© Jitske Schols

‘Dood op afstand komt vluchtelingen bekend voor’

‘Dood op afstand komt vluchtelingen bekend voor’

Hij nam een trekje van zijn pijp en blies witte rookcirkels uit die de kamer, gonzend van de politieke, religieuze en culturele gesprekken, een gevoel van speelsheid gaven. De 5-jarige ik sprong, net als altijd, boven op iedereen om de cirkels hoger en hoger te blazen. Hij ging ondertussen verder met zijn intellectuele gesprekken.  

Terwijl de cirkels verdampten, vroeg ik hem om meer, en hij blies er meer uit. Zo ging dat als hij op bezoek was bij mijn oma en urenlang praatte met mijn ooms. Ik betuigde onze familievriend onlangs mijn laatste respect in een virtuele ruimte waar veel van zijn studenten en vrienden eerbetuigingen hadden achtergelaten. Rust in vrede, dr. Omar Altunji. 

De dood neemt tegenwoordig een centrale plek in Syrië in. Lichamen van coronaslachtoffers worden vaak vervoerd in militaire voertuigen en begraven zonder aanwezigen. Gezinnen rouwen samen in een virtuele ruimte. Ze sturen bedrukkende stemberichten en schilderen hun verdriet op de virtuele muren van het internet. 

Dood op afstand komt vluchtelingen en migranten bekend voor. Maar dr. Altunji’s dood kwam in een tijd waarin de Syriër in zijn eentje rouwt, net als de Italiaan, Fransman en Duitser in quarantaine. Ik kon geen afscheid nemen van veel van mijn overleden dierbaren, net als de meeste vluchtelingen en mensen in quarantaine dat niet kunnen. 

Het uitgaansverbod en de coronapaniek zullen spoedig eindigen, maar voor de harde realiteit van op de vlucht zijn en ontheemding zal dat niet gelden. Dus ons virtuele verdriet zal blijven groeien en onze stille tranen zullen blijven vallen. 

Sinds ik vluchteling werd, zitten mijn tranen in mijn kussen 

 

Op een treurige dag vorige winter werd ik wakker door het geluid van mijn moeders gehuil, halverwege de andere kant van de wereld. ‘Je grootmoeder heeft ons verlaten, Linda.’ Ik heb gewacht tot mijn grootmoeder Siham, ook mijn peetmoeder, mij komt bezoeken in mijn dromen, maar ze is nog altijd niet geweest. Geen dood zonder afscheid. 

Mensen in het Oosten geloven dat het op de juiste manier begraven van hun doden het begin is van hun troost. Doodsrituelen zijn heilig voor mensen, omdat het de troost is voor het verlies dat ze hebben geleden. De levenden vieren de doden door hun verdriet met tranen te wassen. Ze delen de vreugde en het verdriet met hun dierbaren, hun vaders, hun vrienden, hun broers en zussen, hun tantes en ooms. Met wie kan ik nu mijn vreugde en verdriet delen? 

Bij zijn aankomst in Duitsland in 2015 vertelde dr. Altunji me dat hij aan de stille nachten van Aleppo was ontsnapt. Hij werd bang voor de smalle steegjes zonder mensen. Hij werd achtervolgd door de opdoemende dood, dus ontsnapte hij daar aan hem, om hem hier alsnog te ontmoeten. Hij stierf in stilte, zonder een goed afscheid dat zijn geliefden kon troosten. Net als mijn oma stierf hij zonder lawaai of huilen.  

Mijn tranen van vreugde of verdriet bevochtigden vaak de overhemden van degenen om mij heen. Die tranen vergezellen hen nu naar de hemel of naar een nieuw leven. Maar sinds ik vluchteling werd, zitten mijn tranen in mijn kussen. Ze gaan nergens heen, maar verdampen alleen maar, net als de rookcirkels van de pijp van dr. Altunji. 

Wordt Vervolgd, juni 2020

Elke maand verhalen lezen over mensenrechten?

Word Amnesty-lid voor 2,50 per maand en ontvang Wordt Vervolgd

Neem een abonnement of bestel een gratis proefnummer