Raul Hernández vrijgelaten
Op 1 januari 2008 werd Hernández gearresteerd en aangeklaagd voor de moord op Alejandro Feliciano García. Ondanks dat ooggetuigen aangaven dat Raul Hernández niet aanwezig was toen het misdrijf plaatsvond, werd hij schuldig bevonden. Sinds november 2009 heeft Amnesty hem als gewetensgevangene erkend en actie gevoerd voor zijn vrijlating.
Na de intrekking van de aanklacht door de rechter van de staat Guerrero op 27 augustus werd Hernández onmiddellijk vrijgelaten. Amnesty roept de Mexicaanse autoriteiten op om de ongegronde vervolging van Raul Hernández grondig te onderzoeken. Bovendien moet hij volledige compensatie ontvangen voor de tijd dat hij onterecht vast heeft gezeten.
Amnesty International gelooft dat de aanklacht tegen Hernández door lokale autoriteiten waren bedacht om hem te dwarsbomen in zijn werk als mensenrechtenactivist voor de Inheemse Volkeren Organisatie Me’ phaa (OPIM). Ook zou het een afstraffing zijn voor het aan de kaak stellen van mensenrechtenschendingen door caciques (lokale politieke bazen), militair personeel en autoriteiten.
Update 3 september
Op 3 september ontving Amnesty het bericht dat Raúl Hernández opnieuw wordt bedreigd. Op 28 augustus werd ook Inés Fernández, een andere inheemse activist, bedreigd. Zij is lid van dezelfde organisatie voor inheemse volkeren als Raúl Hernández. In 2002 werd ze verkracht door soldaten en op dit moment vecht ze voor gerechtigheid via een international gerechtshof. Op 28 augustus werd via haar dochter haar familie bedreigd en werd er ook gerefereerd aan Raúl Hernández.
Op 30 augustus werd ook Álvaro Ramírez Concepción, de coördinator van de inheemse organisatie voor mensen van de inheemse bevolkingsgroep Mixteco, doodgeschoten. De organisatie waar Concepción voor werkte is nauw verbonden met de OPIM, de organisatie waar Hernández aan verbonden is. Leden van beide organisaties worden regelmatig bedreigd.
