Geen land is helemaal vrij van marteling |
MARTELING
Volgens het VN-verdrag is marteling 'iedere handeling waardoor opzettelijk hevige pijn of hevig leed, lichamelijk of geestelijk, wordt toegebracht met zulke oogmerken als het verkrijgen van inlichtingen, bestraffing, intimidatie of dwang, wanneer zulke pijn wordt toegebracht door of met instemming van een overheidsfunctionaris.' Volgens rapporten van Amnesty International komen marteling en ernstige vormen van mishandeling voor in meer dan de helft van alle landen van de wereld. De meest gebruikte vormen van marteling zijn slaan, schoppen, verkrachting en bedreiging.
Achtergronden
Websites over dit onderwerp
Amnesty's inzet
Marteling is aanwijsbaar. We weten steeds meer over slachtoffers, daders, hulpverleners. Door Amnesty maar ook door bijvoorbeeld de nationale waarheidscommissies, rechtbanken en mensenrechtenorganisaties, komen steeds meer namen en feiten aan het licht. Marteling is overal. Amnesty constateert gevallen van marteling en mishandeling in 150 landen, maar in feite is geen land er helemaal vrij van. Ook in West-Europa komt het voor dat arrestanten worden geslagen, getrapt, geïntimideerd. Dat is 'zinloos geweld' van de kant van overheden. Amnesty wil dat iedereen zich daarvan bewust wordt: autoriteiten, politie, gevangenisbewaarders, VN-blauwhelmen, maar ook leraren, artsen, advocaten.Amnesty probeert marteling te voorkomen. Daarom dringt de organisatie aan op bescherming van mogelijke slachtoffers, goede nationale en internationale wetgeving, berechting van daders, training van agenten en gevangenisbewaarders en zo meer. Die doelstelling staan in een internationaal 10-puntenplan.
Amnesty voert voortdurend actie voor degenen die zijn gemarteld of gemarteld dreigen te worden. Vaak zijn dat ‘bliksemacties’ die gevoerd worden met e-mail, sms, telex en andere snelle middelen.
Actie tegen marteling heeft zin, dat hebben grootschalige Amnesty-campagnes in 1972-73, 1983-84 en 2000-2001 bewezen. De eerste campagne riep de bliksemacties in het leven. Ze gaf ook de aanzet tot veel normstelling, vooral in de Verenigde Naties. Het Verdrag tegen Marteling was in 1984 de bekroning. De tweede campagne benadrukte hoe belangrijk de toegang tot gevangenen is. Martelingen worden bijna altijd geheim gehouden, toezicht is de beste remedie. Het toezicht op gevangenissen is sindsdien steeds stelselmatiger geworden, door comités van de VN en Europa. De derde campagne richtte zich vooral op ‘alledaagse’ vormen van marteling en mishandeling. Die campagne leidde tot beter toezicht en aanpassing van de regels in veel landen, vooral op politiebureaus en in de opvang van slachtoffers.
Achtergronden
Internationaal recht Het belangrijkste verdrag tegen martelingen is het VN-Verdrag tegen Marteling uit 1984. Daarin staat onder meer:
- een staat die een folteraar op zijn grondgebied aantreft moet die hetzij uitleveren, hetzij zelf berechten.
- slachtoffers moeten schadevergoeding krijgen.
- de staat moet verantwoording afleggen aan een VN-Comité tegen Marteling.
Er is ook een ‘Europees verdrag ter voorkoming van foltering’. Een comité dat bij dat verdrag hoort mag zonder voorafgaande waarschuwing gevangenissen bezoeken om te controleren of daar wordt gemarteld.
In 2002 aanvaardden de VN een ‘Facultatief protocol’ bij het Verdrag tegen Marteling. Een staat die dat protocol bekrachtigt staat toe dat een internationaal team gevangenissen en politiecellen mag komen controleren, net zo als nu al mogelijk volgens het Europees verdrag tegen marteling.
Redenen van marteling De redenen waarom mensen gemarteld worden zijn door de eeuwen heen niet veranderd:
- Om informatie of een bekentenis te krijgen. Soms wordt de informatie gezocht om andere misdrijven te voorkomen (de terrorist die weet waar de bom ligt). Soms is de bekentenis nodig om het misdrijf te kunnen vaststellen (de ketter die ketterij moeten bekennen, de gevangene die zijn contra-revolutionaire ideeën moet bekennen).
- Als straf. In verscheidene landen bestaan nu nog altijd wettelijke straffen zoals zweepslagen, het amputeren van hand of voet, opsluiting in onmenselijke omstandigheden, of een extra wrede doodstraf zoals steniging.
- Als middel van controle, tegen criminaliteit of politiek verzet. In veel landen martelen politieagenten degenen die ze hebben opgepakt om hen angst aan te jagen. Vandaag de dag zijn de meeste slachtoffers van marteling veroordeelde criminelen of mensen die van misdaden zijn beschuldigd.
- Als middel van terreur. In recente oorlogen (Rwanda, Joegoslavië, Tsjetsjenië, Congo enz.) bleek telkens dat op grote schaal werd gemarteld om de hele bevolking angst aan te jagen.
Psyche van de beul Het is gebleken dat mensen van allerlei achtergrond, opleiding of positie tot marteling in staat zijn. Soms gaat het duidelijk om sadisten of psychopaten. In bepaalde landen worden sadistische en gestoorde gevangenen `gebruikt' om andere gevangenen te mishandelen. Maar veel vaker lijken degenen die martelen min of meer gewone mensen te zijn. Een politieagent die erop los begint te slaan omdat hij zijn agressie tegen een zwerver of dronkaard niet langer kan bedwingen. Een groep soldaten die een gevangen vijand martelt omdat ze opgekropte angst en frustraties botvieren. Een gevangenisbewaarder die martelt omdat zijn superieuren daartoe opdracht geven. Zie meer hierover in het overzicht van wat we weten (en niet weten) van marteling.
Vormen van marteling De Griekse schrijver Aristophanes (5e eeuw v.Chr.) gaf een korte opsomming: `...bind hem aan een ladder, hang hem op bij de armen, gesel hem, stapel stenen op hem, giet azijn in zijn neus, sla hem met doorntakken...'. Er is weinig veranderd. In januari 2000 stond in een brief die uit een gevangenis in Syrië werd gesmokkeld: `Het lichaam uitrekken op een ladder. Ophanging aan de polsen. Elektrische schokken. Het uittrekken van vingernagels. Zuur op de voeten gieten. Een gebroken fles in de anus duwen. Langdurig met een zweep slaan. We zijn allemaal van dit soort martelmethoden getuige geweest.'
De meest verbreide vormen van marteling vereisen geen of nauwelijks hulpmiddelen: slaan, schoppen, langdurig in een moeilijke houding laten staan of zitten, pijnlijke boeien, onthouding van voedsel of slaap, eenzame opsluiting, ophanging aan armen of benen, op de voetzolen slaan, verstikking, uittrekken van nagels of haren, enzovoorts. Er zijn ook meer `geavanceerde' middelen die voor marteling worden gebruikt. Elektrische schokken worden toegediend met bijvoorbeeld een stroomstok of stunbelt (schokgordel). In sommige landen worden psychofarmaca gebruikt: middelen die angst, pijn, of verlamming veroorzaken. Seksuele marteling is wijdverbreid, vooral verkrachting. Die vorm van marteling treft zeker niet alleen vrouwen - de meeste slachtoffers van seksuele marteling die in opvangcentra in het Westen zijn opgenomen zijn mannen.
Obstakels bij onderzoek Slachtoffers van marteling die recht zoeken moeten tal van obstakels overwinnen:
- Bewijsmateriaal wordt verduisterd. Vaak worden slachtoffers geblinddoekt en zijn beulen gemaskerd. Na afloop worden sporen uitgewist, kamers leeggeruimd, medische rapporten vervalst.
- Officieel onderzoek is vaak gebrekkig. Vaak komt er helemaal geen onderzoek. Of is de openbare aanklager die het onderzoek doet ook de superieur van degenen die gemarteld hebben.
- Geregeld moest een hof verdachten van marteling vrijspreken omdat agenten zich verscholen achter hun 'kameraadschap'.
- Marteling is soms bij wet toegestaan. Zo was in Israël 'gematigde fysieke druk' toegestaan om een bekentenis los te krijgen. Dat leidde tot marteling. Pas in 1999 verbood het Hooggerechtshof die praktijken.
- In diverse landen verleenden overheden op grote schaal amnestie aan schenders van mensenrechten.
Erkenning en compensatie Elke vorm van rechtsherstel begint met erkenning: van de feiten, de ernst van de martelingen, de namen van slachtoffers en verantwoordelijken. Om tot die erkenning te komen kan een overheid bijvoorbeeld een waarheidscommissie in het leven roepen. Dat is gebeurd in tientallen landen, waaronder Argentinië, Chili, Zuid-Afrika, Guatemala en Peru. In het onderzoek werd een belangrijke rol gespeeld door mensenrechtenverdedigers. Zij hebben, vaak onder gevaarlijke omstandigheden, door de jaren heen de feiten geboekstaafd. Slachtoffers hebben recht op compensatie, bijvoorbeeld een geldbedrag als vergoeding voor schade toegebracht door een overheidsfunctionaris. Of een vergoeding voor medische zorg, of bijstand voor gezinsleden die als gevolg van marteling van een ouder in financiële nood zijn gekomen.
De toekenning van schadevergoedingen is nog een zeldzaamheid. Als het gebeurt is dat vooral in West-Europa en de VS.
Handel in martelwerktuigen Over de hele wereld wordt bij marteling steeds geavanceerder materiaal gebruikt. Volgens rapporten van Amnesty is de handel in elektroshockwapens met een hoog voltage groeiende. Daarnaast blijven daders van marteling ook gebruik maken van 'conventionele middelen' zoals been- en duimklemmen. Verschillende chemische middelen worden in de praktijk misbruikt voor mensenrechtenschendingen. Sommige chemische wapens zoals pepper spray hebben onduidelijke medische effecten en zijn in verband gebracht met vele sterfgevallen van arrestanten in de Verenigde Staten. Desondanks leverde een Amerikaanse bedrijf de politie een nieuwe pepper spray-variant die met geweren kan worden afgeschoten. Amnesty roept regeringen op tot het uitbannen van het gebruik en de productie van politie- en beveiligingsapparatuur waarvan het gebruik per definitie wreed, onmenselijk en vernederend is. Amnesty wil ook onafhankelijk onderzoek naar en toezicht op het gebruik en de export van materiaal waarvan het risico bestaat dat het in de praktijk wordt misbruikt voor grove mensenrechtenschendingen, zoals been- en duimklemmen en verschillende chemische middelen waaronder pepper spray.


