© Jitske Schols

Mijn opa, de feminist 

Mijn opa, de feminist 

Als kind doolde ik vaak door het grote huis van mijn opa. Ik groeide er op en kreeg vaak opdrachten van de bewoners. Bij de kwaliteit van de uitvoering speelde, naast mijn humeur, de beloning natuurlijk een rol: koekjes, een bezoek aan de citadel van Aleppo, een marktbezoek, zwemlessen en een breed scala aan andere vergoedingen. 

Op een dag gebood mijn jonge oom me streng om thee voor hem en zijn vrienden te zetten. Trots en krachtig zei ik luidkeels ‘nee’. Ik draaide me om en rende weg. Mijn oom rende me achterna en eiste herstel van zijn publiek aangetaste eer, terwijl zijn vrienden lachten om mijn antwoord en sarcastische opmerkingen mompelden. Terwijl ik door het huis rende, zochten mijn ogen verwoed naar mijn grootvader. Ik vond hem in de achtertuin en verborg me achter hem. Mijn grootvader hield zijn zoon tegen en zei: ‘Ze is niet je dienstmeisje. Ga je eigen drankje maar maken.’ 

Deze herinneringen komen terug nu ik getuige ben van de groeiende Syrische feministische beweging binnen de diaspora, onder meer als gevolg van het toenemende aantal echtscheidingszaken onder gezinnen die in Europa aankwamen en de voortdurende vergelijking met de gastsamenlevingen en de status van vrouwen daarin. 

‘Wees sterk, zelfs als ik er niet ben.’  Dit staat in mijn geheugen gegrift

Die dag, toen ik achter mijn grootvader stond, verdedigde hij me. Ik dacht altijd dat het kwam doordat ik zijn verwende kleinkind was. Jaren na dit incident hoorde ik dat hij zijn dochter, mijn moeder, steunde toen ze van haar eerste echtgenoot scheidde. Hij hield haar hand vast en spoorde haar aan om haar leven en carrière te hervatten. Was mijn grootvader een verborgen feminist? Wat motiveerde hem om die progressieve standpunten in te nemen? 

Toen mijn oom uiteindelijk zelf naar de keuken liep om thee te zetten, wendde mijn grootvader zich tot mij. Zijn stem klonk vredig en zelfverzekerd: ‘Wees sterk, zelfs als ik er niet ben.’ Deze zin stond in mijn geheugen gegrift. Het werd mijn talisman op de lange reis van mijn leven. Ik reciteer het als het moeilijk wordt, het houdt me sterk in tijden van crisis. Toen mijn eerste huwelijk mislukte, toen de Syrische revolutie uitbrak, en ook toen vertrek onvermijdelijk werd: hij hield mijn hand vast.  

De woorden van mijn grootvader weerklinken ook in mijn hoofd bij elk feministisch gesprek dat ik voer. Ondanks het feit dat de feministische stroming in opkomst is, bestaat het stereotype beeld van de Syrische samenleving nog steeds. Alle mannen uit het Midden-Oosten zijn gewelddadig en agressief. Ze begrijpen de rol van de vrouw niet en behandelen haar als een seksspeeltje. Aan de andere kant zijn alle vrouwen daar bedekt, onderdrukt, passief en ongeschoold. Klopt dit beeld? Of zijn alle mannen zoals mijn grootvader? Natuurlijk niet. Elke samenleving bevat tientallen verschillende culturele en intellectuele modellen. In dit alles blijven de wijze woorden van mijn grootvader een constante herinnering aan het feit dat elke ervaring uniek is, en dat elke samenleving haar eigen unieke normen en manieren van groei en verandering heeft.