Artikel 13:
2. Een ieder heeft het recht welk land ook, met inbegrip van het zijne, te verlaten en naar zijn land terug te keren.
De Chinese mensenrechtenactivist Hu Jia sprak en schreef onverbloemd over de manier waarop China de mensenrechten schendt. In april 2008 werd hij veroordeeld tot drieënhalf jaar gevangenisstraf. Daarvóór stond hij jarenlang onder huisarrest, samen met zijn vrouw Zeng Jinyan.
Deze foto is gemaakt door Hu Jia zelf, vanuit het raam van zijn huis. Te zien zijn de politiemannen die roken en een potje kaart spelen in zijn voortuin. Dag en nacht bewaakten de mannen het huis. Nu Hu Jia gevangen zit, ondergaat Zeng het huisarrest alleen met haar dochtertje, dat geboren werd vlak voordat Hu Jia werd opgepakt.
Toelichting op artikel 13:
Dit artikel werd fel bekritiseerd door de Sovjet-Unie: daar mochten burgers niet zomaar het land uit, en ook binnen het land mochten ze alleen met toestemming en met een binnenlandse pas reizen. Dat het artikel toch in de Universele Verklaring kwam te staan, was waarschijnlijk doorslaggevend in het besluit van de Sovjet-Unie en van Zuid-Afrika om zich bij de laatste stemming te onthouden. (Geen land stemde tegen de aanvaarding van de Universele Verklaring, maar zes Oostbloklanden, Saudi-Arabië en Zuid-Afrika onthielden zich.)
































