Vrees voor geweld bij demonstraties Iran
Politie en de rechterlijke macht hebben de afgelopen dagen gewaarschuwd dat anti-regeringsdemonstraties niet getolereerd zullen worden. Amnesty vreest dat deze waarschuwingen en de eerdere golf van arrestaties bij demonstraties nieuwe gevallen van regeringsgeweld in de hand zullen werken.
Amnesty International erkent dat de Iraanse autoriteiten de openbare orde en veiligheid moeten handhaven, maar dit betekent niet dat het neerslaan van een vreedzaam protest te rechtvaardigen is. Niemand mag worden onderworpen aan mishandeling en wie beschuldigd wordt van gewelddadige acties moet een eerlijk proces krijgen dat in overeenstemming is met het internationale recht.
Sinds de presidentsverkiezingen van juni 2009 worden vreedzame demonstraties tegen de regering hard neergeslagen. Volgens de Iraanse autoriteiten zijn daarbij veertig doden gevallen. Amnesty denkt dat er in werkelijkheid minstens tachtig mensen zijn omgekomen. En misschien nog wel meer. Duizenden demonstranten werden gearresteerd en velen van hen gemarteld of op andere wijze slecht behandeld. Een groot aantal demonstranten werd na een showproces veroordeeld wegens het in gevaar brengen van de nationale veiligheid. Maar de exacte beschuldigingen bleven onduidelijk.
Meer dan duizend aanhoudingen
Bij de meest recente massademonstraties op 26 en 27 december 2009 werden meer dan duizend mensen gevangen gezet. Sindsdien zouden nog tweehonderd anderen zijn opgepakt in hun huis of op hun werk en daarna vastgezet.
Mahin Fahimi is één van de demonstranten die eind december werd opgepakt. De historica is lid van de groepering 'Moeders voor de Vrede', die actie voert tegen mogelijke militaire inmenging in Iran vanwege diens nucleaire programma. Haar man, Hamid Montazeri, is in 1988 geëxecuteerd vanwege politieke redenen. Fahimi is de tante van Sohrab Arabi, één van de slachtoffers van het excessieve geweld dat werd gebruikt tijdens de demonstraties van afgelopen zomer.
De 62-jarige Zohreh Tonekaboni, vriendin van Fahimi en medeoprichtster van 'Moeders voor de Vrede', zit vast sinds 28 december 2009. Amnesty voerde campagne voor haar toen zij in 1980 vast zat als gewetensgevangene. Haar echtgenoot werd net als de man van Mahin Fahimi gedood bij het 'gevangenisbloedbad' van 1988.
Op 27 januari zei de Iraanse vice-minister van Inlichtingen dat ongeveer dertig van de opgepakte demonstranten banden hebben met linkse groeperingen of neo-communistische sympathieën koesteren. Dit laatste zou het geval zijn bij leden van 'Moeders voor de Vrede'. De familie van Mahin Fatimi en Zohreh Tonekaboni ontkennen dit met klem, zij zeggen dat de organisatie geen enkele politieke kleur heeft.
Meer informatie:
In het Engelstalige persbericht
Landenpagina Iran

