Hugo de Groot, Nederlands beroemdste gewetensgevangene

De beroemdste gewetensgevangene uit de Nederlandse geschiedenis, Hugo de Groot, stond aan de basis van het debat over mensenrechten. Maar naast alle lof groeit de laatste jaren de aandacht voor de schaduwzijden: Grotius stond ook mede aan de basis van het Nederlandse koloniale systeem. 

Hugo de Groot op 16-jarige leeftijd (1599) geschilderd door Jan Antonisz van Ravesteyn.
© AFRITS LUGT COLLECTIE/FONDATION CUSTODIA

Slot Loevestein, Poederoijen – Een jongen van 9 steekt zijn vinger op. Hij wil best Hugo de Groot spelen. De rondleider op Slot Loevestein doet hem een kraag om en hup, daar ligt het ventje al plat in de boekenkist. Een meisje van 6 wordt uit het publiek gehaald om Elsje, de dienster van de familie De Groot neer te zetten. Voor de echte ontsnapping hadden de twee geoefend: als De Groot in de boekenkist een hoestbui voelde opkomen, zou Elsje daar zo hard mogelijk overheen proberen te kuchen.

De twee kinderen zijn behalve gelegenheidsacteur ook luisteraar. Met open mond luisteren ze naar het verhaal van de rondleider. Vierhonderd jaar later heeft de geschiedenis met de boekenkist niets aan kracht verloren.

De rechtsgeleerde

Hugo de Groot (1583-1645) valt voor veel Nederlanders zo’n beetje samen met het verhaal van de ontsnapping. Vraag hun naar zijn betekenis op andere gebieden, bijvoorbeeld als een jurist die nog altijd heel invloedrijk is, en het zal in veel gevallen stil blijven. ‘Gek’, vindt Annabel Dijkema, hoofd museale zaken bij Slot Loevestein. ‘Buiten Nederland is het precies andersom. Daar kennen ze de rechtsgeleerde. Als buitenlandse bezoekers hier komen, horen ze vaak voor het eerst de geschiedenis met de boekenkist.’

Andere grote vaderlanders worden alleen grootschalig herdacht zoveel eeuwen na hun geboorte- of sterfjaar. Niet Hugo de Groot. Die heeft in 2021 ‘zijn’ jaar, omdat hij vier eeuwen geleden ontsnapte uit Loevestein.

‘Er loopt een lijn van Hugo de Groot naar de huidige Verenigde Naties en de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens’

Henk Nellen, emeritus-hoogleraar ideeëngeschiedenis en schrijver van de dit jaar verschenen biografieGeen vredestichter is zonder tegensprekers. Hugo de Groot, geleerde, staatsman, verguisd verzoener, begrijpt de populariteit van de boekenkist: ‘Het is gewoon een spannend verhaal. Daarvan hebben we er niet zoveel in onze geschiedenis.’ Wat bovendien helpt, is dat Loevestein praktisch onaangetast is en nog steeds betrekkelijk geïsoleerd ligt. ‘Wie er komt, waant zich vierhonderd jaar terug in de tijd en een beetje opgesloten.’

Portret (1631) van Hugo de Groot geschilderd door Michiel van Mierevelt.
© Slot Loevestein
Portret (1631) van Hugo de Groot geschilderd door Michiel van Mierevelt.

Toch probeert Nellen al decennialang zijn bijdrage te leveren aan een bredere kijk op De Groot, in zijn tijd beter bekend als Grotius. ‘Er loopt een lijn van hem naar de huidige Verenigde Naties en de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Hij heeft mee aan de basis gestaan van veel latere opvattingen over internationaal recht en de rechten van het individu.

Maar alleen dat recht vond Grotius onvoldoende. Daar hoorde een zekere beschaving bij: naastenliefde en barmhartigheid. Niet tot op het bot alles afdwingen, zoals dat tegenwoordig in het Amerikaanse recht gebeurt met die enorme vergoedingen, en toegeeflijk zijn als de omstandigheden daarom vragen.’

‘Het wonder van Holland’

Het intellect van Hugo de Groot werd al jong onderkend. Al op zijn 8e sprak en schreef hij een hele reeks talen en dichtte hij in het Latijn. Drie jaar later ging de begaafde Delftenaar studeren aan de Leidse universiteit. Op zijn 15e reisde de jonge jurist met een delegatie onder leiding van raadpensionaris Johan van Oldebarnevelt mee naar de Franse koning. Die noemde de jonge Hollander – onder de indruk van diens intellect – ‘het wonder van Holland’. Tijdens dezelfde reis promoveerde de tiener tot doctor in het wereldlijk en kerkelijk recht.

In de zeventiende en achttiende eeuw zaten er in Slot Loevestein nogmeer politieke gevangenen achter slot en grendel

Kort daarna begon hij als advocaat in Den Haag. In 1604-1605 verdedigde hij in opdracht van de net opgerichte Verenigde Oostindische Compagnie (VOC) het recht op het kapen van Portugese schepen. Zijn pleidooi voor de mare liberum (1606), een vrije zee die door geen enkel land exclusief geclaimd mag worden, los van de territoriale wateren langs de kust, echoot na in het huidige zeerecht.

In 1607 werd Grotius openbaar aanklager van het Hof van Holland en de Hoge Raad. Nellen: ‘We mogen niet vergeten dat hij werd geboren in een land dat vocht voor zijn zelfstandigheid. Het lot van de Republiek bleef tijdens zijn leven onzeker. Die angst had effect op Grotius. Wetten vormden een soort garantie. Als hij pleitte voor de rechten van het individu, dat bij schending van contracten naar een rechter moest kunnen stappen en in het uiterste geval zelfs geweld mocht gebruiken, ging het ook over de Nederlandse Republiek. Die had eveneens te maken met niet nageleefde, door de Spanjaarden toegezegde privileges op het gebied van zelfstandig beslissingen nemen en vrij blijven van vreemde bemoeienis, wat ze het recht gaf om in opstand te komen.’

Eén kerkelijke vlag

In zijn eigen tijd en lang daarna genoot Grotius ook grote faam als theoloog. Nellen: ‘Als echte regent redeneerde hij dat verdeeldheid op basis van geloof niet in het belang van de staat was. Katholieken en protestanten moesten weer onder één kerkelijke vlag samenkomen.’

In het hoogoplopende religieuze conflict dat de noordelijke Nederlanden steeds meer verdeelde, kozen Grotius en Van Oldenbarnevelt de kant van de remonstranten. Volgens die richting hadden gelovigen een vrije wil. Ze konden Gods genade en de hemel verdienen. Legerleider prins Maurits, ook al boos over het door Van Oldenbarnevelt en Grotius gepropageerde Twaalfjarig Bestand met de Spanjaarden, koos de kant van de contra-remonstranten. Zij meenden dat het Opperwezen alles had voorbestemd.

Onthoofd

Eind augustus 1618 pleegde Maurits een coup. Hij liet onder anderen Van Oldenbarnevelt en Grotius arresteren. Ze werden beschuldigd van hoogverraad. Van Oldenbarnevelt kreeg de zwaarst denkbare straf: hij werd in mei 1619 op het Binnenhof onthoofd.

Een college met 24 rechters veroordeelde De Groot tot een levenslange gevangenisstraf. Die moest hij uitzitten op Loevestein, waar hij een maand na de executie van Van Oldenbarnevelt vanuit Den Haag naartoe werd gebracht. Zijn vrouw Maria, zijn kinderen en dienstmeisje Elsje mochten mee en genoten daar beperkte bewegingsvrijheid, die hijzelf niet had.

Zijn betogen bleven omstreden: naar absolutisme neigende vorsten hadden weinig op met individuele rechten

Het slot was sinds kort in gebruik als staatsgevangenis. Met name in de rest van de zeventiende en achttiende eeuw zouden er, omgeven door rivieren en ander water, meer politieke gevangenen achter slot en grendel zitten. Want dat was Grotius – hoewel het woord nog niet bestond: een gewetensgevangene.

Tegeltjeswijsheden van Hugo de Groot in Slot Loevestein ter gelegenheid van het Grotiusjaar 2021.
© Slot Loevestein
Tegeltjeswijsheden van Hugo de Groot in Slot Loevestein ter gelegenheid van het Grotiusjaar 2021.

Na zijn ontsnapping per boekenkist voltooide Grotius in Parijs zijn boek De iure belli ac pacis (Over het recht van oorlog en vrede), dat aan de basis staat van het moderne volkenrecht en het oorlogsrecht. Toch bleef hij vanwege zijn juridische en religieuze betogen nationaal en internationaal omstreden: niet iedereen was bijvoorbeeld voor het concept van de vrije zee. En naar absolutisme neigende vorsten hadden weinig op met individuele rechten. In zijn vaderland kreeg hij nooit meer fatsoenlijk voet aan de grond. Elders in een door oorlog en religie verscheurd Europa waren de pleidooien van Grotius voor vrede, verdraagzaamheid en eenheid van geloof al snel verdacht.

Van Hugo de Groot naar UVRM 

Uitklappen

▶ Hugo de Groot wordt vaak gezien als de grondlegger van het zeerecht en internationaal recht. Zijn belangrijkste werken zijn Mare Liberum (De Vrije Zee, 1606) en De iure belli ac pacis (Over het recht van oorlog en vrede, 1625).

▶ Ook vormen zijn ‘humanistische’ ideeën de basis voor de moderne mensenrechten. Volgens De Groot kon er, ook als God niet zou bestaan (en de daarbij behorende ideeën over goed en kwaad), met behulp van de menselijke rede een (natuur)rechtstelsel opgebouwd worden.

▶ Landen en individuele burgers konden zich volgens De Groot voor een belangrijk deel op dezelfde zaken beroepen. Als ze zich tekortgedaan voelden, moesten ze hun gelijk kunnen zoeken.

▶ Na de Tweede Wereldoorlog dienden de betogen van De Groot ook mede als basis voor de oprichting van de Verenigde Naties (1945) en de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (1948).

Slot Loevestein grijpt het Grotiusjaar 2021 aan om een begin te maken met het meer nadruk leggen op de geleerde Hugo de Groot en zijn betekenis. De man, die zijn gedachten nooit liet ketenen en opsluiten, staat centraal in een spacy aandoende ruimte op het kasteel. Zijn woorden reflecteren als een soort sterren op alle mogelijke plekken in de duistere zaal. Ondertussen reflecteren mensen van nu, zoals theoloog Almatine Leene en ruimtevaarder André Kuipers, op de waarde van Grotius’ gedachtegoed nu. Vanaf beeldschermen belichten zij vragen als ‘Bestaat er zoiets als een rechtvaardige oorlog?’ en ‘Van wie zijn planeten als Mars?’

Schaduwzijden

Naast alle lof voor Grotius en zijn internationale betekenis groeit de laatste jaren de aandacht voor de schaduwzijden van deze historische figuur. De VOC vroeg hem een betoog te schrijven dat het Nederlandse opereren op zeeën en in landen ver van huis kon rechtvaardigen en onderlinge afspraken van Spanje en Portugal ondergroef. Door zijn denkkracht in dienst te stellen van de compagnie stond hij mede aan de basis van het Nederlandse koloniale systeem. Hij moet geweten hebben dat het er daarbij vaak gewelddadig aan toeging. Grotiuskenner Nellen poetst het niet weg, maar voert ter verdediging aan dat je het in de tijd moet zien: ‘De activiteiten van de VOC hielpen de overlevingsstrijd van de Republiek financieren. De VOC bestreed Spanje bovendien op een tweede front, in de Oost. En de grootste schanddaad, het bloedbad onder leiding van gouverneur-generaal Jan Pieterszoon Coen op de Banda-eilanden in 1621, vond pas na Grotius’ tijd in dienst van de compagnie plaats.’

Rechtvaardiging

Op grond van wat overwinnaars op basis van het oorlogsrecht toekwam, maakte Grotius geen bezwaren tegen slavernij. Maar volgens Nellen was dat in Grotius’ ogen geen rechtvaardiging voor een natuurlijk systeem. ‘Het werd door anderen wel zo uitgelegd.’ Grotius verdedigde ook dat de juridische positie van inlandse vorsten volkomen gelijkwaardig diende te zijn aan die van hun Europese handelspartners. Vanzelfsprekend was zo’n positie als contractpartij niet. Veel Spaanse rechtsdenkers bijvoorbeeld weigerden dat soort rechten voor wat zij zagen als goddeloze barbaren te erkennen.

‘We schuwen op Slot Loevestein die andere kijk op Hugo de Groot niet’, zegt Dijkema. ‘We volgen de discussie met interesse. Met name op de universiteiten wordt er op dit moment veel werk van gemaakt. De nieuwste inzichten gaan we straks zeker verwerken, maar daarvoor moet het debat eerst iets verder uitgekristalliseerd zijn.’

Of het ooit gaat lukken om het Nederlandse beeld helemaal te draaien, zodat mensen bij Hugo de Groot eerst denken aan zijn gedachtegoed en werk in plaats van aan de boekenkist? Dijkema neemt de tijd om na te denken over haar antwoord en zegt dan: ‘Misschien hoeft dat niet per se. Laat de bezoekers maar komen voor die boekenkist. Dan vertellen wij hun hier wel dat andere verhaal.’

Tijdens Amnesty’s jaarlijkse Write for Rights-schrijfactie kunnen leerlingen uit het voortgezet onderwijs op Slot Loevestein speciale museumlessen volgen over Hugo de Groot. Onder begeleiding van een gastdocent van Amnesty schrijven ze vervolgens brieven tegen onrecht. Aanmelden: info@slotloevestein.nl. Meer informatie over Write for Rights: www.writeforrights.nl