Assimilatie
De geschiedenis van Duitsland na 1945 illustreert deze stelling. Verreweg de meeste Duitsers die zich in meer of mindere mate hadden geassimileerd aan het Derde Rijk‚ assimileerden zich na 1945 zonder grote problemen aan de liberale democratie die de Bondsrepubliek bezig was te worden. Zij hadden uiteraard voordeel bij deze assimilatie. Wie na 1945 een nazi wilde blijven‚ had de tijdgeest niet aangevoeld. Een zekere assimilatie is niet alleen noodzakelijk‚ maar vaak ook wenselijk. Het beschavingsproces is gebaseerd op de terechte veronderstelling dat mensen zich zullen aanpassen aan veranderende (en beschaafdere) normen‚ als een voorhoede dat doet. Deze assimilatie is in praktijk een vorm van opportunisme: dit gedrag wordt hier gewaardeerd‚ dus vertoon ik dit gedrag.
Mensen hebben morele instincten waardoor zij niet rücksichtslos het voor hen meest profijtelijke gedrag vertonen. De ervaring leert echter dat als de massa om ons heen een bepaald voorschrift met voeten treedt (bijvoorbeeld het voorschrift niet voor te dringen) het erg verleidelijk‚ misschien zelfs onvermijdelijk‚ wordt dat voorschrift ook met voeten te treden. Dezelfde assimilatie die het beschavingsproces vooruit heeft geholpen en nog steeds vooruit helpt‚ kan in praktijk ook collaboratie betekenen met een misdadig regime.
In de jaren tachtig meende het progressieve volksdeel dat een boycot van Shell‚ dat banden onderhield met het apartheidsregime in Zuid-Afrika‚ bij zou dragen aan de val van dat apartheidsregime. Intussen wil ook het progressieve volksdeel liever niet meer voorgeschreven krijgen waar ze benzine tanken en waar ze hun kleren kopen. Zeer begrijpelijk‚ en ook deze wens hoort overigens bij de tijdgeest. Maar uiteraard houden veel bedrijven waar wij onze producten kopen banden met regimes die mensenrechten met voeten treden.
Wij zijn ons steeds bewuster van het lijden van het varken en de koe vóór het vlees op onze tafel wordt. Maar wij lijken ons er niet steeds bewuster van dat de fabrieksarbeiders die onze elektronische apparaten en onze schoenen in elkaar zetten dikwijls ook lijden.
Ik pleit hier niet voor een boycot van bepaalde producten. Om te beginnen kan zo’n boycot ongewenste neveneffecten hebben. Het kind dat in de schoenenfabriek werkte‚ kan door de boycot in de prostitutie terechtkomen. Maar de logica die sommigen verleidt tot vegetarisme (zielig voor het dier) zou ons ook kunnen verleiden bepaalde producten niet meer aan te schaffen (zielig voor de arbeider). Een doorslaggevend argument vóór opportunisme zou kunnen zijn dat de arbeider zonder arbeid onder mensonterende omstandigheden nog slechter af is.
Een grijze zone dus‚ waarin wij ons vrijwel allemaal bevinden.
Reageren? wordtvervolgd [at] amnesty [dot] nl
Lees dit en andere verhalen deze maand in Wordt Vervolgd. Vraag een gratis proefnummer aan.
Of neem een abonnement. U ontvangt 10 nummers voor maar 35 euro per jaar (of minder als u lid van Amnesty bent).
