3 miljoen supporters wereldwijd Word lid

Artikel Peter Benensons

Deel:
De Vergeten Gevangenen 

 

De vergeten gevangenenMet dit artikel begon de organisatie Amnesty International. Het verscheen in The Observer, 28 mei 1961, en was van de hand van de Britse advocaat Peter Benenson.

Door Peter Benenson

Iedere dag van de week dat u uw krant openslaat treft u wel een artikel aan over iemand op de wereld die gevangen wordt gehouden, gemarteld of geëxecuteerd wordt. En dit alleen maar omdat diens mening of religie de regering niet aanstaat. Enkele miljoenen zitten onterecht in de gevangenis. Hun aantal groeit met de dag. Als buitenstaander kun je je machteloos voelen. Als al deze gevoelens van machteloosheid zich zouden verenigen in een gezamelijke actie, zou er iets gedaan kunnen worden dat effect heeft.

In 1945 bekrachtigden de leden van de Verenigde Naties de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Artikel 18 zegt: Een ieder heeft recht op vrijheid van gedachte, geweten en godsdienst. En Artikel 19: Een ieder heeft recht op vrijheid van mening en meningsuiting.
Tegenwoordig is niet met zekerheid te zeggen in hoeveel landen de inwoners deze twee fundamentele vrijheden daadwerkelijk genieten. Wat telt zijn niet de rechten die bestaan op papier in de grondwet, maar de mate waarin ze kunnen worden uitgeoefend en afgedwongen in de praktijk. Er is bijvoorbeeld geen regering beter in het benadrukken van de grondwettelijke garanties dan de Spaanse [onder Franco], maar ze laat na ze toe te passen. Er is wereldwijd een groeiende tendens om de echte gronden waarop `non-conformisten' worden vastgehouden te maskeren. In Spanje worden studenten die pamfletten verspreiden waarin wordt gepleit voor het recht om te vergaderen, beschuldigd van `militaire rebellie'. In Hongarije worden katholieke priesters die proberen hun koorscholen open te houden beschuldigd van homoseksualiteit. Uit deze schijnbeschuldigingen blijkt dat regeringen zeker niet ongevoelig zijn voor de druk van de publieke opinie. En als de wereldopinie zich concentreert op een zwakke plek, dan kan dat er toe leiden dat een regering toegeeft. De Hongaarse dichter Tibor Dery bijvoorbeeld is vrijgelaten nadat er in verschillende landen `Tibor Dery-comités' waren opgericht; en professor Tierno Galvan en zijn literaire vrienden werden afgelopen maart in Spanje vrijgesproken, nadat er enkele gewaardeerde buitenlandse waarnemers waren aangekomen.

Het is belangrijk op korte termijn en zo wijd mogelijk de publieke opinie te mobiliseren, voordat een regering door haar eigen repressie gevangen zit in een vicieuze spiraal en geconfronteerd wordt met een dreigende burgeroorlog. Op dat moment is de situatie voor de regering te hopeloos geworden om consessies te kunnen doen. Wil de kracht van de opinie effectief zijn dan moet deze een brede basis hebben, internationaal en niet sectarisch zijn, en vertegenwoordigers uit alle partijen omvatten. Campagnes ten gunste van vrijheid die worden gevoerd door één land of partij tegen een andere, bereiken veelal niets anders dan een intensivering van veroordelingen.

Daarom zijn we gestart met APPEAL FOR AMNESTY 1961. De campagne die vandaag begint is het resultaat van een initiatief van een groep advocaten, schrijvers en uitgeverijen in Londen, die de onderstaande uitspraak van Voltaire onderschrijven: `Ik verafschuw uw ideeën, maar ik ben bereid te sterven voor uw recht ze te uiten.' We hebben een kantoor in Londen geopend, waar we informatie verzamelen over de namen, aantallen en omstandigheden van degenen die we hebben besloten gewetensgevangenen te noemen. We definiëren hen als volgt: iedere persoon die fysiek beperkt wordt (door gevangenschap of anderszins) vanwege het uiten (in elke vorm van woorden of symbolen) van elke overtuiging die eerlijk de zijne is en die geen persoonlijk geweld bepleit of goedpraat. Bovendien zetten we ons ook niet in voor diegenen die samenspannen met een buitenlandse regering teneinde hun eigen regering omver te werpen. Ons kantoor zal van tijd tot tijd persconferenties geven om de aandacht te vestigen op gewetensgevangenen die onpartijdig zijn geselecteerd uit verschillende delen van de wereld. En het zal feitelijke informatie verschaffen aan iedere bestaande of nieuw op te richten organisatie, in elk deel van de wereld, die zich in wil zetten voor vrijheid van meningsuiting of religie.

In oktober zal er, als onderdeel van onze Amnesty-campagne, een Penguin-boekje uitgegeven worden met de titel Vervolging 1961. Er staan negen verhalen van mannen en vrouwen van over de hele wereld in beschreven, van verschillende politieke en religieuze overtuiging, die te lijden hebben gehad onder gevangenschap omdat ze hun overtuiging hebben geuit. Geen van hen is een profesionele politicus; allemaal zijn het mensen met een beroep. De ideeën die hen in de gevangenis hebben gebracht zijn gemeengoed in een vrije samenleving.

Eén verhaal gaat over de weerzinwekkende wreedheid waarmee Angola's belangrijkste dichter, Agostinho Neto, werd behandeld vóór de huidige ongeregeldheden uitbraken. Dr. Neto was een van de vijf Afrikaanse artsen in Angola. Zijn inspanningen om de medische zorg voor de Afrikanen te verbeteren waren onacceptabel voor de Portugezen. In juni vorig jaar brak de politieke politie zijn huis binnen, ranselde hem af voor de ogen van zijn familie en sleepte hem mee. Sindsdien zit hij gevangen op de Kaap Verdische Eilanden, zonder aanklacht of proces. Uit Roemenië zullen we het verhaal publiceren van Constantin Noica, de filosoof die werd veroordeeld tot 25 jaar cel omdat zijn vrienden en leerlingen hem bleven bezoeken om naar zijn voordrachten over filosofie en literatuur te luisteren, terwijl hij verbannen was naar het platteland. Het boek zal ook vertellen over de Spaanse advocaat Antonio Amat, die probeerde een coalitie van democratische groeperingen te vormen en die zonder proces gevangen zit sinds november 1958. En over twee blanke mannen die zijn vervolgd door hun eigen ras, omdat zij verkondigden dat gekleurde mensen dezelfde rechten zouden moeten hebben. Dat zijn Ashton Jones, een vijfenzestigjarige predikant die het afgelopen jaar verschillende keren werd opgejaagd en drie keer gevangen werd genomen in Louisiana en Texas omdat hij deed wat de Freedom Riders nu doen in Alabama; en Patrick Duncan, de zoon van een voormalige Zuid-Afrikaanse gouverneur-generaal, die na drie jaar verblijf in de cel zojuist via een order te verstaan heeft gekregen dat het hem de komende vijf jaar verboden is welke bijeenkomst dan ook te bezoeken of toe te spreken.

De techniek van het publiceren van de persoonlijke verhalen van een aantal gevangenen van tegengestelde politieke richtingen is nieuw. Er is toe overgegaan om de mislukking van eerdere amnestiecampagnes te vermijden, campagnes die vaak meer belang hechtten aan het publiceren van de politieke overtuiging van de gevangene dan aan de humanitaire doeleinden.

Hoe kunnen we de mate van vrijheid in de wereld vandaag de dag vaststellen? De Amerikaanse filosoof John Dewey heeft eens gezegd: `Als je een beeld van de maatschappij wilt vormen, zoek dan uit wie het doelwit is'. Het is een moeilijk op te volgen advies omdat er weinig regeringen zijn die onderzoeken verwelkomen naar het aantal gewetensgevangenen dat zij gevangen houden.

Een andere vrijheidstest die men kan gebruiken is de mate waarin het de pers is toegestaan de regering te bekritiseren. Zelfs veel democratische regeringen zijn verrassend gevoelig voor perskritiek. In Frankrijk heeft generaal de Gaulle het in beslag nemen van kranten geïntensiveerd, een beleid dat hij heeft geërfd van de Vierde Republiek. In Engeland en de Verenigde Staten wordt bij gelegenheid geprobeerd de angel uit de perskritiek te trekken, door de uitgevers in vertrouwen te nemen inzake `staatsgeheimen' zoals in het geval van de `Zwarte spion'*. Binnen de Britse Gemenebest heeft de regering van Ceylon een aanval geopend op de pers en dreigt ze de hele bedrijfstak aan politieke controle te onderwerpen. In Pakistan is de pers overgeleverd aan de uitzonderingswetgeving. In Ghana opereert de oppositionele pers met vele wettelijke beperkingen. In Zuid-Afrika, dat woensdag de Gemenebest zal verlaten, is de regering bezig verdere wettelijke maatregelen te treffen om publicaties te censureren. Buiten de Gemenebest is persvrijheid met name in gevaar in Indonesië, de Arabische wereld, en Latijns-Amerikaanse landen zoals Cuba. In de communistische wereld en in Spanje en Portugal is perskritiek op de regering zelden toestaan.

Een derde vrijheidstest is de mate waarin de regering een politieke oppositie toelaat. De na-oorlogse jaren lieten een uitbreiding zien van dictatoriale regimes in Azië en Afrika. Daar waar wordt voorkomen dat een oppositiepartij kandidaten naar voren brengt of dat de verkiezingsuitslagen worden achterhaald, staat voor de regering veel meer op het spel dan alleen haar eigen toekomst. Ook al zijn meerpartijen-verkiezingen omslachtig en brengen coalities het risico van een instabiele regering, er is tot nu toe geen andere manier gevonden om de vrijheid van minderheden en de veiligheid van non-conformisten te garanderen. Welke waarheid er ook zit in de oude opmerking dat democratie niet strookt met het opkomend nationalisme, we moeten ons ook Churchill's uitspraak herinneren: `Democratie is een verdomd slecht regeersysteem, maar niemand heeft nog een beter bedacht'.

Een vierde vrijheidsproef is of degenen die beschuldigd worden van aanvallen tegen de staat, een snel en openbaar proces krijgen voor een onpartijdig hof: in hoeverre het ze is toegestaan getuigen te laten oproepen, of de advocaat zijn verdediging mag voeren op de manier waarop hij denkt dat dat het beste is. In de afgelopen jaren is er een teleurstellende ontwikkeling geweest in verschillende landen die pretenderen een onafhankelijk rechtssysteem te hebben. Door de noodtoestand af te kondigen en hun opponenten in `voorlopige hechtenis' te nemen, zijn de regeringen afgestapt van de noodzaak om criminele aanklachten op te stellen en te bewijzen. Het andere uiterste treft u aan bij het enthousiasme in Sovjet-landen waar instituties worden opgezet die de naam rechtbank dragen maar daar niet in de verste verte op lijken. De zogenaamde `kameraadschappelijke rechtbanken' in de U.S.S.R., die de bevoegdheid hebben zich bezig te houden met `parasieten', zijn in werkelijkheid niet meer dan afdelingen van het ministerie van Arbeid; zij selecteren `onaangepasten' die naar uithoeken van Siberië worden verbannen. In China vindt de migratie van arbeidskrachten door een zogenaamd juridisch proces op reusachtige schaal plaats.

De snelste manier om gewetensgevangenen verlichting te bieden is via de publiciteit, met name publiciteit onder hun medeburgers. Vanwege de druk van opkomend nationalisme en de spanningen van de Koude Oorlog zijn er situaties waarin regeringen genoodzaakt zijn noodmaatregelen treffen om hun bestaan te beschermen. Het is van groot belang dat de publieke opinie erover waakt dat deze maatregelen niet excessief worden of worden aangewend als het gevaar geweken is. Als de noodtoestand lange tijd moet duren, dan zou de regering er toe bewogen moeten worden haar tegenstanders uit de gevangenis te laten en hun de gelegenheid te bieden asiel aan te vragen in een ander land.

Hoewel er geen statistieken zijn, is het aannemelijk dat de afgelopen jaren geleidelijk aan minder mensen asiel hebben verkregen. Dit heeft niet zo zeer te maken met het feit dat andere landen niet bereid zijn om asiel te verlenen als wel met de verbeterde grenscontrole waardoor het moeilijker is weg te komen. Pogingen om tot een werkbare internationale overeenkomst inzake asiel te komen, binnen de Verenigde Naties, hebben zich jaren voortgesleept met weinig resultaat. Ook is er het probleem dat er in veel landen beperkingen ten aanzien van werk gelden voor immigranten. Zo lang er geen genoeg werk is in de `gast'landen is het recht op asiel grotendeels een leeg begrip. Appeal for Amnesty 1961 wil helpen passend werk te verschaffen voor politieke en religieuze vluchtelingen. Het zou goed zijn als er in de gastlanden een centraal arbeidsbureau werd opgezet voor deze mensen in samenwerking met de werknemersorganisaties, vakbonden en het ministerie van Arbeid. In Groot-Britannië zijn er verschillende organisaties bereid vertaal- en correspondentiewerk uit te besteden aan vluchtelingen, maar er is geen mechanisme om vraag aan aanbod te koppelen. De regimes die hun onderdanen weigeren asiel te laten zoeken in andere landen omdat ze denken dat ze alleen naar het buitenland gaan om samen te zweren, zouden misschien minder weerstand bieden als zij wisten dat de vluchtelingen niet hun tijd slijten in doelloze frustratie.

De leden van de Raad van Europa hebben overeenstemming bereikt over een mensenrechtenverdrag en hebben een commissie opgezet om het afdwingen daarvan veilig te stellen. Sommige landen zijn met hun burgers overeengekomen dat zij de commissie individueel kunnen raadplegen. Maar andere landen, waaronder Groot-Britannië, hebben geweigerd de jurisdictie van de commissie te laten gelden in individuele gevallen. Frankrijk heeft zelfs geweigerd de conventie te ratificeren. De publieke opinie zou moeten aandringen op het instellen van een supra-nationaal orgaan, niet alleen in Europa, maar op vergelijkbare wijze in andere continenten.

Dit is een bijzonder passend jaar voor een Amnesty-campagne. Het is het eeuwfeest van president Lincoln's inauguratie en het begin van de burgeroorlog die een eind maakte aan de Amerikaanse slavernij; het is ook de honderdste verjaardag van de emancipatie van de Russische Serven. Honderd jaar geleden maakte Mr. Gladstone een eind aan de onderdrukkende plichten met betrekking tot het drukken van kranten en vergrootte hij de reikwijdte en de vrijheid van de pers. 1861 markeerde het einde aan de tirannie van Koning `Bomba' van Napels, en de stichting van een verenigd Italië; het was ook het jaar waarin Lacordaire stierf, de Franse dominicaan die tegenstander van onderdrukking door het huis van Bourbon en Orléans.

De mate van succes van de Amnesty-campagne 1961 is mede afhankelijk van hoe scherp en invloedrijk de publieke opinie is te verenigen. Het is ook afhankelijk van de mate waarin de campagne allesomvattend is in samenstelling, een internationaal karakter heeft en politiek onopartijdig is. Iedere groep die bereid is vervolging te veroordelen ongeacht waar die plaats vindt, wie verantwoordelijk is of wat de onderdrukte ideeën zijn, is welkom deel te nemen. Hoeveel er bereikt kan worden als mannen en vrouwen van goede wil zich verenigen is gebleken tijdens het Wereldvluchtelingenjaar. Onvermijdelijk kan de meeste actie waar de campagne toe oproept uitsluitend door regeringen worden ondernomen. Maar de ervaring leert dat in gevallen zoals deze de regeringen slecht bereid zijn te volgen waar de publieke opinie leidt. De druk van de opinie zorgde honderd jaar geleden voor de emancipatie van de slaven. Het gaat er nu om aan te dringen op dezelfde vrijheid voor de geest als die reeds is gewonnen voor het lichaam.

Recent bekeken pagina's

Amnesty International: voor de mensenrechten

Amnesty International werkt voor naleving van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en andere internationale verdragen en verklaringen voor de mensenrechten. Wij doen over de hele wereld onderzoek naar schendingen van de mensenrechten en voeren actie om die schendingen tegen te gaan.