'Israël moet Palestijnse activisten vrijlaten'
In een brief aan Ehud Barak, de Israelische minister van defensie en vice-premier, heeft Amnesty International zijn bezorgdheid uitgesproken dat Jamal Juma', Abdallah Abu Rahma en Mohammed Othman gewetensgevangen zijn en vast worden gehouden omdat ze op legitieme wijze hun weerstand tegen de muur kenbaar hebben gemaakt. 'Als dit het geval is, moeten zij direct en onvoorwaardelijk worden vrijgelaten', zegt Malcolm Swart, hoofd van Amnesty Internationals Midden-Oosten en Noord-Afrika programma.
Jamal Juma' is de coördinator van 'Stop the Wall'-campagne en een vooraanstaand mensenrechtenactivist. Hij werd op 16 december 2009 opgepakt en heeft sindsdien slechts beperkt contact met zijn advocaat gehad. De reden voor zijn arrestatie is niet bekend gemaakt. Juma' zit vast onder militaire wetten, waardoor hij maximaal 90 dagen kan worden vastgehouden voor verhoor zonder aanklacht of proces.
Abdallah Abu Rahma, hoofd van de ‘Popular Committee Against the Wall’ in Bil'in, werd op 10 december gearresteerd. Hij wordt beschuldigd van uitlokking, het gooien van stenen en wapenbezit. Mohammed Othman, vrijwilliger bij 'Stop the Wall', zit zonder aanklacht vast sinds 22 september 2009. Hij werd opgepakt toen hij terugkeerde van een bijeenkomst met activisten in Noorwegen.
'Deze drie mannen staan bekend om hun verdediging van de mensenrechten voor Palestijnen. In het onwaarschijnlijke geval dat er echte redenen zijn om deze mannen te vervolgen, moeten ze aangeklaagd worden voor herkenbare misdrijven. En ze moeten berecht worden in volledige overeenstemming met de internationale normen voor een eerlijk proces', zegt Malcolm Smart.
Het Internationaal Gerechtshof stelde in 2004 vast dat de bouw van een hek of muur op de bezette West Bank in strijd is met internationale wetten en dat deze ontmanteld moet worden. Israel heeft die bepaling naast zich neergelegd.

