Een gezin loopt door de velden in de buurt van een provisorisch opvangkamp bij Idomeni, Griekenland.
© Reuters / Marko Djurica

Jaarverslag 2016

Bescherming van vluchtelingen

Het probleem

Wereldwijd zijn zo’n 65 miljoen mensen op de vlucht, van wie ruim 21 miljoen hun land hebben verlaten. Van hen wordt 86 procent opgevangen in de regio waar ze vandaan komen; een klein deel besluit door te reizen naar Europa. Doordat Europa zijn buitengrenzen flink heeft versterkt, zijn vluchtelingen gedwongen levensgevaarlijke, illegale routes te nemen. Tijdens hun vlucht vallen mensen vaak in handen van mensensmokkelaars en criminelen die ze slecht behandelen en uitbuiten. Ook grenswachten, agenten en andere overheidsvertegenwoordigers maken zich schuldig aan mishandeling van vluchtelingen. De VN-Vluchtelingenorganisatie UNHCR, die hulp aan vluchtelingen coördineert, komt geld tekort, waardoor zelfs op voedsel wordt bezuinigd. Ook bieden landen veel te weinig plekken voor hervestiging aan.

 

Macedonische soldaten patrouilleren langs de Grieks-Macedonische grens. Eerder was een wanhopige groep migranten uit een overvol Grieks kamp, wadend door een rivier, de grens overgestoken. Later werden ze weer teruggestuurd.
© Tomislav Georgiev / AFP / Getty Images
Macedonische soldaten patrouilleren langs de Grieks-Macedonische grens. Eerder was een wanhopige groep migranten uit een overvol Grieks kamp, wadend door een rivier, de grens overgestoken. Later werden ze weer teruggestuurd.

Ontwikkelingen in 2016

In 2016 stierven er 5.083 mensen op de Middellandse Zee tijdens de overtocht.
In maart sloten de Europese Unie en Turkije een deal die ervoor moet zorgen dat er minder vluchtelingen naar Europa komen. Door de deal maakten minder mensen de oversteek naar Europa, maar kwamen veel mensen vast te zitten in Griekenland.
In 2016 vroegen 18.171 mensen voor het eerst asiel aan in Nederland (in 2015: 43.093).
In 2015 spraken de EU-landen af om in twee jaar tijd 106.000 asielzoekers die in Griekenland en Italië verblijven, te verdelen over andere EU-landen. Nederland nam in 2016 slechts 1.362 van de toegezegde 6.160 vluchtelingen op.

Voor het kantoor van de Europese Commissie in Brussel staan reddingsvesten opgesteld. Hiermee vroeg Amnesty in maart 2016 de EU om ervoor te zorgen dat de mensenrechten van vluchtelingen in de Turkijedeal beschermd worden.
© Thierry Roge
Voor het kantoor van de Europese Commissie in Brussel staan reddingsvesten opgesteld. Hiermee vroeg Amnesty in maart 2016 de EU om ervoor te zorgen dat de mensenrechten van vluchtelingen in de Turkijedeal beschermd worden.

Wat hebben we bereikt in 2016?

Amnesty voerde in 2016 een campagne voor de mensenrechten van vluchtelingen. Bij de start van het Nederlandse EU-voorzitterschap, in januari 2016, presenteerden we de regering zes punten waarop resultaten zouden moeten worden behaald op mensenrechtengebied, waaronder het bieden van veilige, legale routes aan vluchtelingen. Op 25 januari, toen de Europese ministers van Justitie bijeenkwamen in het Amsterdamse Scheepvaartmuseum om de samenwerking op het gebied van veiligheid en migratie te bespreken, voerden we met een vluchtelingenboot afkomstig uit Lampedusa actie bij het museum. Daarnaast adverteerden we in een aantal Nederlandse en buitenlandse dagbladen met de oproep: ‘Leaders of Europe: It’s not the polls you should worry about. It’s the history books.’ Daarmee zette we de toon voor het telkens weer ter verantwoording roepen van Europese leiders. Resultaat: We hebben actief bijgedragen aan een politieke en maatschappelijke discussie over de aanpak van de vluchtelingencrisis door de EU.

In maart 2016 sloten de EU en Turkije een deal die ervoor moet zorgen dat er minder vluchtelingen naar Europa komen. Turkije neemt Syrische vluchtelingen terug die in Griekenland aankomen, en in ruil nemen de EU-landen evenveel Syrische vluchtelingen uit Turkije op. Amnesty is tegenstander van de overeenkomst, omdat deze niet voldoet aan internationale mensenrechtennormen. Turkije is geen veilig land voor vluchtelingen en de EU wendt hiermee haar verantwoordelijkheid voor het bieden van bescherming af op landen in de regio, die toch al overbelast zijn. Voorafgaand aan de Europese Raad van 17 en 18 maart 2016 riep Amnesty Nederland de lidstaten op niet akkoord te gaan met de Turkijedeal. In een Amnesty-rapport dat eind maart verscheen, stond dat Turkije sinds januari 2016 vrijwel dagelijks zo’n honderd mensen de grens met Syrië overzet. Deze illegale, gedwongen uitzettingen toonden de ernstige gebreken aan van de deal die de EU met Turkije sloot.

Resultaat: In Nederland was Amnesty toonaangevend in het debat over deze kwestie. Onze inbreng in het debat over de Turkijedeal leidde tot veel maatschappelijke en politieke kritiek op de overeenkomst, maar op het beleid had dit helaas geen effect. Het bleek uiterst moeilijk om de Nederlandse regering en de Europese leiders te beïnvloeden over de aanpak van de vluchtelingenproblematiek. Het kabinet reageerde op het Amnesty-rapport met de mededeling dat de Europese Commissie ‘alles in het werk stelt om helderheid te verschaffen’. In afwachting van die helderheid, werd de uitzetting van asielzoekers naar Turkije echter niet opgeschort.

Tijdens de campagne was ook hervestiging van vluchtelingen een belangrijk speerpunt. Ons streven was dat de EU in twee jaar tijd ten minste 300.000 vluchtelingen van buiten de EU zou hervestigen. Met een petitie riepen we premier Rutte op werk te maken van hervestiging van de meest kwetsbare vluchtelingen. In één weekeind ondertekenden ruim 35.000 mensen die oproep.

We onderbouwden onze standpunten over een andere aanpak van de bescherming van vluchtelingen aan de hand van een groot aantal rapporten en berichten die in 2016 verschenen. We brachten deze succesvol onder de aandacht van de media en politici. Onderwerpen waren onder meer de situatie van vluchtelingen bij de Grieks-Macedonische grens, het Turkse asielsysteem, mishandeling van migranten door de Libische kustwacht, illegale uitzettingen en onwettige detentie van vluchtelingen in Hongarije, marteling en onrechtmatige uitzettingen van vluchtelingen en migranten in Italië, en het uitblijven van herverdeling van vluchtelingen over EU-landen. Resultaat: Dit heeft he-laas niet bijgedragen aan enige verandering. Er is bij de EU geen enkele beweging in de goede richting te bespeuren. Gemaakte afspraken over het verdelen van asielzoekers in Europa worden niet nagekomen, laat staan dat er meer ruimte voor hervestiging komt.

In het najaar van 2016 richtten we ons op de partijprogramma’s van VVD, CDA en PvdA voor de Kamerverkiezingen van 2017. Ongeveer veertig Amnesty-groepen deden mee aan een lokaal lobbyproject, waarbij zij er bij deze partijen op aandrongen bescherming van de mensenrechten van vluchtelingen in hun programma’s vast te leggen. Resultaat: De actie droeg bij aan twee aanpassingen in het programma van het CDA, met betrekking tot het VN-Vluchtelingenverdrag en de invoering van een ontheemdenstatus.

Reflectie

Het lukte Amnesty Nederland directe invloed uit te oefenen op het Nederlandse debat over de Turkijedeal. Maar het bleek uiterst moeilijk om de Nederlandse regering en de Europese leiders te beïnvloeden over de aanpak van de vluchtelingenproblematiek. Aan de EU-Turkijedeal lagen grote politieke belangen ten grondslag, zowel voor de regeringscoalitie als voor de EU. Politici wilden vooral laten zien dat zij in staat waren de vluchtelingenstroom in te dammen. Dat daarbij mensenrechten in het geding kwamen was vervelend, maar van ondergeschikt belang.

Na de Brexit en de staatsgreep in Turkije ebde de politieke aandacht voor de vluchtelingenproblematiek in de tweede helft van 2016 weg. Dit maakte het moeilijker aandacht te vragen voor onze standpunten. We constateerden ook een verharding van het politieke debat over vluchtelingen, aangewakkerd door aanslagen in enkele Europese steden. Dat hoeft zich niet direct te vertalen in verminderd draagvlak voor de opvang van vluchtelingen, maar maakt dat draagvlak wel minder zichtbaar. Door de media en de politiek feiten en cijfers aan te reiken, bleven we dan ook het debat in perspectief plaatsen. We zijn er in geslaagd voor een groot publiek zichtbaar te maken dat de mensenrechten een belangrijke rol spelen in de vluchtelingenkwestie.

We constateerden dat campagnevoeren op dit onderwerp bij het grote publiek in Nederland, en helemaal richting de politiek, een flinke opgave is. We hebben naar aanleiding hiervan onze strategie aangepast. In de tweede helft van 2016 lag onze focus daarom meer op lobby en voorlichting dan op publieksacties. Daarnaast zijn we gestart met de ontwikkeling van een mensenrechtencampagne in Nederland, die vanaf 2017 van start gaat. De vluchtelingenproblematiek is hierin een belangrijk onderwerp.

Hassan, een Koerd uit Syrië, in de Griekse havenstad Piraeus. Hij vertelde Amnesty International dat hij in zijn land werd gemarteld. ‘Ik rende weg van de dood. Ik ging naar Europa omdat ik geen keus had.’
Hassan, een Koerd uit Syrië, in de Griekse havenstad Piraeus. Hij vertelde Amnesty International dat hij in zijn land werd gemarteld. ‘Ik rende weg van de dood. Ik ging naar Europa omdat ik geen keus had.’

Hoe gaan we verder in 2017?

In 2017 blijven we ons onverminderd inzetten voor de bescherming van de mensenrechten van vluchtelingen en gaan we door met ons lobbywerk bij de Nederlandse politiek. We richten ons met name op hervestiging, het uitbreiden van alternatieve veilige routes, en het waarborgen van mensenrechten bij afspraken met derde landen. Daarnaast zetten we ons onderzoek voort naar schendingen van mensenrechten van vluchtelingen en migranten in conflictgebieden, in ‘de regio’ en aan de buitengrenzen.

In het veranderende politieke en maatschappelijke debat in Nederland lijken mensenrechten minder vanzelfsprekend en onaantastbaar te worden. Amnesty richt zich daarom in 2017 op het verbreden van het draagvlak voor mensenrechten in Nederland. We gaan uitgebreid het gesprek aan met de Nederlandse bevolking. Door te luisteren en onze standpunten en ideeën toe te lichten, willen we een sterke beweging opbouwen tegen het idee dat mensenrechten soms even kunnen worden opgeschort. Mensenrechten moeten juist weer een verbindende factor worden.