bamenga viel ten prooi aan het zogeheten Mobiel Toezicht Veiligheid (MTV), een vorm van grenstoezicht die is gericht op het bestrijden van onder meer illegale migratie en mensensmokkel. De MTV-controles vinden steekproefsgewijs plaats op binnengrenzen – luchthavens, wegen, wateren en in treinen – van het Schengengebied. Ze zijn niet gebaseerd op een verdenking, maar op risicoprofielen. Daarin wordt etniciteit meegenomen, maar dat mag – volgens de verantwoordelijke bewindspersonen en uitspraken van de Hoge Raad uit 2016 en 2018 – alleen in combinatie met ‘objectiveerbare’ andere criteria. Welke dat zijn, is niet bekend. Ook de risicoprofielen zijn niet openbaar.  

Maar controleren op basis van etniciteit is verboden discriminatie, vinden de organisaties. Dat de marechaussee benadrukt dat etniciteit maar één van de criteria is, maakt volgens hen niet uit. Bamenga: ‘In zo’n risicoprofiel is die huidskleur een zwaarwegend feit. Een goedgeklede, snellopende witte man zal al snel worden gezien als een zakenman.’ 

‘Individuen die je niet kent en over wie je geen informatie hebt, worden hierdoor als extra controlewaardig beschouwd’, benadrukt Gerbrig Klos, vanuit Amnesty Nederland betrokken bij de rechtszaak. ‘Terwijl er geen sprake is van een verdenking van een strafbaar feit.’ In verschillende rapporten benadrukte Amnesty de afgelopen jaren al dat etnisch profileren, iemand bij een proactieve controle staande houden mede op basis van etniciteit zonder goede reden, discriminatie is. En dat is in strijd met de mensenrechten. Er is weinig toezicht op de uitvoering van dat soort controles, mede omdat ze niet worden geregistreerd.  

Etnisch profileren

Etnisch profileren is niet alleen discriminatie, schrijft de Nationale ombudsman in het in maart verschenen rapport Verkleurde Beelden. Het is ook schadelijk en niet effectief. Het is stigmatiserend en tast het vertrouwen in de overheid aan. Mensen zullen minder snel aangifte doen als ze geen vertrouwen hebben. Bovendien, als een bepaalde groep mensen vaker wordt gecontroleerd, zullen er relatief meer mensen uit die groep aangehouden worden. Ten eerste wordt dan een andere groep niet of minder gecontroleerd en zie je niet wat daar misgaat. En ten tweede ontstaat dan ‘ten onrechte het idee dat die mensen crimineler zijn en (nog) vaker gecontroleerd moeten worden’, schrijft de ombudsman. ‘Zwarte mensen worden vaker veroordeeld, omdat zij vaker worden aangehouden. Ze worden vaker aangehouden omdat ze vaker worden gecontroleerd, en omdat we hier ooit vanuit een vooroordeel mee begonnen zijn en nu dénken dat dit goed werkt.’ Dat is een schijnlogica, aldus de ombudsman. 

Lees ook:

Uitklappen

Amnesty-directeur Dagmar Oudshoorn kreeg zelf met etnisch profileren te maken: ‘De overheid zou geen onderdeel mogen zijn van discriminatie’

Toch verandert er weinig, vinden de organisaties. Zowel het kabinet als de politie hebben expliciet erkend dat etnisch profileren meer dan incidenteel voorkomt, en ongewenst en ontoelaatbaar is. ‘Er kwamen een heleboel ambities, interne trainingen en instructies’, aldus Klos. ‘Allemaal positief, maar discriminatie bleef feitelijk toegestaan beleid, omdat iemand nog altijd mede op grond van kleur of vermoedelijke afkomst gecontroleerd mocht worden.’  

Ook Controle Alt Delete, dat in 2013 is opgericht om etnisch profileren te bestrijden, ziet weinig vooruitgang. ‘We zijn hier al jaren mee bezig’, zegt Jair Schalkwijk van de organisatie. ‘Een rechtszaak is de enige weg om een beleidsverandering te krijgen. Pas dan heeft het zin om aan bewustwording te werken.’  

‘We proberen de ervaringen met racisme van ons te laten afglijden. Maar ik heb daar al zo lang last van dat ik dat niet meer wil’ 

Ook Bamenga vindt het tijd voor een rechtszaak. ‘Ik heb me op allerlei manieren verweerd, direct bij de marechaussee, via de media, in debatten en discussies, als gemeenteraadslid. Maar het beleid blijft discrimineren. Terwijl we gelijkwaardigheid het allerbelangrijkste vinden en er zelfs onze grondwet mee beginnen.’ Dat is ‘pijnlijk en vernederend’, weet Bamenga – in 2016 verkozen tot Politiek Talent van het Jaar in Eindhoven – uit ervaring. ‘Ik zet me dagelijks in voor mijn stad en voor een veilige en inclusieve samenleving. Maar dat lijkt allemaal niet belangrijk als je om je huidskleur kunt worden gecontroleerd.’ 

De publieke discussie gaat steeds over ‘betreurenswaardige incidenten’, zegt Klos. ‘Het gaat nauwelijks over het institutionele racisme dat in het systeem en de werkwijze van een organisatie zit.’ De rechtszaak gaat dan ook niet om een oordeel in een individuele zaak als die van Bamenga, benadrukt ze: ‘We klagen de marechaussee aan om haar beleid, 
het toegestane gebruik van etniciteit in risicoprofielen.’ 

De betrokkenen hopen dat de rechtszaak mensen aanspoort vaker melding te maken van etnisch profileren. Nu denken mensen dat klagen geen zin heeft, zegt Klos. Ook Rubiën Vroom-Kalaykhan ziet het nut er niet van in. ‘Wat heeft het voor zin te klagen over beleid of een cultuur? Snappen ze het wel, vraag ik me af. Ik zou me dan ook niet veilig voelen, want dan gaat de marechaussee beoordelen of mijn ervaring aangiftewaardig is of niet.’  

Omgekeerde bewijslast

De klachtenprocedures bij de marechaussee kunnen maanden duren, weet Bekkering van RADAR. ‘Na indiening wordt gestreefd naar afhandeling middels een gesprek. Ben je niet tevreden, dan kun je naar de onafhankelijke klachtencommissie van het ministerie van Defensie of naar de Nationale ombudsman. De vraag is hoeveel energie je daarin wilt steken.’ Het is goed, zegt Bekkering, dat de Nationale ombudsman nu pleit voor een omkering van de bewijslast. ‘Dat niet de burger, maar de overheid moet bewijzen dat er geen sprake is van etnisch profileren.’ 

Klos is ervan overtuigd dat ze de rechtszaak gaan winnen. De toeslagen-affaire, de demonstraties van Black Lives Matter en een in april aangenomen Kamermotie dat etniciteit niet gebruikt mag worden in risicoprofielen van overheidsinstanties om fraude te bestrijden, maken de zaak bovendien actueel. Ook in verschillende andere Europese landen, waaronder Frankrijk, Zwitserland en Spanje, lopen soortgelijke rechtszaken tegen de staat, waar verschillende mensenrechtenorganisaties, waaronder 
Amnesty, bij betrokken zijn. 

Vroom-Kalaykhan is wat minder hoopvol. ‘Wellicht verandert er wat op papier, maar wat komt ervoor in de plaats? Je hebt met individuen te maken.’ Toch is ze blij dat de rechtszaak er komt en dat mensen zich uitspreken. ‘Ik ben nog opgevoed me zo westers mogelijk te gedragen en me aan te passen. Ik moest blij zijn dat ik in Nederland ben. Mijn ouders, die in de koloniale tijd nog plaatsmaakten voor een witte Nederlander in de winkel, hielden altijd hun mond.’ 

© Rosa Snijders

De nieuwe generatie wil dat niet meer, observeert ze. ‘We dragen behalve onze huidskleur een geschiedenis met ons mee. We dealen al heel lang met racisme en proberen die ervaringen van ons te laten afglijden. Maar ik heb daar al zo lang last van dat ik dat niet meer wil. Ik zal me vaker uitspreken en het is aan de ander om dat serieus te nemen. Dat zal tot meer botsingen leiden, maar dat is nodig.’ 

Sta op tegen onrecht, zegt ook Bamenga. ‘Al weet ik dat niet iedereen dat kan of durft. Ik kom er wel overheen. Maar dat geldt niet altijd voor hen die bijvoorbeeld bij het zoeken naar een stageplek continu worden afgewezen op hun achternaam. Ik denk ook aan die weerloze mensen op de luchthaven, die net als ik staande gehouden werden. Ik zag het aan hun gezichten, zo van this is my life, maar wat doe ik eraan. Maar ik wil geen samenleving waar je op je uiterlijk anders behandeld wordt. Voor mijn kinderen niet, voor niemand niet. Daarom zetten we deze zaak door.’ 

De Koninklijke Marechaussee heeft in een reactie aangegeven niet inhoudelijk te willen reageren op vragen, in afwachting van de rechtszaak. 

Bezoekers kunnen zich aanmelden bij de rechtbank Den Haag door dit formulier in te vullen en digitaal te versturen: https://aanmeldenpubliek.rechtspraak.nl/. Het gaat om de rechtbank Den Haag, locatie Den Haag, de zitting is op 15 juni 2021 om 9.30 uur. Het zaaknummer is C/09/589067 HA ZA 20-235 (Bamenga c.s. / Staat der Nederlanden). De zaak is ook via een livestream te volgen.